Recente afbeeldingen

  • +
    19036
  • +
    19035
  • +
    19034
  • +
    19033
  • +
    19032
  • +
    19031
  • +
    19030
  • +
    19029
  • +
    19028
  • +
    19027
  • +
    19026
  • +
    19025
Meer over de fotografie vind je hier »

Meest recente microverhalen

Recente waarderingen

Het lege hoofd
Griezelig goed.- Guido Aerts op 13 Jun 2019

Duisternis
Mooi en ontroerend.- Autisme Storm op 12 Jun 2019

De zwartkijker
Grappig einde! Toch origineel gevonden voor zo een moeilijke foto.- Autisme Storm op 12 Jun 2019

De zwartkijker
Een prachtig microverhaal.- Hans Stavleu op 6 Jun 2019

Hemels spel
Verrassend verhaal!- Hans Stavleu op 1 Jun 2019

Z’n lust en z’n leven
Het laatste woord...- Ben op 26 May 2019

Het schip van de woestijn
Weer zo'n verhaal om van te genieten. Mocht je ooit…- Hans Stavleu op 24 May 2019

Apple Pie
Grappig verhaal!- Hans Stavleu op 24 May 2019

Een Nederlandse Amerikaan die zie je al van verre staan…
Sorry, maar de meeste Amerikanen zijn wel nog steeds Wild…- Guido Aerts op 22 May 2019

Z’n lust en z’n leven
Aandoenlijk. Alsof je Joris persoonlijk kent.- Edith E. op 22 May 2019

Alle microverhalen

op een rij
Er zijn 335 verhalen


Auteur: Gi

Uit: ‘Leerboek voor de Wandel-GPS instructrice’


Je staat onderaan met de rug naar de trappen.
We stellen dit in als ‘thuis’.

Wil je gewoon een hoekje omlopen?

Draai dan linksom en begin te stappen naar boven tot op het eerste platform. Daar draai je naar links en stapt een trede voorwaarts. Weer draai je linksom en klim je verder. Na het tweede platform loop je door naar beneden. Onderaan de trap draai je naar links, daal je en ben je weer thuis.

Wil je de verdere omgeving verkennen? Verdriedubbel dan het aantal trappenseries: naar boven, naar beneden, naar boven. Draai links en herhaal de serie in omgekeerde volgorde.

Wil je ooit hogerop raken moet je af en toe rechts afslaan. Dit moet wel op het juiste moment gebeuren en op dezelfde plek bij het afdalen, wil je ooit terug thuis geraken.

Volgende les behandelen wij in dit stappenplan de rechts variant met links als tweede keuze.





Auteur: Autisme Storm

Het lege hoofd


Zijn hoofd voelde leeg en licht.

Alsof ze zijn hersenen eruit hadden genomen.

Het had allemaal weinig om handen.

Dat zei zijn buikgevoel, alhoewel hij nooit een dikke buik gehad had.

En het werd er niet beter op met de jaren.

Hij probeerde de anderen bij te benen.

Maar er was meer been dan been aan zijn been.

Hij leek hen angst in te boezemen.

Alhoewel zijn leven op een dood einde was gestuit.

Het bleef stilstaan.

Het was gedaan, zorgen van de baan en zijn lichaam naar de maan.

En toch bleven ze hem bleekscheet noemen.

Gelukkig dat zijn hoofd leeg en licht was en hij niet over zulke dilemma’s diende na te denken.

Ze vroegen hem alleen nog met Halloween.

Voor andere feesten wilde niemand hem nog zien.





Auteur: Gi

Schuitje van Alzheimer


Al was hij geen familie, ook wij mochten hem Babs noemen, de roepnaam die zijn nakomelingen hem gaven.

Hij was een verwoed hobbyzeiler en bouwde eigenhandig zeilboten, de laatste inclusief kajuit en kombuis. In zijn tuin prijkte het indrukwekkend houten geraamte.

Mijn echtgenote, die hij steevast ‘mijn grote vriendin’ noemde, reikte amper tot zijn borstkas, de boomgrote man met zijn peperkoeken hart. Mams, zijn liefste eega was een eersteklas bootsmaatje.

Ooit voeren wij samen op de Westerschelde: een unieke belevenis!

Zijn kinderen werden ervaren zeilers, één haalde zelfs de Olympische Spelen.

Grootmoeder zaliger zei ooit : “De oude dag is een zware slag.” In het getaande zeemanshoofd van Babs ging het langzaam fout.

Hij bouwde nu minuscule houten schuitjes die hij uitdeelde aan bezoekers.  Zijn huis stond er vol van.

Ons herkende hij plots niet meer. Wij keerden triest huiswaarts zonder bootje maar Babs bleef overeind in ons hart.





Auteur: Random X

Duisternis


Al tijden bevond ik mij in de duisternis.

Ik kon niets meer zien. Geen hand voor ogen.

Het voelde leeg en eenzaam. Alsof het leven uit mij was gezogen.

Alsof mijn ziel zich niet meer wilde verbinden met de aarde.

Ik stond aan de zijlijn van alles en iedereen.

Als een schim aanschouwde ik alles, zonder het daadwerkelijk te zien.

Ik hoorde het, ik rook het, ik proefde het. Maar mijn zicht liet mij in de steek.

 

Op een dag toen ik mijzelf weer vond aan de rand van de wanhoop, zag ik plots een licht.

Het was klein en in de verte, maar het feit dat ik überhaupt iets zag gaf mij hoop.

Het licht kwam dichterbij, gedragen door een vrouw.

Ze glimlachte naar me. ‘Ga je mee?’ vroeg ze. ‘Het is tijd.’

Ze nam mijn hand in de hare en samen liepen wij weg. Weg van het leven.





Auteur: Random X

Uitdaging


Greet was op zoek naar een nieuwe, spannende en uitdagende ervaring.

Ze had al in geen tijden meer iets opwindends gedaan.

En er was een hoop dat zij had uitgeprobeerd.

Bungeejumping, parachute springen. Ook liet ze zich wekelijks uit een rijdende auto vallen.

Ze was op safari geweest, met de jeep tussen de leeuwen en olifanten.

Australië was ook geen onbekend terrein voor haar.

Maar er miste iets.

Er moest toch iets zijn wat ze nog niet had geprobeerd in dit leven?

Op een zonnige ochtend liep ze naar de wasserette om haar kleding te wassen.

Ze kletste wat met haar overbuurvrouw en raakte afgeleid door de wasmachine die op een hoge snelheid rond draaide.

Ze trok even haar wenkbrauw op. Wacht ‘s even…

Ze excuseerde zich tegenover de vrouw met wie zij praatte om zich vervolgens in een lege wasmachine te werpen. Eindelijk. Iets wat ze nog niet had geprobeerd.





Auteur: Gi

Schoonheidssalon


Het blijkt dat de föhn reeds bestaat sinds 1920.

Of wij een slordige vijfendertig jaar later al zo een ding in huis hadden, betwijfel ik.

Wat wel vast staat is dat wij in de keuken een kolenfornuis hadden met ovens waarin wij in de winter onze verkleumde voeten warmden.

Zo moet ook geschied zijn met onze knalgele kanariepiet. Hij kreeg hier en daar donkere pluimpjes en dus vonden wij dat hij een bad nodig had.  Wij wreven het diertje in met lauw water en Sunlight zeep. Dan spoelde wij hem af en lieten hem bij de kachel drogen.

Familieleden wisten niet waarom het diertje nadien eens zo vrolijk en hard floot.
Het overleefde nog tien jaar.

Toen  het kuikentje van mijn eigen dochtertje jaren later onder de modder zat, heb ik als volleerd expert het experiment overgedaan, ditmaal met helder water en een haardroger.  Het werd een prachtige eend.





Auteur: Edith E.

Bloemenweelde


Met haar zoete verleidingen lokt de achtertuin als één bontgekleurd geurig feest allerlei zoemende en gonzende insecten uit de omgeving naar zich toe. Dan weet je, tijd voor de mens om zich terug te trekken en het onkruid maar gewoon omhoog te laten komen, al was het alleen uit respect voor wespensteken. Die dieren zijn verzot op de witte, roze, gele en champagne kleurige rozen, de clematis en de vlierbes die met haar witte lading heel decoratief overal doorheen en bovenuit steekt.

Diverse bezorgde vogelmoeders geven luidkeels aan, dat ze mijn aanwezigheid in hun tuin nu welletjes vinden. Hun kinderen gaan voor alles. Gelijk hebben ze. Het grut moet veilig kunnen eten, opgroeien en leren vliegen. In de achtertuin kunnen ze naar hartenlust hun gang gaan. Gauw even enkele foto’s schieten, hier en daar wat lelijk woekergespuis wegplukken en vanachter de ramen verder genieten van deze explosie aan bloeiende bloemen.





Auteur: Gi

Zeewaardig


Anno 1970. Na zes maanden op zee meert het schip, of wat er moet voor doorgaan, aan op de kade.  Staven hangen vast met ijzerdraad die ik voor mijn tuinafsluiting nog te min zou vinden. Dikke touwen houden het boeltje bij elkaar.

Het vaart onder goedkope Liberiaanse vlag en behoorde ooit toe aan een gefortuneerde Griekse reder. Zulke scheepsmagnaten stonden er voor bekend dat ze hun vaartuigen, die rijp waren voor de schroot, doorverkochten aan louche bedrijven.

Aan boord word ik omringd door uitzonderlijk jonge matrozen met tronies die zo uit een piratenfilm stammen. Het is een samenraapsel van nationaliteiten maar het zijn vriendelijke zeerovers. Hun ogen spreken boekdelen. De ene vraagt: “Letters from home?”, de andere: “money for present?”

Ze glunderen als ik hun het stapeltje brieven toon. Ik hoop dat er voor hen iets bij zit en dat de touwen het houden tot ze hun geliefden zullen weerzien.





Auteur: Gi

De hoogste noot


Rijzig zal zij in het befaamde operahuis tevoorschijn komen uit het duister. Net voor ze de trap afdaalt concentreert ze zich op haar rol.

Haar ravenzwarte haren en kledij horen bij het donkere personage dat ze niet zomaar zal vertolken. Zij zal Norma zijn.

De parels die haar illustere voorgangster om de hals droeg in een meer dan zes miljoen keren bekeken YouTube filmpje, heeft ze in een kroon verwerkt.

Hun helderheid zal weldra weerklinken in haar sopraanstem.

Net na de solo van dwarsfluit en klarinet weerklinkt haar versie van ‘Casta Diva’.

Het publiek houdt de adem in. Ze haalt de hoogste noten. Koor en orkest begeleiden grandioos.

Bij het slotakkoord veert de zaal recht. Zelden wordt in deze muziektempel spontaan een staande ovatie gegeven.

Wordt La Callas vandaag onttroond?

Bij het groeten valt plots het parelsnoer uit haar kroon. Misschien toch rond de hals dragen volgende keer?





Auteur: Gi

De zwartkijker   ( ♥ )


Hij zit mokkend op een bank in het park. Een wandelaar neemt plaats naast hem.

Hij praat in zichzelf: “Alsmaar dozen. Trap op, trap af.  Breng ze naar de tweede verdieping. Daar staan ook weer dozen die naar beneden moeten. En dan alle dozen in de kelder. “

Voorzichtig vraagt de wandelaar: “Wat is er met die dozen, mijnheer?”

Hij antwoordt: “Zwijg toch man, voor mijn werk moet ik dozen dragen, naar boven, naar beneden. Steeds maar dozen.  Ik wordt  gek van die dingen.”

Meewarig kijkt de wandelaar de man aan en zegt: “Ik begrijp dat het niet gemakkelijk is.”

Ziedend antwoordt hij: “Hou toch op, kerel. Het is een klotezooi. En dan die trappen,  steeds weer trappen.  Wie bedenkt het?”

Geduldig vraagt de sympathiserende wandelaar: “Vertel eens, hoe lang doet u die job reeds?”

Verveeld staat hij op van de bank en jammert: “Morgen moet ik beginnen.”





Auteur: Gi

IJselijk


Op het uitgestrekte strand heerst een gezellige drukte.

Eindelijk is de vakantieperiode aangebroken waar ze beiden zo naar uit hebben gekeken.

Het skatepark is populair, maar voor niet-skaters iets te lawaaierig.

Na zijn halsbrekende  ‘grab trick’ in de lucht en perfecte landing wordt hij plots door het kolkende water neergesmakt en verzwolgen.

Zijn vriend die bewonderend toekeek wordt door de razend snel opgekomen tsunami honderden meters meegesleurd maar overleeft de ramp en blijft zelfs ongedeerd.

Van de reddertorens blijft enkel wrakhout over.

Later vindt men op zijn landingsplaats het lichaam van de verdronken speelgenoot, het skateboard stevig tegen zijn borst gedrukt.

Het is nu ijselijk stil op het totaal weggespoelde strand.  Enkel het ruisen van de zee is hoorbaar, de zee die er nu verachtelijk kalm bijligt als een uitgeraasd monster na een zwelgpartij.

Zal hier ooit nog gespeeld en gelachen worden?

Een tsunami aan tranen later misschien?





Auteur: Gi

Perspectief en standpunt


Dat Mien Sonneveld een dressoir had met plastic rozen en Mien Hermans moest weten waar de feestneus lag, wisten we al, maar dat een zo door en door Nederlands lied als ‘Tulpen uit Amsterdam’ van Duitse origine is, is op zijn minst verbazingwekkend.

Gelukkig zat Vincent Van Gogh voor een tuil echte zonnebloemen toen hij zijn meesterwerk schilderde.

Wie ooit op het idee kwam om zoiets teder, kunstig en prachtig als een bloem in geurloos afwasbaar plastic na te maken mag voor mijn part branden in de hel. Dat die afgrijselijke dingen dan ook nog ‘kunstbloemen’ worden genoemd en zelfs te koop worden aangeboden in de meeste bloemenzaken, gaat mijn groene petje te boven.

Nu ja, ach, als een mens op een warme zomerdag in zijn tuin staat tussen de bloemenpracht, worden bij het zachte zoemen van de bijen, zijn gemoederen als eens verhit.





Auteur: Gi

Hemels spel   ( ♥ )


Op een zonnige zondagmiddag  speelt de Heilige Drievuldigheid een partijtje golf.

Jezus, man van de wereld, kent het spel en roept zijn broertje toe dat hij mag beginnen.

Trillend speelt de Heilige Geest zijn bal,  die een drietal meter van het ‘hole’ neerkomt.

“Niet slecht, Bro, kijk zo speel je golf”, zegt Jezus en slaat de bal tot op enkele centimeters van het gat.

“Uw beurt, Daddy!” roept Jezus .

God de Vader stoomt vanbinnen.  Hij was altijd de grootste en zal dit blijven.

Zijn golfballetje flitst door de lucht. Voor het de grond raakt, springt een konijn uit het ‘hole’ en rent weg met de bal.  Een arend daalt neer en grijpt het konijn. De lucht verduistert.  Een bliksemschicht treft de arend, die op het golfterrein neerploft.  Het konijn lost de bal, die precies in het ‘hole’ belandt.

Zegt Jezus: “Toe, Pa, dit is maar een spelletje.”





Auteur: Gi

Linkerbeen, rechterbeen


Hij twijfelt  voor hij opstaat.

Moet hij gewoon uit  bed stappen of naar de overkant kruipen en dan opstaan?

Gisteren had hij het nog nagekeken.

Volgens  ‘Nederlandse spreekwoorden, spreekwijzen, uitdrukkingen en gezegden’ betekent:  ‘Met het verkeerde been uit bed stappen’ dat je voor de rest van de dag balorig en slecht gehumeurd bent.
Daarbij werd aangegeven dat ook in andere talen  het linkerbeen duidelijk het verkeerde is.

In een column van een bedfabrikant  was dan weer te lezen dat ‘lefties’ het best scoren.  De mensen die rechts uit bed stappen zouden chagrijniger zijn in de ochtend en minder plezier beleven in de uitvoering van hun taken.

Vandaag wil hij zijn honderdste microverhaal schrijven en hij wil niet dat het bij zijn lezers te negatief overkomt.

Zijn besluit staat vast.  Hij schuift naar het voeteneind van het bed en belandt met een fikse zwaai met beide voeten op de grond.

Ta-raa!





Auteur: Gi

Grijze muis


In de huidige verkiezingstijd wordt men weer om de oren geslagen met termen als links, rechts, centrum of extreem.

Om het voor de kiezer makkelijker te maken werden ooit kleuren bedacht die samengaan met het gedachtegoed van een politieke partij.

Buiten donkerbruin of zwart werd voor felle kleuren gekozen en ontbreken het fletse lichtgrijs, donkergrijs of beige.

Een ministerie bestond reeds voor de komst van de verantwoordelijke minister en blijft nog lang bestaan na diens vertrek.

Daarom is het hoofd van de administratie, de secretaris-generaal, dikwijls een belangrijker persoon dan de minister, die in het beste geval een volle legislatuur stand houdt.

Daar waar de minister zich kan tooien in partijkleuren, is vanuit die topfunctie kleur bekennen niet aan de orde.  Dat geldt ook voor de directeurs en ambtenaren van zijn ministerie.

Door hun zo onopvallend mogelijke kledij worden ze vaak, al of niet terecht, als ‘grijze muizen’ bestempeld.





Auteur: Gi

De spieder   ( ♥ )


Terwijl ze het slokje witte Sancerre doorslikt ziet ze hem staan boven op de rots.  Hij staat met zijn rug naar haar gekeerd.

Dan draait hij zich traag om en merkt ze dat hij een verrekijker vast heeft.

Ze ziet hoe het instrument tergend langzaam naar beneden wordt gericht.

Nu moet ze in haar volle glorie in beeld zijn.

Ze zet haar glas neer en vlijt zich achterover in het bad, de handen losjes over de rand.

De kijker blijft op haar gefixeerd.

Hij oogt jong en stoer en ze merkt dat zijn ruitjeshemd open hangt waardoor zijn blote sixpack zichtbaar is.

Net als ze zich opricht ziet ze de kleurrijke vogel die van het terras wegvliegt.

Samen met het dier is ook de bink verdwenen.

Later verneemt ze van de barman dat alle ramen van het hotel uitgerust zijn met driedubbel spiegelglas als bescherming tegen excessieve hitte.





Auteur: Cocky van Heest

Kabouterleed


Stefan, zeven jaar, gaat voor het eerst op schoolreisje. Ik weet niet wie het
spannender vindt: hij of ik. We pakken zijn tas in: broodjes en drinken. Hij krijgt
ook wat geld. Om een ijsje te kopen. Ik breng hem naar de bus, waar zijn
vriendjes al op hem wachten. Opgetogen stapt hij in de bus.

Eindelijk is het vijf uur: ik kan hem gaan ophalen. Ik sta met de andere ouders
te wachten. Blije kindjes komen een voor een de bus uit. En dan zie ik mijn
zoontje de bus uit stappen, met tranen in zijn ogen. Ik weet niet hoe snel ik bij
hem moet komen: ‘Wat is er, mannetje?’ Hij zegt: ‘Ik had een cadeautje voor
jou gekocht, een kabouterpuntenslijper. Maar ik ben hem kwijt geraakt.’

Ik troost hem.

Pas later zal hij beseffen dat dit nooit gegeven en nooit gekregen cadeau mijn
mooiste cadeau ooit is.





Auteur: César Noordewier

Het schip van de woestijn


Al urenlang liep ik met mijn jerrycan door de Sahara, op zoek naar een benzinepomp.

Op een gegeven moment bereikte ik een oase. Het enige teken van leven was een boekwinkel, met de naam ‘Ulysses’ in blauwe letters boven de deur.

Geen kip te bekennen.
De deur stond open. Ik zag een koffie- en theeapparaat, maar daar moesten muntjes in en ik had alleen maar een pinpas en een creditcard bij me.
Ik pakte een boekje uit de doos ‘Gratis en voor niets.’ Het was een verzamelbundel met de beste moppen van Max Tailleur.
Buiten in een hangmat moest ik een paar keer zo hard lachen om die typische humor, dat een bedoeïenenkaravaan die door de woestijn trok, poolshoogte kwam nemen.

Bij een stadje honderd kilometer verderop werd ik afgezet en via veel omwegen belandde ik uiteindelijk weer in Nederland.

Humor kan ook levens redden, zeker weten.





Auteur: Gi

Apple Pie


Nederland heeft sinds 1815 de Franse wapenspreuk : ‘Je maintiendrai’.  Sinds 1422 luidt die van het Verenigd Koninkrijk : ‘Dieu et mon droit’.

Een mogelijk verband is wellicht te ver gezocht maar feit is dat Fransen al maar beter Engels praten en op allerlei zangwedstrijden Engelstalige liedjes kwelen.

Het is ooit anders geweest, toen deze Franse zakenman in London in een coffeeshop eerst moest kijken wat anderen op hun bord kregen om dan met een zwaar accent een ‘Apple Pie and coffee’ te vragen.

Drie identieke maaltijden later,  hoorde hij  ‘Ham Sandwich’ zeggen en haastte zich om hetzelfde te bestellen,  wat ging als volgt:

Fransman: “Amme Centwiche.”
Waiter: “Would you like white or grey bread, Sir?”
Fransman: (nadrukkelijker)  “Amme Centwiche, monsieur.”
Waiter: (flegmatiek) “Yes, but do you prefer white or grey bread?”
Fransman: (wanhopig) “Amme Centwiche, non?”
Waiter: (zangerig) “White or greyeye?”
Fransman:  (berustend) “Apple Pie and coffee.





Auteur: Gi

De Stinus


Hij was een genie, deze leraar natuur- en scheikunde. Zijn broedernaam was Augustinus maar iedereen noemde hem ‘de Stinus’.

Hij weigerde zijn paddenstoelencollectie op sterk water te verkopen aan een museum dat er een fortuin voor bood.

Buiten de lesuren zag je hem in de bossen en velden zoeken naar een zeldzaam plantje, bloempje of insect.

Tijdens de lessen was hij de verstrooide professor die bij de kinematicaleer  vergat dat er geen stop aan de schuine rail zat waardoor de biljartbal telkens op de grond donderde.

Hij snoof tabak en na allerlei proeven,  veegde hij zijn vieze vingers  af aan zijn zwarte pij.
Hij ‘schoot in een Franse colère’ * toen een jarenoude spinnenweb werd verwijderd uit zijn chemielokaal.

Bij zijn overplaatsing naar een rusthuis werd zijn matras met een riek buiten het raam gestoken en verbrand.

Bij menig oud-student brandt nog het vuur van zijn begeestering voor de wetenschap.


* In een Franse colère schieten: Belgisch Nederlands: plotseling razend (kwaad) worden





Auteur: Edith E.

Een Nederlandse Amerikaan die zie je al van verre staan…


Anno 2019 wordt ons landje nog altijd geassocieerd met klompen, klederdrachten en vooral tulpen. Onbevattelijk. Met name Amerikanen hebben daar een handje van.

“O, you are Dutch? I just imagine those colourful tulip fields. I loooove Amsterdam!”

Nederland is en blijft Holland voor hen. Dat komt natuurlijk, omdat Michigan een Nederlandse nederzetting kent met molens, bloembollenvelden en typisch oud-Hollandse taferelen.

Zelfs mensen met wie ik al jaren correspondeer kunnen zich maar niet van dat beeld ontdoen. Ze zien mij vast rond hobbelen op klompen tussen de gekleurde tulpen. Het idee. Ik beschouw elke Amerikaan toch ook niet als een Wild West-figuur uit de film?

Slechts één maal heb ik gele klompjes gedragen: als kleuter van vijf  toen ik voor alle kinderen, ouders en juffen moest “optreden” en “Elsje Fiederelsje, zet je klompjes bij ’t vuur” zong. Speciaal voor die gelegenheid had mijn moeder een hoge stapel geurige pannenkoeken gebakken.





Auteur: Edith E.

Kattenwijsheid


Soms heb je rust nodig, rust in je geest, rust in je lijf. Gewone nachtrust is niet voldoende, want zelfs al droom je niet, jullie mensen zijn nooit helemaal vrij van stress.

Probeer de spanning uit je lichaam te verdrijven. Ga eens liggen. Nee, niet zo gedwongen alsof je gymnastiekoefeningen gaan doen, gewoon slap als een lappenpop. Benen languit, armen langs je lichaam, Kijk zoals ik doe. Nu. Sluit je ogen, zet je gedachten op nul en alle beren en wolven achter slot en grendel. Relax, vingers niet zo krampachtig. Jeetje, wat steken jullie mensen toch raar in elkaar. Láát de mensen bellen, laat die post in de brievenbus liggen. Tijd bestaat niet. Denk niet aan dingen die je toch niet kunt veranderen. Vergeet je plichten en aan alles wat je nog moet doen. Die afwas loopt niet weg. Hé waar ga je heen?

-Mensen ik zal ze nooit begrijpen.-





Auteur: Edith E.

De Willie Wortel van de klas


Als Edison de gloeilamp niet al had uitgevonden dan was het vele jaren later een vondst geweest van een oud-klasgenoot van de lagere school.

We konden het goed met elkaar vinden. Een aardige, vriendschappelijke jongen die vrijwel alles met iedereen deelde, van snoep tot postzegels.  Ik zie hem nog schuin voor mij zitten; benen languit over elkaar gekruist naar voren gestoken, armen gevouwen en de rest van het lijf achterstevoren in zijn bank. Het bord aan de muur liet hem koud evenals de onderwijzers. Hij was met andere, belangrijker dingen bezig, zoals het bedenken hoe hij een tafel kon laten zweven. Ongelogen waar, ik heb het met ding met eigen ogen gezien. De meesten vonden hem een beetje merkwaardig of ronduit gek. Ik denk, dat hij veel dagdroomde en allesbehalve gek was, maar waarschijnlijk intelligent. Het zal me niet verbazen als hij ingenieur is geworden.





Auteur: Ambrosius

De busstop


Elke morgen zie ik haar staan in weer, wind en zonneschijn en elke morgen hoop ik op wat aandacht. Ik neem mijn paraplu mee zodat ze bij mij kan schuilen bij regen, wind en zonneschijn. Ik zorg ervoor op tijd bij de busstop te zijn en wacht op haar. Terwijl zij nadert open ik mijn paraplu om die met haar te delen. We staan er onder en kijken elkaar diep in de ogen. Andere mensen staren naar ons alsof wij niet goed bij ons verstand zijn. Het maakt niet. Schijnt de zon, regent het pijpenstelen of waait de wind om onze hoofden, we staan daar. Steeds vaker hand in hand en vertellen elkaar de verhalen van elke dag. Soms vertelt ze wat ze die dag gekocht heeft. We delen onze diepste geheimen. Op een dag is het voorbij. De busstop is opgeheven en daarmee onze ontluikende liefde.





Auteur: Gi

Aliens


Ze verdwenen met de noorderzon, zo snel als ze gekomen waren. De lichtflits van hun ruimtetuig was nog net zichtbaar aan het wolkendek.

Was het de kleur of het nummer van de lijnbus?  Men had er het raden naar wat deze creaturen bezielde toen ze het stilstaande voertuig aan de halte eerst met een alles verschroeiende vuurstraal bestookten om het meteen daarna met een schuimbad te blussen.

Gelukkig zat niemand op de bus en de bestuurder, die net terugkeerde van een plaspauze was de enige getuige.

Het idee werd als ongeloofwaardig afgevoerd dat  dit een reclamestunt betrof van een lokaal wellnesscentrum.  Hun poster  op het wachthuisje had het over: ‘Eerst heerlijk warm in de sauna, dan lekker rillen in de ijskamer’.

Een bekende roddelkrant betaalde een fortuin voor het exclusieve verhaal van de buschauffeur.
De man nam nadien ontslag en reed nooit nog met een bus.





Auteur: Gi

Oh, sorry


Hij werd mijn  contactpersoon bij het extern PR-bureau.

Bij de eerste kennismaking, gooide  hij het bekertje om dat op mijn desk stond.  De koffie vloeide rijkelijk over mijn persverslagen.

Ook  collega’s merkten het:  de onbeholpen man liep tegen deuren aan of struikelde over snoeren, maar telkens bracht hij het er zonder kleerscheuren af.

Aan zijn ‘oh, sorry’ kon ik van ver raden dat hij op komst was.

Na zijn relaas dat hij ooit drie noodlandingen overleefde,  zocht ik een ‘uitvlucht‘ om niet samen naar een openingsceremonie in het buitenland te reizen.

Later hoorde ik dat hij met zijn baas was meegereden in een kleine MG sportwagen.  Op hun terugweg was die op een Duitse autoweg met een hert in aanrijding gekomen.

Zijn baas zat klem in het enorme gewei van het dier dat door de voorruit was gedrongen.
Verbijsterd, maar ongedeerd zat hij er naast en keek ernaar.





Auteur: César Noordewier

Geduldig als een krokodil


Slechts een handjevol gelukkigen ontkomt aan zijn wreedheid, zijn kilheid en zijn onbarmhartigheid.

Met het geduld van een krokodil ligt hij dagenlang te wachten op zijn machteloze prooi. Dit wachten wordt keer op keer beloond, week in week uit, jaar in jaar uit.

In fabrieken en winkels, op kantoren en terrassen, in bordelen en havens, langs wegen en kanalen, overal wordt hij gevreesd.

Bidden, duimen en hopen; allemaal vergeefse moeite, want één ding staat vast: eens per week verschijnt de maandag.





Auteur: Gi

En of ze kan strijken!


“Kutviool”, riep iemand toen ze in haar flat in Amsterdam stond te oefenen.

Sylvia Huang, dochter van een Chinese vader en Franstalige Belgische moeder is de enige Belgische finaliste die later deze maand deelneemt aan de wereldbefaamde Koningin Elisabethwedstijd voor viool in Brussel.

Op haar achttiende solliciteerde ze toevallig bij het Nationaal Orkest van België en werd er aangenomen.  Straks zullen de collega’s van toen haar begeleiden bij het finaleconcert.  Maar ook in Amsterdam zal men het concours met spanning volgen.  Na een auditie werd ze vijf jaar geleden lid van één van de beste orkesten ter wereld:  het  Koninklijk Concertgebouworkest (KCO),.

Met haar innemende glimlach is Sylvia op de groepsfoto de kleinste van de twaalf finalisten.  Elisabeth, de Koningin die haar naam verleende aan de wedstrijd speelde ook viool en was ook klein van gestalte. Wordt straks Sylvia koningin gekroond van de wedstrijd? Wij wensen het haar toe.





Auteur: Gi

Nur die


In 1973 was er oliecrisis. Een collega op het werk bezat een Amerikaanse slee waarvan het benzinetankvolume  drie maal groter was dan van mijn autootje.  Het verbruik  lag tien keer hoger, waardoor wij met een volle tank ongeveer hetzelfde aantal kilometers reden.

Toen haast alle andere droog stonden, bleef er in mijn tankstation nog voldoende dure vloeistof over om beide auto’s te vullen.  De slee moest dringend  twintig hamburgerbroodjes naar Luik voeren.

Wereldwijd, bezocht Kemmons Wilson, onze grote baas en oprichter van de Holiday Inn keten stiekem zijn hotels om na te gaan of de door hem opgelegde normen gerespecteerd werden.  Meestal lekte uit waar zijn onaangekondigde bezoekjes plaats vonden, die dag werd het Luik.

Eén van die verplichtingen was dat er kost wat kost authentieke Amerikaanse broodjes gebruikt werden bij de bereiding van hamburgers.

Naar verluidt vond de man de hamburgers perfect.  Nu ja, aan die ‘kost’-prijs!





Auteur: Gi

Autoluwte


Het gehelmde jongetje twijfelt of hij tussen die balkjes door kan fietsen.

Het langharige blonde meisje met haar speelgoedhondje aan de hand, krijst naar haar moeder dat zij hier de straat niet durft over te steken.

Inmiddels stapt de heer Maurits Cornelis Escher gezwind over zijn driedimensionaal zebrapad  en stelt de verbijsterde moeder en haar dochtertje  gerust dat er niets kan gebeuren.

Bij de openbare wedstrijd die door Verkeersveiligheid werd uitgeschreven om de binnenstad autoluw te maken werd zijn ontwerp toegejuicht en bekroond. Men zal fortuinen kunnen uitsparen aan onnodige verkeersborden.

De kosten voor de extra opleiding van spuiters van de wegmarkeringsbedrijven worden weggewuifd. Zij zullen trouwens eens te meer pret beleven tijdens de uitvoering van hun taken.

Wat de autobestuurders betreft?  Die zullen met hun gekoesterde wagentjes liever niet tegen deze laaghangende zwevende balken knallen en zullen het hazenpad kiezen.

Tot groot genoegen van de zebra’s.





Auteur: César Noordewier

Een geboren clown


Er staat ‘sukkel’ op mijn voorhoofd geschreven.
Ja, ik ben een geboren clown, een hansworst, een paljas, een sul, een schlemiel, een uilskuiken, een kalfskop, een ezel en een rund.

Veronique kon een leven als alleenstaande moeder met zes kinderen nauwelijks nog aan. Daarom was ze dolgelukkig toen ik in haar leven verscheen.

Ze zag algauw dat ik heel consciëntieus voor haar kinderen zorgde. Na een half jaar stapten we zelfs in het huwelijksbootje. Dat die boot meteen al zinkende was, ziet een goedgelovige natuurlijk veel te laat.

Al na onze huwelijksreis ging Veronique er met haar geheime minnaar vandoor en bleef ik achter met haar zes kinderen.

Ik heb ze al een keer in het bos achtergelaten, maar via broodkruimels hebben ze hun weg naar mijn huis weer gevonden. De vogels hadden blijkbaar geen trek die dag.

Een mooie zomer zou het allemaal wat draaglijker kunnen maken. Wie weet.





Auteur: Ambrosius

De pianoman


Het is zaterdagmorgen negen uur en ik zit op een bankje in het park. Ik kijk naar een zebra en zie een man. Hij raakt alleen de witte strepen en ik hoor dat elke streep een eigen klank heeft. Ik vraag de man of hij een liedje voor mij wil spelen. Wat voor een liedje vraagt de man. Gewoon een liedje, een mooi liedje met een zoete melodie en mooie woorden. De woorden kan ik niet spelen zegt de man maar de melodie wel. Zing jij met me mee dan speel ik de melodie. We spelen en zingen samen en al snel staan een paar mensen stil om te kijken en mee te zingen. Al snel ontstaat een kleine menigte zo op een zaterdag om negen uur, zingend, spelend en dansend. Het lijkt wel carnaval. Dit is aanzienlijk beter dan alleen, liggend op de bank, lurkend aan een fles. 





Auteur: Gi

Wegwijzer worden


Europa mag dan al jaren regeltjes bedenken en opleggen aan de lidstaten,  toch volstaat het even bij de buren te kijken om nog grote verschillen te merken.

Wil Vlaanderen ooit een fietsland worden als Nederland, dan is een enorme inhaalbeweging aan de orde.

Om de doolhof  in te dammen aan lijnen strepen en allerlei regels die aanduiden waar fietsers veilig de baan kunnen oversteken, heeft de Vlaamse Verkeersminister maatregelen getroffen, waaronder extra  straatmarkeringen.

De nieuwe bepalingen dienen nu in de wegcode te worden opgenomen. In de kranten leest men dat de wegcode een streepjescode dreigt te worden.

Her en der wordt ijverig geschreven om de fietsende Vlaming wegwijs te maken in de wirwar van markeringen.

Vele Nederlanders, Engelsen en  Noord-Fransen  zijn verzot op de Ronde van Vlaanderen en andere kasseiwegkoersen maar of ze zich in Vlaanderen ook buiten de koers op de fiets wagen, blijft een groot vraagteken.





Auteur: Gi

De quoi cause-t-on?


Tegen achten voor het aperitief, luidde de uitnodiging van Patrick en zijn Franstalige vriendin Hélène.

De ontvangst is hartelijk.  Bij de schare genodigden is een dame  van het doortastende type.  Ze  observeert mij goedkeurend,  vlijt zich in de zetel naast mij en vraagt waarover gepraat wordt: “De quoi cause-t-on?” Ik denk aan mijn Duitse buurvrouw die bij een buurtfeestje vroeg: “Was ist das Thema?”

Net als toen in het Duits wordt er nu in het Frans over koetjes en kalfjes gesproken. ‘Small talk’ zeggen de Engelsen.

Pas rond tien uur zegt Hélène tot Patrick: “Doe jij de wijn open, ik zal eens aan het eten beginnen”.

Wij zeggen niets maar denken: hoezo beginnen?

Gelukkig  is het spaghetti: 11 minuti al dente. De wijn is voortreffelijk maar verliest zijn smaak door Patrick’s saus die véél te pikant is.

Weten we morgen weer waarover wij kunnen praten.





Auteur: César Noordewier

Taxidermie


Vanwege de vele escapades van Robert, stond zijn huwelijk op springen.

Maar de goden zorgden ervoor dat het tij keerde.
Door wat gemorste tandpasta op de vloer van de badkamer ging Amalia hard onderuit en kwam met haar hoofd tegen de rand van de badkuip aan.
Ze lag een maand in coma in het ziekenhuis.

Toen ze uit die onzalige situatie ontwaakte, was iedereen uitzinnig van vreugde. Vooral Robert. Uit de harde schijf in de hersenpan van Anita waren namelijk alle herinneringen van het nabije verleden gewist.

Robert wist dat hij niet weer zo’n kans zou krijgen en hij deed zijn best zijn primitieve impulsen in te dammen. Hij zocht een hobby om zijn gedachten mee op te vullen en deed een cursus taxidermie.

Toen zijn vrouw vele jaren later van ouderdom stierf, wist hij haar op te zetten in zithouding. Zo kijken ze nog steeds iedere avond samen televisie.





Auteur: Cocky van Heest

Klare taal


Julian, mijn kleinzoon van zes jaar, benadert onze taal op een wiskundige manier. We kennen woorden zoals bijvoorbeeld gehoorzaam, geduldig en eerlijk. En de ontkennende vormen daarvan: ongehoorzaam, ongeduldig en oneerlijk. Het lijkt er sterk op dat het Nederlands een tamelijk logische taal is: niet = on. Julian past die regel altijd consequent toe: ‘Ik vind dat spelletje echt onleuk’ of ‘Ik ben ongoed in keepen’ of ‘Die slechteriks zijn eigenlijk best onslecht’. En ook al staan dergelijke woorden niet in het woordenboek, voor mij is het klare taal.

Maar soms is zijn wiskundig taalgebruik mij toch een brug te ver: ‘Oma, is het nog onvloed?’

Ik moet even nadenken voor ik hem antwoord kan geven. Maar dan begrijp ik hem. ‘Nee, mannetje, het is geen eb meer.’

Samen gaan we de zee in, want pas als de vloed opkomt mag hij gaan zwemmen.

Klare taal is soms pure wiskunde.





Auteur: Gi

De pientere klasgenoot


Omdat het bij het begin goed was

Zat ik graag naast je in de klas

Omdat je me snel ging vervelen

Wou ik de bank met een ander delen

Omdat het met geen ander lukken wou

Bleef ik ongewild gelinkt aan jou

Omdat er in de sterren stond

Dat niemand jou een toffe vond

Omdat met al jouw kennis en kunde

Je anderen nooit een steuntje gunde

Waren wij op de reünie van de klas

Niet verbaasd dat je er niet was

Daar heeft ook niemand om geklaagd

Buiten mezelf was slechts één iemand opgedaagd





Auteur: César Noordewier

Laat je niet naaien!


Drie wensen mocht ik doen van de gulle geest.

Mijn eerste wens was een Ferrari. Ik vergat het formaat te vermelden en de geest overhandigde mij een Dinky Toy.

Bij zo’n sluwe geest moest ik alert blijven, dus bij mijn tweede wens wilde ik op safe spelen en vroeg ik om een rimpelloos gezicht. Daarop gaf de geest me een tegoedbon voor een behandeling met Botox. Slim, hoor…

Nog maar één wens mocht ik doen. Nu mocht het absoluut niet meer misgaan.

Ik vroeg om een warme Hemaworst met mosterd.
De geest glimlachte. ‘Je leert snel,’ zei hij.
Dit keer kon hij er niet omheen en kreeg ik daadwerkelijk een warme Hemaworst, met mosterd, op een mooi bord.

De moraal van het verhaal: laat je niet gek maken door een uitgekookte geest en denk goed na voordat je een wens doet, dan zul je niet teleurgesteld worden.





Auteur: Gi

Spaghetti


Op vakantie leert Jacqueline, een bevallige Française, Bob, een knappe Nederlander, kennen.

Niettegenstaande de taalbarrière blijven ze elkaar  ontmoeten. Voertaal en  taal van de liefde wordt het Engels.

Zij wil zich niet aan het Nederlands wagen en voor hem is Frans uitgesloten, ook al noemt  zijn vriendin hem steevast  ‘Robèrt’ .

Om de communicatie te optimaliseren volgen ze een vervolmakingscursus Engels.

Aan de lessen neemt een  allegaartje van nationaliteiten deel. Door hun sympathie maken  de Duitsers en Indiërs veel goed maar hun tongval leidt vaak tot ergernis.

Op het einde van de cursus wordt een groepsfoto genomen. De fotograaf vraagt de cursisten om ‘cheese’ te zeggen.

De eerste foto mislukt omdat Jacqueline er staat met getuite lippen en Bob met opengesperde mond.  Uit pure routine vertaalden zij het woord en zegden respectievelijk ‘fromage’  en ‘kaas’.

Na overleg en druk uit Rome wordt voor het glimlachwoord ‘spaghetti’ gekozen.





Auteur: Gi

Raadsel


Af en toe gaan wij in de familiekring aan de slag met beelden uit een ver verleden.

Onlangs dook een oude foto op van een ver familielid die trots zijn nieuwe wagen toonde.  In de nabije familie was er buiten een oom-handelsreiziger niemand te vinden die toen reeds een auto bezat.

Meteen werd een zoektocht gestart naar het mysterieuze merk van de wagen.

Zelfs mijn zwager, een autofreak die in Nederland ooit een garage uitbaatte met verschillende automerken, bleef het antwoord schuldig.  Hij dacht wel dat het een Engelse wagen betrof.

Zelf ben ik niet zo onderlegd in wagens maar blijkbaar wel in het opzoeken van gegevens op het internet.  Al snel kon ik de overige familieleden met verstomming slaan met de oplossing van het raadsel: een Austin A40 Somerset uit 1954.

Ik heb zeer sterke vermoedens dat deze ‘Dotty’  tot dezelfde familie behoort.  Wie zal het zeggen?





Auteur: Gi

Grandeur


Wie het gedicht: “A las cinco de la tarde” van Frederico Garcia Lorca beluistert, vindt de Spaanse taal de mooiste op de wereldbol, ook al versta je geen jota van wat er die namiddag om vijf uur gebeurde.

Charles de Gaulle, de voormalige Franse president, wist het wel. De letterlijke en figuurlijke grote man had iets met de vrijheidsstrijders van de Spaanse revolutie.

Volgens een ludiekere overlevering legde hij ooit rond kersttijd in een charmant Frans dorpje bij de kerstkribbe een krans neer met het opschrift: ‘Du grand Charles au Petit Jésus’.

Nog iets lichtvoetiger is het verhaal dat tijdens de pauze bij een toneelvoorstelling in een Parijs theater iemand naast hem in de herentoiletten zei: “Belle pièce, mon général,”  waarop de Gaulle laconiek antwoordde:  “Regardez devant vous, monsieur.”

In beide gevallen kan men zich afvragen of het om zijn letterlijke dan wel figuurlijke ‘grandeur’ ging.





Auteur: Cocky van Heest

Kinderwens


Rutger, mijn vierjarige zoontje, is lekker aan het buitenspelen. ‘Jezus, Jezus!’ hoor ik hem opeens luidkeels roepen. Ik weet niet wat me overkomt: loopt mijn lieve kleine jongetje daar hardop te vloeken? Ik wil naar buiten rennen om hem tot de orde te roepen. Maar dan hoor ik het vervolg: ‘Jezus’ roept hij nogmaals, ‘gooi alsjeblieft een wolkje naar beneden, want dat wil ik zo erg graag!’ Ik moet lachen: waar een christelijke kleuterschool al niet goed voor is. Helaas worden er geen wolkjes naar beneden gegooid. Zou zijn geloof tekort schieten?

Jaren later blijkt zijn dochter Sofia, op dat moment ook vier jaar, precies dezelfde wens te hebben. Maar zij pakt de zaak veel directer aan. Ze richt zich rechtstreeks tot de witte watten zelf: ‘Clouds, clouds, kom naar beneden!’ beveelt ze streng. Maar het mag niet baten: ook dit dringende verzoek blijft zonder resultaat.

De kinderwens blijft onvervuld.





Auteur: César Noordewier

Het is maar net hoe de kaarten vallen


Na de huwelijksnacht nam Jelle even een verfrissende duik in zee.

Toen hij terugliep naar het strand, bleken zijn spullen te zijn gestolen. Ook zijn bril.
Bijziend als hij was, kon hij het hotel niet meer vinden, laat staan een opticien of de ambassade.

Zijn kersverse echtgenote Bettine vreesde dat hij met de noorderzon was vertrokken. Na drie dagen gaf ze hem als vermist op en nam het eerste vliegtuig terug naar huis .

Jelle sprak geen vreemde talen, dus noodgedwongen leefde hij vele jaren als bedelaar op de boulevard, in de hoop ooit voldoende te kunnen sparen voor de aanschaf van een bril.

Tien jaar later gooide een toeriste uit medelijden met zo’n ongewassen zwerver een euro in zijn hoed. Als hij een bril had gehad, dan had hij de tattoo van een dolfijn op haar enkel wel herkend.





Auteur: Gi

Verrijzenis


Bij haar plotse terugkeer in het Norland College stelde Mary zich destijds vragen. Was haar eerste opdracht geslaagd?

De schooldirectrice was niet mals geweest met haar kritiek.  Het is niet omdat je over een stel bijzondere talenten beschikt, dat je die op dergelijke manier moest uitspelen.

Inmiddels behoort het in 1892 opgerichte  instituut voor de opleiding van kinderjuffen tot de wereldtop.

Tijdens een druilerige nachtelijke wandeling  krijgt Mary een briljante inval.  Het idee is zo lumineus dat haar wonderparaplu er zowaar door oplicht. Ze zal opnieuw haar kans wagen.

Het is van 1964 geleden en Julie Andrews en Dick Van Dyck zijn respectievelijk 84 en 93 geworden, maar met haar supercallifragilisticexpialidocious-formule moet het mogelijk zijn jong talent te vinden om haar rol nieuw leven in te blazen.

Emily Blunt klaarde de klus en ‘Mary Poppins Retuns’ is een feit.

Het Norland motto luidt nog steeds: ‘Love never Faileth’.





Auteur: Hans Stavleu

Z’n lust en z’n leven


Al bijna twaalf jaar stapt hij elke ochtend trouw om half zes opgewekt uit z’n bed. “Pap, wakker worden,” roept hij dan hard door de bovenverdieping van het huis.

Klokslag zes uur staan ze op het perron. Zijn conducteurspet staat recht en het embleem van de spoorwegen pronkt fier op zijn donkerblauwe jas. Vanaf zijn achtste jaar is hij gefascineerd door treinen.

Na vijf minuten rijdt de eerste trein het station binnen. Als de deuren opengaan zwaait de conductrice opgetogen naar hem, “Goedemorgen, Joris, hulpconducteur!” Al het treinpersoneel kent hem immers.
Hij straalt van trots en roept “Goedemorgen, hoofdconducteur!”

Hij mag één halte heen en terug meerijden.
Joris kan niet wachten en blaast weer veel te vroeg op zijn keurig gepoetste fluitje.

Binnen een half uur is hij weer terug.
Hij geeft zijn wachtende vader lachend een high five.
Joris is altijd tevreden en goedgehumeurd. Hij voelt zich nooit Down.





Auteur: Hans Stavleu

Typoglycemia


Noiot sepdle ik mijn tekst goed. Tneitnmse, dat veondn mjin oeudrs en lrearen. Zij begerpen niet wat de reedn was dat ik ftoeun mkaate en ik beregep neit dat ze mijn tksteen niet goed vodenn.

Om het peelorbm te lijf te gaan werd er psoelsnrfioee hulp iergneoepn. Erest een taalkidngue die me wdoeron leettr voor lteetr leit sellpen. Dat gnig vgelnos deze helnreupvelr utkitesend. Diselyxe was het dus neit. Zroda ik dedleizfe wodeorn opchersef dan wred mjin tekst weer als selcht besltmpeed.

Vevognelrs wred ik naar een psiychtaer gsturued. Ik srpak nmaroal, maar ook vegnlos hem waern mijn geseervhcn wdoreon choas. Rsutgdnevee plilen brchaetn niet de oislpsong.

Tot solt wred er in een uainiervtisr znuihikees een heesrnsacn uegoreitvd. Dat leervde ook al geen rsateulat op, waar ze wel op htpeoon.

Alle exterps gaven het op.

Ik zie het prelebom niet. Iereeden kan mijn tsket toch lezen? Sllpieng wrodt zawar ochsevrat.





Auteur: César Noordewier

Bijkomen op een terras   ( ♥ )


Enigszins verveeld slenterden we door de stad. Tussen al het winkelende publiek zagen we ineens een man heel gedecideerd over straat lopen, een zak met bakstenen over zijn schouder.
Kin omhoog, borst naar voren, schouders naar achteren. Één en al energie. Zijn strakke blik verried dat hij zich niets aantrok van de mensen om zich heen. Zijn ferme pas verslapte geen moment.

We besloten onze kersverse held te volgen, in de hoop iets van zijn kordaatheid te absorberen, om zo nieuwe energie op te doen.
Linksaf, rechtsaf, winkelstraat, plein, rotonde, woonwijk, plantsoen.
Na zo’n twintig minuten kwamen we bij een grote brug aan.
Halverwege de brug hield hij stil en sprong ineens zo het kanaal in, de zak met bakstenen nog steeds over zijn schouder.

Dat zouden Spiderman, Batman of Superman nou nooit gedaan hebben.

Enigszins teleurgesteld keerden we terug om van een ijsje te genieten op een zonnig terras.





Auteur: Hans Stavleu

Over en uit


Snel veegt ze haar gestrekte wijsvingertje van rechts naar links over het scherm van haar zo geliefde tablet. Terwijl het kleurige bewegende beeld opzij schuift, denkt ze: “Nog maar een keer dit level proberen.”

Een boek lezen is niet echt haar hobby. Gamen is het enige dat haar rest nu het internetkastje dienst blijft weigeren. Haar basislevensbehoefte heeft haar vanavond in de steek gelaten. Geen WiFi. Geen Whatsapp, Spotify, Instagram, YouTube, of Netflix.

De volgende ochtend haalt ze haar tablet in het zwartleren hoesje uit haar tas en legt het op het contrasterende witte blad van haar schooltafeltje.

Haar leraar controleert haar huiswerk.
Hij raakt enigszins geïrriteerd.

Ze legt het kribbig uit. “Meneer, wilt u even nadenken? Ú heeft er immers voor gezorgd dat we al onze lessen én ons huiswerk alleen met een tablet kunnen leren en maken. Als er thuis geen WiFi is dan is het game over!





Auteur: Gi

Aan 850 per uur


Francorchamps is een bekend autocircuit in Franstalig België. In het nabijgelegen Spa wordt bronwater gebotteld dat zo beroemd werd dat men op restaurant in Nederland spa blauw of spa rood hoort te bestellen ook al krijgt men een Frans Evian of Perrier watertje opgediend.

Maar wist u dat de ‘pinson’ er een ander liedje zingt dan zijn naamgenoot, de ‘vink’ in Zuid-Nederland?

Langs beide kanten van de taalgrens zijn er wedstrijden, waarbij de vogel wint die de meeste riedels per uur zingt.  Waalse vogels mogen niet deelnemen in Vlaanderen want hun vinkenslag (het  einde van hun zangwijsje) klinkt anders.

De Franstalige vinkenslag klinkt inderdaad als ‘widjo’, terwijl  men in de Nederlandse versie ‘ouit’ hoort en waardoor de Vlamingen de vink ook een ‘suskewiet’ noemen.

Zeshonderd is een normaal aantal, maar de absolute kampioen is de suskewiet die maar liefst 850 keer zijn wijsje zong in één uur.





Auteur: Gi

22 maart 2016 Lente in Brussel…with God on their side


Religies geven hoop, scheppen wanhoop

Religies brengen vrede, waarborgen onvrede

Welke Bijbel leert over De Profeet ?

Welke Koran leert over De Messias ?

Moren moordden

Kruisvaarders vochten

Toon kinderen wat religies zijn en teweegbrengen

Maar voedt ze op zonder

Religies doen geloven dat je nooit zal sterven,

Eeuwig blijft leven

Al of niet in gezelschap van maagden

Welke maagden?

Zij, die op de luchthaven werden in stukken gereten?

Welk eeuwig leven?

Als de herinnering eraan

Alleen een verscheurd lijf is vol nagels en schrapnels

Troost je, zal de religie zeggen

Ook Hij kreeg nagels door zijn lijf

Die Allerhoogste in wiens naam velen crepeerden

En welke profetie brengt die profeet?

Voorspelde hij hoe bommen te maken?

Ze met verachting heimelijk te doen ontploffen?

Kniel voor je altaren of in je moskeeën

Zolang je nog knieën hebt en ze niet

Op de rails in de Maalbeek liggen.

 


Gi: Vandaag is het drie jaar geleden dat een bloedbad werd aangericht door religieuze extremisten op de luchthaven en in het metrostation Maalbeek te Brussel. Dit heftig protestgedicht vertolkt zonder twijfel ook het gedachtegoed van de  overleden Vlaamse filosoof Etienne Vermeersch.





Auteur: Gi

Bubbels


Zitten er in het brein van de mens bubbels?

Hoe komt het dat sommige herinneringen er zich als in een bubbel opslaan? Soms spat een bubbel uit elkaar en schiet je iets nooit nog te binnen.

Er zijn beelden uit het verleden die lang bijblijven. Soms zijn het fragmenten uit boeken of films die blijven rondtollen in je hersens.

Voor Ken Russell blijft het in 1970 bij een Oscarnominatie voor zijn verfilming van de roman van D.H. Lawrence  ‘Women in Love’ maar Glenda Jackson sleept als beste actrice het beeldje in de wacht.

In de film wandelt ze met haar zus naar een hoge boom met een schommel. Terwijl één van de zussen heen en weer wiegt zingt ze het liedje: ‘I m forever blowing bubbles’.

Het liedje zit als een bubbel in mijn hoofd en is onlosmakelijk verbonden met schommels die met kettingen aan hoge bomen zijn bevestigd.





Auteur: César Noordewier

De juiste match


Nu de werkloosheid afneemt, is het misschien tijd om een niet onbelangrijk aspect van werk onder de loep te nemen. Als bijna iedereen een baan heeft, is de volgende stap de juiste persoon op de juiste plek te krijgen, de plek die hem of haar van nature toekomt.

Iemand die mensen afblaft zet je niet achter de balie van een ziekenhuis, maar achter de balie van de Landelijke Vereniging van Masochisten. Dan heb je een win-winsituatie.

Een roekeloze buschauffeur haal je uit de bus en die bied je een opleiding tot formule-1 coureur aan. Dan zijn de risico’s vooral voor hemzelf.

Afgestudeerden van de toneelacademie kunnen rechtstreeks de politiek in, waar ze 24/7 naar hartenlust in de huid van een ander kunnen kruipen.

Homeopaten kun je vrij snel omscholen tot goochelaars.

En zo zijn er eindeloos veel mogelijkheden. Er valt dus nog een hele wereld te winnen…





Auteur: Gi

13.11.2015


Ze kennen elkaar nog niet zo lang.

Eindelijk heeft ze toegezegd om samen uit te gaan. Vanavond gaat het gebeuren.

Hij heeft nog net twee tickets  bemachtigd voor het concert.

Ze spreken af op het terrasje van ‘La belle équipe’.

Ze raken zodanig in gesprek dat ze de tijd uit het oog verliezen.   Hun conversatie krijgt een merkwaardige diepgang.  Er wordt zelfs gesproken over de toekomst.

Wanneer hun handen in elkaar strengelen begint een individu op het terras in het wilde weg rond te schieten.

Hij ontwaakt in het ziekenhuis uit de kunstmatige coma na een heelkundig ingrijpen.  Op het kastje naast zijn bed liggen de twee tickets van concertzaal  Bataclan.

Zij heeft het niet overleefd.

Vandaag stapt hij drie jaar na datum met zijn nieuwe vriendin naar de plaats en toont de enige witte stoel op het terras waarop zij zat toen ze getroffen werd, recht in het hart.





Auteur: Gi

Colaconcours


De blikjes verschenen pas in 1955 maar de eerste Coca-Colafabriek werd in 1894 geopend in Vicksburg, Mississippi.  Dat is dit jaar precies 125 jaar geleden.

Voor die gelegenheid wordt een internationale wedstrijd uitgeschreven met als opdracht : schrijf in precies  honderd woorden een zeer kort verhaal met als thema ‘verbondenheid’.

Dit concours gaat internationaal. Als hij het wint, zal zijn schrijftalent tot ver over de landsgrenzen bekend raken.

Zal hij enkele woorden inlassen uit één van de toegelaten talen? Neen, dan gaat het te veel  op een liedtekst voor het Eurovisiesongfestival lijken. Er moet toch een boeiend thema  te vinden zijn, niettegenstaande de beperking van het aantal woorden?

Wat? Is hij al aan vierenzestig?  Dat gaat snel. Vlug iets bedenken. Aan het vluchtelingenprobleem, de Trumpmanie, het Koreadebacle, de genderproblematiek, het klimaat  werd al genoeg tonerinkt verspild. Bestaat daarover  trouwens samenhorigheid in de wereld?

Ah, gevonden! Hij zal schrijven over: STOP!





Auteur: Gi

Send in the clowns


Wanneer is een clown gewoon en van wanneer is hij of zij eng?

Tegenwoordig hoef je niet aan coulrofobie te lijden om bang te worden van de lelijkerds die zich voor clown uitgeven.

Op het internet lopen de meningen over clownsfobie erg uiteen.  Voor de een komt het vrij veel voor bij kinderen maar ook bij tieners en volwassenen.  Voor de ander is het een weinig voorkomend fenomeen.

Van de Oudhollandse poppenkast tot de Commedia dell’arte vindt men binnen de familie van fratsenmakers  pierrots,  augusten, narren, paljassen, hansworsten en harlekijnen.

Tegenwoordig dragen ze andere namen zoals Cliniclowns, die zieke kinderen opvrolijken maar ook ziekelijke Crimiclowns, die in duistere gangstercomedies meespelen.

In welke gedaante ook hoort een clownsfiguur koppig, sluw, dom, slim, hyperactief, bang, toegeeflijk of vrolijk te zijn maar nooit angstaanjagend.

De griezels die zich met het inboezemen van angst bezig houden mogen zich voor mijn part doodschrikken, morsdood.





Auteur: Gi

Close up


Lang voor digitale fotografie bestond, betreed ik met John, de Nederlandse fotograaf  het restaurant waar het buffet reeds klaar staat.

Cees, zijn assistent baalt: “Dat is veel te vroeg.”

Ik treed zijn mening bij: ‘Straks is die sla verlept en zien die paardenogen er vies uit.’

Ze kijken mij beiden verschrikt aan: “Paardenogen?”

Ik stel hen gerust: “Dat is Vlaams voor spiegeleieren.”

“Aan het werk,” zegt John en zet zijn dure fotoapparatuur klaar.  Cees zoekt de klusjesman van het hotel  en komt terug met een spuitbus doorzichtige vernis.  Hij spuit het hele buffet vol met het goedje.

“Dit werkt altijd, “ zegt Cees: “voor het oog, niet voor de maag.”

Als we later de nieuwe hotelbrochure aan de directie voorleggen is met name de chef van het sterrenrestaurant in de wolken over de foto’s van zijn knapperig en ochtendfris buffet.

Over het trucje met de lak reppen wij geen woord.





Auteur: Hans Stavleu

Vorstelijke beloning


Terwijl ze een nagerecht met aardbeien voor het avondeten voorbereidt, draait ze zich om en zegt: ‘Pap, ik ben nu bijna vijftien. Volgend jaar wil ik een scooter. Kun je een vakantiebaantje voor me regelen?’

Hij fronst zijn wenkbrauwen waarbij de kraaienpootjes naast zijn ogen extra zichtbaar worden. ‘Je carrière is al helemaal voor je uitgestippeld en met ons inkomen heb je geen bijbaantje nodig.’

‘Mam, wat vind jij?’

Haar moeder mengt zich glimlachend in het gesprek tussen vader en dochter. ‘Je opa duwde je vader in de richting van watermanagement. Voor jouw toekomst en de toekomst van ons land kan een bijbaantje verstandig zijn. Ik zit aan voedseltechnologie te denken. Bovendien ben je stapelgek op aardbeien!’

De kweker uit Noord-Holland kijkt trots naar het reclamebord voor zijn kwekerij. Boven de grote aardbei voegt hij de tekst toe Koninklijk geteeld.

Amalia krabbelt er vrolijk onder: Aardbeien toe, een koninklijk besluit.





Auteur: Ambrosius

Weggooien is zonde!   ( ♥ )


Een oude brik rijdt door de straten van Marrakesh. Slingerend van rechts naar links en van links naar rechts. Een dronken bestuurder? Het zou kunnen maar niet waarschijnlijk. Ik kijk hem na en zie nu dat hij al slingerend, de gaten in de weg probeert te ontwijken. Afrika, Marokko en onderhoud, een contradictio in terminis. Altijd oppassen dat je niet in een gat valt of van een stoep afdondert. Ik kijk bij een werkplaats naar binnen en zie een man bedenkelijk kijkend, sleutelen aan de onderkant van een auto. Valt hier nog wat te halen? Ja natuurlijk. Hij doet mij denken aan mijn broer. Dezelfde entourage en alles kan en is te repareren. Niets is hopeloos. Bedenkelijk kijken? Neen, denkelijk kijken. Denkend aan de gaten in de weg en op welke wijze de auto, berekend op lokale omstandigheden, weer een tijdje mee kan. Het kan!





Auteur: Gi

Schilder


Schilder betekent  in het Duits Maler.

Mahler was geen schilder maar een magistraal componist en dirigent.

De vertolkingen van zijn werken onder leiding van iconen als Herbert von Karajan of Leonard Bernstein behoren tot de wereldtop in de klassieke muziekwereld.

Wie kon het droog houden in de film ‘Dood in Venetie’ van Luchino Visconti bij het Adagietto van Mahlers vijfde symfonie of in ‘Le Maître de Musique’ van Gérard Corbiau bij het Poco Adagio van zijn vierde symfonie?

Precies 48 jaar geleden werd op zijn ‘Lieder eines fahrenden Gesellen’ de allereerste ‘pas de deux’ voor mannen gecreëerd door  topchoreograaf Maurice Béjart met de  twee legendarische sterdansers Rudolf Nureyev en Paulo Bortoluzzi.

De ‘himmlische Freude’ die het schilderij uitstraalt op de hoes van een langspeelplaat met Mahlers vierde symfonie toont aan dat zijn composities vergeleken kunnen worden met de kleurrijkste en diep ontroerende werken uit de schilderkunst.





Auteur: Gi

Diversificatie


Recht tegenover de schoolpoort lag een snoepwinkeltje.

De zwaarlijvigheid van de mevrouw die het winkeltje uitbaatte was aangeboren maar wij dachten dat het kwam omdat ze zelf teveel van het lekkers proefde.  Zij was een schat van een mens.  Kwam je al eens een centje te kort, dan stak ze stiekem een extra snoepje in jouw pakje.

Nu zou dit niet meer getolereerd worden maar het was de tijd dat de grote Coca Cola Company zomaar toegang kreeg tot de schoollokalen om er gratis hun godendrankje aan te prijzen.

Gelukkig was er ook de wekelijkse verse melkbedeling. Die was niet gratis, er moest een bijdrage betaald worden.

Hoe wij het klaarspeelden was een raadsel maar af en toe slaagden wij erin om van de minieme melkcontributie een deel achterover te drukken dat kon besteed worden in het snoepparadijs.

In de bankwereld heet zulks het spreiden van uw beleggingen.

 





Auteur: Gi

M van…


Van hen allen zal niemand ooit weerkeren.

Zij hebben er zeer veel geld voor over, want ze weten dat ze nadien nooit nog geld behoeven.

De voorwaarden zijn niet van de minsten.  Gezond van geest en lichaam, fit en sociaal vaardig zijn en dus ook stinkend rijk om de overtocht te kunnen financieren.

Op deze planeet  zal het voor hen onherroepelijk eindigen. Het is dus stellig aan te raden geen relatie te hebben of aan te gaan tenzij men samen met een partner wil vertrekken.

Als er al nakomelingen bestaan zullen deze nergens aanspraak op kunnen maken want zij zullen nooit kunnen erven van hen die, tegen beter weten in, onsterfelijk gaan verklaard worden.

Zij die geselecteerd zijn, zullen Moeder Aarde met een duizelingwekkende vaart voorgoed achter zich laten.

Volgens NASA is de eerste reiziger nu al geboren.

Het nieuwe leven in de containers wenkt.

Mars, here they come.





Auteur: Gi

From father to son


Vader Abraham had zeven zonen.  De oprichter van het kaderfabriekje had er zes.

Op één na leerden de zonen in het bedrijf van welk hout kaders maken, maar ze konden ook allemaal aardig overweg met olieverf, canvas en kwast.

De oudste zoon werd priester en was pastoor van een parochie uit de buurt.  Hij verwierf bekendheid als kunstschilder.  Met name zijn sneeuwlandschappen werden regelmatig  tentoongesteld in kunstgalerijen.

Zijn vijf broers waren gehuwd en hadden kinderen, die uiteraard allen dezelfde familienaam droegen dan hun heeroom pastoor.

De jongste broer had een dochtertje en een zoontje, dat die dag de telefoon opnam.

Iemand die de priester-kunstschilder wilde contacteren, vergiste zich door de vele identieke namen in het telefoonboek.

De beller vroeg naar Eerwaarde Heer D., waarop het jongetje antwoordde: ‘Neen, meneer, onze pa is niet thuis.’

Tot nader order valt het celibaat nog steeds binnen het ‘kader’ van de katholieke kerk.





Auteur: Gi

Look it up   ( ♥ )


Woorden met meerdere betekenissen, spelen vertalers vaak  parten.

De Amerikaanse  koffieshopketen waar men, ietwat seksistisch, enkel door leuke jongedames  wordt bediend, vertaalde voor de eerste vestiging in Nederland het opschrift van de drinkbekertjes zo:  ‘Meisjes die knarsetanden’ (grind your teeth, girls…).

In het restaurant van een internationale hotelketen prijkte op de tafels het dagmenu in wel vier talen. Er was al gediscuteerd over de Franse versie: moest het nu ‘daurade’ of ‘dorade’ zijn?  Vermits beide vissen voorkomen, werd voor ‘filet de dorade’ gekozen en gezien ‘doré’ verguld betekent kregen de Nederlandstaligen ‘goudvisfilet’ op hun bord.

Het gerecht ‘Chateaubriand aux petits pois à la française’ werd omgedoopt tot: ‘Schitterend kasteel met  Franse gewichtjes’.

Ook buiten de horeca bestaat het probleem.  Een niet zo snuggere uitbater van een brillenzaak koos als naam: ‘In de kleine hond’.

Hij had het opschrift ‘opticien’  (au petit chien) fonetisch iets te letterlijk geïnterpreteerd.





Auteur: Gi

Het hogere kader


De instelling met leden van alle leeftijden, werd bestuurd door een raad van ouderlingen en (oude) stropoppen.

Maatregelen werden getroffen die financieel vooral de bestuursleden ten goede kwamen.  Voor hun ja-knik kregen ook de stropoppen een billijk deel van de koek.

Een jong lid steigerde en schreef in een niet mis te verstane taal dat de grijze eminenties weerom hadden beslist over zijn lot.

Dit was niet naar de zin van de topman die het lid in kwestie persoonlijk ter verantwoording riep.  De jongere vriendin van de topman zuchtte dat hij zich op zijn leeftijd niet te veel mocht opwinden.  Later bleek dat hij de innemende dame nog ettelijke jaren zou overleven.

Niemand weet hoe het gesprek afliep, maar feit is dat hetzelfde jonge lid het nadien tot bestuurder schopte en wat later tot topman werd verkozen .

Zo zie je maar, als je in het kader past….





Auteur: Gi

Einde van de rit


Het ging hen voor de wind.  Alles liep als een treintje.  Zijn teleurstelling was diep toen zij het plots uitmaakte.

Met het ticket voor de achtbaan in de hand, weet hij het zeker: dit is de laatste maal dat hij de skyline van zijn stad zal aanschouwen.

Stijgend naar de top ziet hij de plaats waar ze elkaar leerden kennen, waar ze dolle avonturen beleefden, waar hij met zijn ‘wild katje’ lief en leed deelde.

Hij overschouwt het park waar ze lange avondwandelingen maakten, de uitzichttoren waarvan ze bij het beklimmen de treden telden, de koepel van de concertzaal waar hun handen in elkaar strengelden op de tonen van hun lievelingssymfonie.

Op het hoogste punt beseft hij dat dit alles morgen zal verdwenen zijn.

Een allerlaatste blik en het wagentje dondert naar omlaag.

Nu snel huiswaarts en onder de lakens.  Bij het ochtendgloren zal de verhuiswagen er al staan.





Auteur: Cocky van Heest

Zonder woorden   ( ♥ )


Stefan, mijn zoontje van twee jaar, vindt het totaal niet nodig om te praten. Hij knikt, schudt zijn hoofdje of wijst met zijn vinger. We doen er alles aan om hem aan de praat te krijgen. Tevergeefs. Hij voelt zich zonder woorden ook wel
begrepen.

We zijn verhuisd. Dapper helpt ons kleine mannetje mee met klussen. Prachtig vindt hij het, dat knoeien met verf, kwasten en kit. En zo doet hij de nodige materiaalkennis op. Met zijn hulp zijn we snel helemaal gesetteld in ons nieuwe huis. Niets meer te klussen? Dan is het weer eens tijd voor spraakles. We proberen de kleine klusser van alles te laten zeggen: mama, papa, boot, poes. Tientallen eenlettergrepige woorden laten we op hem los, maar hij zegt niets. Uiteindelijk zeg ik wanhopig: ‘Zeg dan maar siliconenkit!’. En precies dat kluswoordje activeert zijn spraakvermogen, want zonder haperen herhaalt hij: ‘Siliconenkit’.

Nu zijn wij sprakeloos.





Auteur: Gi

Lost memories


Hoeveel boeken kan men in een mensenleven lezen en welke titel, inhoud of passage uit een werk blijven je bij? Hoe werkt toch die harde schijf onder jouw hersenpan?

Dat het Jo van den Donk was die het jeugdboek schreef was ik al lang vergeten.  Is het onbewust de blijdschap en fierheid om de prijs die ik toen won of het boek zelf, maar al jaren spookt de titel door mijn hoofd: ‘Toen de bliksem insloeg’.

Het boek is reeds lang geleden zoek geraakt maar door intens speurwerk op het internet vond ik onlangs de omslag en een korte inhoud terug.

Ik had een gans ander beeld in mijn hoofd van de voorpagina en herinnerde mij slechts flarden van het beschreven verhaal.

Bij dit beeld kwam deze flard weer boven:

Tijdens een uitstapje met vrienden, begint het opeens te donderen en te bliksemen, waardoor Henk vreselijk van streek raakt.





Auteur: Gi

Op wieltjes


Dolf werkte bij een luchtvaartmaatschappij tot hij op rust werd gesteld als gevolg van een val uit een vliegtuig:

“Een noodlanding, een crash?
Neen.
Een val van hoe hoog dan?
Van een meter of vier.
Waren er nog andere overlevenden?
Neen.
Neen?!
Nee, maar ik was alleen….ik was het vliegtuig aan het stofzuigen en toen ik de deur uitstapte was de ‘gangway’ weg gerold en ik viel op de tarmac*. Mijn rug is nooit meer hersteld maar sindsdien hebben zij wel een veiligheidstouw voorzien als de trap weg is.”

Dolf praatte graag ‘mooi’, vooral als er kinderen in de buurt waren. Het Algemeen Beschaafd Nederlands (ABN)  woog hem soms zwaar en dan zei hij:  “Jullie moeten altijd mooi IBM praten.”

Toen de kinderen ooit met hun wieltjes aan de voet de keuken wilde binnenstappen sprak hij “Buiten op het koertje mag, maar binnen mogen jullie niet scholraatsen.”


*Vlaams voor landingsbaan





Auteur: Gi

Soep


Dochterlief vraagt of schildpaddensoep bestaat. Na zijn bevestigend antwoord vertelt Pa over een ander soepje:

Als vijftienjarigen trokken wij per fiets op avontuur naar het Eifelgebergte. Net buiten Aken begon het te stortregenen. Op de weide naast een boerenhof werden de tenten opgeslagen.

We hadden pakjes oplossoep en vuurpotjes zoals militairen gebruiken voor het opwarmen van hun rantsoen. De soepketel was te groot. Een kopje thee bracht troost.

 ’s Morgens ging de boerin onze soep opwarmen. Was dit Franse soep vroeg ze en vertelde  dat die Fransozen slakken aten, nog liefst de witte.

Terwijl ze in de soep roerde zag ze stukjes vlees die erg op escargots leken maar het waren naaktslakken die langs het open deksel in de pot waren gekropen.

“Wenn die schnäcken da reingekraufen sind, dann lach ich mich kaputt”, schaterde de boerin in haar Aachens dialect dat net zo smeuig was als onze soep.





Auteur: César Noordewier

Soulmates


Een containerschip verloor in de Noordzee honderden containers met miljoenen flessen mineraalwater. De Waddenzee dreigde in een enorme plastic soep te veranderen, dus nam ik vrij om bij de opruimactie te helpen.

Op een dag zag ik een zeemeermin die op een zandbank lag uit te rusten.
Ze begroette me in het Deens. Gelukkig spreek ik die taal en al gauw bleek dat we soulmates waren.

Ik nam haar mee naar mijn appartement en vol goede moed deed ik een digitale huwelijksaangifte. ‘Zeemeerminnen bestaan niet,’ antwoordde een gortdroge overheidsdienaar. Dus ik mocht niet met haar trouwen.

In het grote aquarium in onze huiskamer toont ze altijd als ik thuiskom haar blijdschap, door met haar staart liters water te doen opspatten.

Vandaag kwam de cursus voor AquaYoga® instructrice binnen. Ze is er meteen mee begonnen. Na het examen kan ze hopelijk haar steentje bijdragen aan de inkomsten in ons huishouden.





Auteur: Gi

Twee emmertjes water halen…


Niet erg lang geleden leerde een doorsnee Amerikaanse leerling in de geschiedenis- of aardrijkskundeles nog dat Nederland ‘the land of wooden shoes and windmills’ was.

Men hoeft echter niet noodzakelijk Amerikaan te zijn om over het land iets bij te leren.

Zo is er Kinderdijk, waar het wemelt van de authentieke windmolens en waar een gids de toeristen uitlegt dat niet alle molens granen malen.

Dit zijn ‘de Lage Landen’ op hun best.

Hier houden de meeste molens het waterniveau onder controle. Ze herbergen niet enkel enorme waterpompen.  In vroegere tijden, toen de gezinnen nog zeer kroostrijk waren deden  ze ook dienst als woning.  Aan de inrichting van het woongedeelte kan Ikea een puntje zuigen.  Elke centimeter ruimte werd er optimaal benut.

Pittig detail in de verslaggeving van ene  Paul Marshmann  (what’s in a name?), die het molenpark bezocht tijdens zijn cruisetocht op de Rijn: onze gids droeg warempel klompen!





Auteur: Gi

Bessenjam


Beide grootouders waren Walen (Franstalige Belgen).

Niettegenstaande ze al meer dan dertig jaar in een dorpje bij Antwerpen woonden, was het enige Nederlandse zinnetje dat ‘Bonne Maman’ op de lokale markt sprak: “Een brood alstublieft.”

Toch geraakte zij altijd aan het gerief om elk jaar opnieuw haar ‘confiture’ te bereiden met de bessen uit hun tuin: ‘groseilles, myrtilles, framboises, fraises des bois, mûres…’ *

Met hetzelfde fruit produceerde ‘Bon Papa’ iets gans anders: zijn eigen likeur.

Bij een zondags bezoek haalde oma spijtig genoeg eerst haar oudste (versuikerde) jampotjes uit de stampvolle kelder. Gelukkig serveerde opa nadien zijn godendrankje dat niet leed onder de tand des tijds, wel integendeel.

Pas toen hij al in de negentig jaar oud was gaf hij eens een flesje cadeau.  Hij had zelf een etiket gemaakt waarop in sierlijke letters stond geschreven: ‘Ratafia.’

Het recept heeft hij helaas mee in het graf genomen.

 

 

*aalbessen, bosbessen, frambozen, bosaardbeien, braambessen





Auteur: Gi

Ieder zijn mening


Vincent Van Gogh vond het kunstwerk oneindig sympathiek.

Het Joodse bruidje, de zoon Titus Van Rijn, de voorouders van de man die het schilderij jaren in bezit had: zijn deze twijfelachtige interpretaties van kunsthistorici nodig om individueel ontroerd te worden door dit meesterwerk?

Zijn deze man en vrouw wel een paar? De jonge vrouw kan een bruidje zijn maar de oudere man is duidelijk niet haar (toekomstige) echtgenoot.  Het is haar vermogende vader die zijn dochter heeft overladen met kostbare juwelen. De zo typerende lichtinval op Rembrandts schilderijen stelt de vrouwenfiguur met schitterende jurk maar meer nog de sieraden die zij draagt op de voorgrond.

Armbanden, halssnoer, oorhangers en ringen zijn zo gedetailleerd weergegeven dat het duidelijk is dat de schilder hierop de nadruk wil leggen.  Als de jonge vrouw al een bruidje is, zijn de juwelenpracht de bruidsschat die haar ‘oneindig sympathieke’  vader haar heeft geschonken.





Auteur: Random X

Eeuwige sigaret


Elke dag ga ik naar het zelfde bruin café.
Ik laat mij dan zakken op één van de oude, krakende krukjes.
Mijn hand in de lucht gestoken voor een glas whisky.
Nippend van mijn glas haal ik een sigaret tevoorschijn.
Langzaam rook ik deze op.
De as dwarrelt op de grond. Ik ben altijd te laat met aftikken.

Een beetje wazig van de drank en emoties kijk ik rond.
Er is eigenlijk nooit iemand.
Toch blijf ik altijd komen.
Wachtend op haar.
Maar eerlijk gezegd zal ze nooit komen.
Dat weet ik.
Meestal eindigen mijn avonden in stiltes of rare gesprekken met een één of andere dronkaard die wel naar het café komt om zijn zorgen weg te drinken.
Net als ik.
Soms gaan de gesprekken over haar, soms over het leven of luchtig over het weer.
Maar meestal is het routine.
Ik aan de whisky met een sigaret die eeuwig lijkt te branden.





Auteur: Gi

Te gek


Wie drie exportproducten van Nederland moet opsommen vermeldt al snel naast kaas en tulpen ook Rembrandt natuurlijk.

De meester uit de Gouden Eeuw zal het natuurlijk zelf nooit zo bedoeld hebben maar een beetje lichtzinnige fantast zou bij dit eerste groepsportret  van de jonge Rembrandt volgende commentaar kunnen bedenken.

Door het sublieme spel van licht en schaduw worden de kanten kragen van de aandachtig toekijkende chirurgijns hagelwit.  Het onderzochte dode lichaam  van de eerder die dag geëxecuteerde dief heeft daarentegen een melkachtige, zacht vale kleur, ja, als het ware van jonge kaas.

Dat deze les in anatomie daarenboven wordt gegeven door een dokter die de familienaam Tulp draagt is te gek.  Niet enkel voor bovengenoemde fantasten is dat een zegen, maar het betekent ook voor de toeristische sector een welgekomen toevalstreffer.


‘De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp’ (1632) is te bezichtigen in het Mauritshuis Museum in Den Haag.





Auteur: Gi

Incompleet


Toen de grote Rembrandt tentoonstelling in het Rijksmuseum van Amsterdam plaats vond schreef iemand  dat er schilderijen te zien waren die normaal in Parijs, Stockholm of New York hangen.

Waarom deze verslaggever zich tot deze drie steden beperkte komt mogelijk omdat hij vond dat alle werken van de schilder eigenlijk thuishoorden in de plaats waar ze een paar honderd jaar eerder gemaakt werden.

Daarom vond hij het blijkbaar niet nodig om ook Berlijn, Leiden, Moskou, Antwerpen, Leningrad, Boston, Los Angeles, Dresden, München, Bazel, Utrecht, Melbourne, Stuttgart, Neurenberg, Londen, Innsbruck, Turijn, Indianapolis , Essen, Salzburg, Jeruzalem, Madrid, Glasgow, Sao Paulo, Frankfurt, Washington DC, Rotterdam, Detroit, Kassel, Lissabon, Kopenhagen, Wales, Toronto, Minneapolis of Florence te vermelden.  Om maar te zwijgen over de privé collecties.

Online vindt men een lijst met werken van de grootmeester.  Gelukkig staat er bij vermeld dat ze incompleet is want zijn Nachtwacht is nergens te bespeuren.





Auteur: Gi

Antieke regulateur


Deze hangklokken vindt men in antiek- of tweedehandszaken. Sommige zijn erg gehavend.

De kast van mijn ‘koopje’ zat vol verfvlekken, de koperen slinger was verzilverd en de wijzerplaat was half weggeroest.

Grofweg schuurde ik alle verfsporen weg tot van de wijzerplaat enkel een witmetalen schijfje overbleef. Daar spoot ik een witte lakverf overheen en met  kleefletters bracht ik nieuwe cijfers aan.  Het geheel fixeerde ik met een doorzichtige vernislaag.

Mogelijk was de grondlaag niet volledig droog waardoor het contact met het vernis een craquelé effect gaf.

De mond van de klokkenmaker die het mechaniek ging nakijken viel open van verbazing bij het zien van de prachtige wijzerplaat.  Zulke onderdelen waren tegenwoordig onvindbaar, vooral voor de dure antieke exemplaren.

Nadat hij ongelovig mijn verhaal aanhoorde over het tot stand komen van dit kunstwerk, hoefde ik uit pure bewondering zijn nazicht van mijn regulateur niet te betalen. Hoe een dubbeltje rollen kan!





Auteur: Hans Stavleu

Vals


1886 – Zaklopen is oogluikend toegestaan, maar het gruwelijke palingtrekken* is ten strengste verboden. De politie en het leger grijpen hard in.

Ternauwernood ontsnapt Jonathan aan het Jordaanse Palingoproer, waarbij 25 mensen het leven lieten en velen gewond raakten.

Als hij de volgende ochtend opstaat doet zijn hele lijf nog pijn. Hij strompelt langs de gracht op weg naar het Rijksmuseum.

Zijn baas, een van de conservatoren, is tevreden over hem. Jonathan gedraagt zich altijd onberispelijk, zorgvuldig en behulpzaam, vindt hij.

Nu is Jonathan boos op het gewelddadige gedrag van de autoriteiten en neemt wraak.

‘De Staalmeesters’, dat eigendom is van de gemeente Amsterdam, wordt op enkele plekjes geretoucheerd. Als zijn baas naar huis gaat, werkt hij door. Hij schildert aan de rechterkant van het schilderij, net boven de lambrisering, de naam van de kunstenaar, inclusief het jaartal 1661.

Het duurt nog zeker een eeuw voordat ze dit merken, redeneert hij wraakzuchtig.


* Het spel hield in dat een levende paling aan een touw hing dat over de grachten werd gespannen. Mensen moesten in bootjes proberen de glibberige paling van het touw te trekken.





Auteur: Gi

Sonnet voor het speelbosje van weleer


Er was een boom, wij noemden hem Witte
Zijn dikke stam was immers wit gevlekt
Er was een poel, verfrissend bij hitte
En elke dag werd er iets nieuws ontdekt

Bollen gooien die aan kleren klitten
Radiodeuntjes werden er gekwekt
Klauteren en op de hooikar zitten
De zomeravond steeds langer gerekt

Vervlogen tijden maar nooit vergeten
Want dit is zeker:  ons bosje bestond
Die er bij waren kunnen het weten

Allen herinneren het zich terstond
Zowel de zwartkoppen als bleekscheten
Het bosje dat de hele buurt verbond





Auteur: Gi

US vs UK


Werknemers op het Europees hoofdkwartier van het Amerikaans bedrijf kwamen uit velerlei landen.

De gemiddelde leeftijd lag rond de dertig.

De iets oudere Office Manager was een flegmatieke Brit. De man zat altijd strak in het pak met das en bijhorend pochet. Vooral naast de grote Amerikanen was hij klein van gestalte.

Zijn guilty pleasure was om zich ’s morgens bij de personeelsingang op te stellen en vrouwelijke collega’s die iets te laat kwamen terecht te wijzen met de opmerking: ‘Darling, you are late.’  Bij mannen klonk het: ‘How are you this morning?’

De visitorschairs in zijn kantoor waren laag en zijn bureaustoel stond in de hoogste stand wanneer hij iemand ontbood.

Toen ik aan de beurt was zei hij flemerig dat hij van mijn Engels accent hield en mij vooral niet mocht laten beïnvloeden door de Amerikanen, vooral niet door de grote baas, een Texaan.





Auteur: Gi

The story of the birds and the bees


Net voor de woelige zestiger jaren van vorige eeuw luisterden wij naar de Jamaicaans-Amerikaanse zanger Harry Belafonte.  Straks wordt hij 92.  Met zijn fluwelen stemgeluid stond hij met de grootste artiesten ter wereld op het podium.

Niet alleen fysiek was hij een knappe man. Hij was een vertrouweling van Martin Luther King en is nog steeds een gedreven en gerespecteerd mensenrechtenactivist.

Op een  vinylplaat uit 1958 staat een live optreden met onder meer zijn wondermooie ode aan zijn ‘Island in the sun’.   Tussen de nummers door vertelt hij ook verhaaltjes waaronder dit.

“In Jamaica wandelde ik als jongetje met mijn vader over het strand en vroeg hem: ‘Papa, kan je mij het verhaal van de bloemetjes en de bijtjes vertellen?’  Mijn pa keek mij aan. Ik was zes jaar oud. Dan zag ik die glazige blik in zijn ogen en ik realiseerde mij dat ik de vraag moest herhalen.”





Auteur: Gi

Stoer doen


Voor mijn allereerste job bij een scheepsagentuur ging ik in de haven aan boord van schepen allerlei paperassen in orde brengen met betrekking tot de bemanning en lading.

Sommige oceaanreuzen staken torenhoog boven de kade uit. De kapiteinskajuit en de exquise kombuisgerechten konden de vergelijking met luxueuze cruiseschepen doorstaan.

In groot contrast stonden de miserabele schuitjes die vanuit Engeland het Kanaal overstaken.  Tijdens de terugvaart verging ooit een schip met man en muis op de Theems.  Eens bevond zich op zulk een bootje met driekoppige bemanning ook  het hoogbejaarde moedertje van de kapitein.

Omdat het scheepje zo laag lag moest men via een ijzeren staafjestrap naar de kade klauteren. Toen het vrouwtje te kennen gaf dat ze aan wal wilde, nam ik ze stevig op mijn schouder  en droeg haar naar boven.

Als ik vandaag langs het dok rijd en het trapje zie voel ik me terug een beetje superman.





Auteur: Gi

Waterperikelen


Terwijl gezondheidsrubrieken bakkeleien over het staand urineren van mannen zijn er vrouwen die met behulp van een plastuit toegang opeisen tot mannenurinoirs.

Om wildplassen op festivals te voorkomen,  bouwde men ooit een grote citroenpers  genaamd:  de ‘pissitron’.  Als partjes van een citrusvrucht hingen aan een centraal roterend gedeelte hokjes  met urinoirs.  Elke minuut ging het gevaarte ronddraaien en werd er gespoeld met citroengeurwater. Degenen die net aan zijn kleine boodschap begonnen was moest dan al mee-stappend verder plassen.

Onder meer in scholen hangen urinoirs veelal op verschillende hoogtes opdat kleintjes niet op hun tippen hoeven te staan en de groten niet door de knieën moeten zakken.

In een door deze schrijver gekende studentenkroeg werd een goedkopere versie bedacht.  Daar hing een regengoot tegen de muur, links hoger dan rechts . Zodanig kwam iedereen aan zijn trekken. Pikant detail:  aan het rechter uiteinde van de goot hing een spiegel!





Auteur: Gi

FAQ


Waar ga je naartoe?
Naar de bioscoop.
Welke film speelt er?
Quo Vadis?
Wat wil dat zeggen?
Waar ga je naartoe?
Naar de bioscoop.
Welke film speelt er?
Quo Vadis?
Wat wil dat zeggen?
Waar ga je naartoe?
Naar de bioscoop.
Welke film speelt er?
Quo Vadis?
Wat wil dat zeggen?
Waar ga je naartoe?
Naar de bioscoop.
Welke film speelt er?
Quo Vadis?
Wat wil dat zeggen?
Waar ga je naartoe?
Naar de bioscoop.
Welke film speelt er?
Quo Vadis?
Wat wil dat zeggen?
Waar ga je naartoe?
Naar de bioscoop.
Welke film speelt er?
Quo Vadis?
Wat wil dat zeggen?
Waar ga je naartoe?
Naar de bioscoop.
Welke film speelt er?
Quo Vadis?
Wat wil dat zeggen?
Waar ga je naartoe?
Naar de bioscoop.
Welke film speelt er?
Quo Vadis?
Wat wil dat zeggen?
Waar ga je naartoe?





Auteur: Gi

Gekooid


Surfend op golven van wind, jij vogel zo vrij
In zonlicht kleuren jouw vlerken goud
Aan jou behoort dit heelal waarvan je houdt.

Maar, in de krappe kooi, vogel die gevangen is
Reikt het zicht niet verder
Dan de tralies van jouw ergernis
Met gekortwiekte vleugels, verminkt
Sper je jouw bek open en zingt.

Als angstig gekwetter van de vogel die is gevangen
Dwaalt zijn gezang en onbestemd verlangen
Ver buiten zijn cel naar onbekende oorden
Waar velen zijn roep naar vrijheid hoorden.

Jij, vrije vogel denkt enkel aan briesjes die komen,
Passaatwinden die ruisen door kreunende bomen
Aan dikke wormen als de ochtend gloort
Of het firmament dat jou toebehoort.

Maar, de nachten van het gekooide dier zijn kil
Het spert zijn bek open en zingt
Met gekortwiekte pennen, verminkt
Zijn schaduw slaakt een aangrijpend gegil
Te horen door ieder die vrijheid wil.


* Vrije impresssie naar het gedicht ‘Caged Bird’ van Maya Angelou (1928 – 2014), ‘who often felt that her words were not heard because of the color of her skin.’





Auteur: César Noordewier

Hopen en smachten


Ron was een hele serieuze man, altijd verdiept in zijn werk.
Zijn collega Manon, die aan het bureau tegenover hem zat, was stapelverliefd op hem. Die combinatie van een strenge blik, brede schouders en grote, krachtige handen deed haar keer op keer smelten.

Na drie jaar hopen en smachten, trok ze de stoute schoenen aan en liep op hem toe.
Ze vroeg of hij zin had om samen te lunchen. Verbaasd keek hij haar aan en vroeg: ‘Werk jij hier ook? Sinds wanneer?’
Ze begreep onmiddellijk dat het geen grap was. Ron was een hele serieuze man, altijd verdiept in zijn werk.





Auteur: Gi

Your dentist with love


Uit allerlei enquêtes en onderzoeken blijkt dat bezoeken aan tandartsen er niet op vooruit gaan. 75-plussers oordelen vaak dat tandartsconsultatie niet nodig is. Zij hebben immers een tandprothese.

Ook dure behandelingen houden kwetsbare personen tegen om naar de tandarts te stappen. Opvallend is dat jongeren tussen achttien en dertig minder op tandartsbezoek gaan dan bijvoorbeeld kinderen of volwassenen boven de dertig. Ten onrechte denken ze dat ze niet hoeven te gaan zolang ze geen tandpijn hebben.

Tandartsverenigingen luiden de alarmbel.  Samen met het Ministerie van Volksgezondheid, gemeentebesturen en een bekend publiciteitsagentschap hebben ze de handen in elkaar geslagen.

Voor de doelgroep wordt een ludieke campagne opgezet. Graffitikunstenaars en creatievelingen kunnen deelnemen aan een wedstrijd. Vandaag kwamen de eerste suggesties toe:

Jouw tanden houden niet van frisdranken maar zijn dol op tandartsen!

Tandverlies? Kies niet voor frisdrank maar trek naar de tandarts!

Kiezen verliezen? Kiezen verkiezen kiezentrekkers!





Auteur: Gi

Nachtraven


Ze schrikt wakker en denkt:  waar ben ik?

Gisteravond was ze op een studentenfuif. Ze amuseerde zich kostelijk. Het was laat toen ze van een knappe jongeman een laatste drankje kreeg aangeboden. Daarna herinnert ze zich niets meer.

Nu ligt ze volledig gekleed in haar spijker denim overall onder een grijze wollen deken op twee balen stro in een tuinhuisje.

Langs een raampje dringt het ochtendlicht binnen. Ze kijkt rond.

Versuft staat ze op en loopt naar de deur.  Die zit van buiten op slot. Aan de muur hangt een bijl. Met alle kracht hakt ze de deur aan spaanders. Van de inspanning is ze klaarwakker. Ze schikt haar lange zwarte haren en stapt resoluut naar buiten.

De bijl neemt ze mee als souvenir.

Even later ontwaakt ze in haar kamer. Was dit een nare droom? Op de stoel naast het bed ligt een bijl.





Auteur: Gi

미장원 mijang-won *


Kim Jong-Un,  de president van Noord Korea breidde de wetgeving van zijn vader nog uit en verplicht zijn onderdanen om hun haar te stileren.  Iedereen moet daarenboven de voorgeschreven snit aannemen.

Daar komt bij kijken dat er veel gekleurd moet worden.  Dat gebeurt met producten op basis van ammoniak, die vroeger ook bij ons bestonden.

Friseurs kunnen dus  best een mondmasker dragen tegen de walmen.  Die worden ingevoerd uit het bevriende China, dat ze massaal produceert wegens de luchtvervuiling.

De almachtige leider laat herhaaldelijk iemand terechtstellen.  Zelfs familieleden komen bij tijd en wijle aan de beurt. Benieuwd of hun lijken dan gescalpeerd worden om te voorzien in de aanmaak van haarstukjes en pruiken voor kaalhoofdige medeburgers?

Voor vrouwen geldt het kapsel van  presidentsvrouw Ri Sol-ju als voorbeeld.  Foei, ik kan het niet laten om te denken aan de coiffure van wijlen de Belgische Koningin Fabiola.  Stel je voor!


* kapsalon





Auteur: PhilipApart

Een strand vol


Wat willen we? Met ons zelf, met de wereld, met elkaar.
Grote vragen, weinig antwoorden. Behalve we willen verder, we willen meer.
En vooral meer voor steeds minder. Efficiënter gemaakt, efficiënter hierheen gehaald en efficiënter gedistribueerd. Ook steeds korter van duur, een snelle bevrediging van onze behoeften.
Kopen om het kopen, de kick van het bezitten.

Alleen bij ontsporing gaan we even denken. Als er in Afrika weer grondstoffen gekaapt. Als er in China weer een rivier is vervuild. Als er in India weer een atelier is afgebrand. Als er in Nederland een strand vol plastic ligt.
Ja, dan doet het weer eventjes pijn, knaagt er iets aan ons geweten.

Maar in plaats van actie wordt het weer Action. Zo’n leuke vaasjes waarmee we de natuur weer in huis kunnen halen, die moet ik nog snel zien te scoren.





Auteur: Gi

Wedstrijd


Zijn eerste stukje voor de 55-woorden wedstrijd is klaar:

Freule

Hij stapt buiten ,struikelt en valt in de armen van de Freule die net met haar bitse Baron binnenstapt.
“Oh, Pardon”, stamelt hij.
Hem stevig omklemmend glimlacht ze: “U bent toch die schrijver?”
“Jazeker mevrouw de Barones.”
“Wat gebeurt hier?” snauwt de Baron .
“Ach, deze man struikelde over zijn woorden”, antwoordt ze vrolijk.

Na de slanke freule denkt hij aan zijn corpulente vroegere buurvrouw en typt:

Klaar

Duitse Helga somt op wat zij bij de slager kocht en eindigt: “Und dann hab ich gesagt: damit komm ich schon klar!”
Verbouwereerde buurman: “Heb jij aan de slager gezegd dat jij klaar kwam?”
Helga: “Wieso?”
Buurman legt uit wat het werkwoord betekent in het Nederlands.
Helga besluit: “Da geh ich nie mehr hin!“

De woordenteller duidt nu 137 aan. Ah, maar dan kan hij het evengoed als microverhaal insturen, toch?





Auteur: Gi

Kunst


Wat voor de een waardevol is, kan voor een ander waardeloos zijn.

Zo zegt het kleindochtertje dat zij absoluut niet begrijpt waarom haar grootvader die roze vlek onder de nog grotere felrode vlek mooi vindt of over die zwarte vorm op een helgele achtergrond: ‘Poeh, wat zie je daarin, opa?’

Zo vraagt opa zich dan af of het wel zin had de zeefdruk van ‘Red over Pink’ van Mark Rothko of het originele werk dat door de kunstenares ‘Dark on visit’ genoemd werd, in zijn huis op te hangen?  Wat heeft het kleinkind aan de boodschap dat het origineel van Rothko’s werk uit 1968 samen met vele andere van zijn meesterwerken voor tientallen miljoenen US dollars geveild worden?  Waarom kostte het tweede schilderij net geen duizend euro: het was even abstract en had nochtans veel meer kleuren als het eerste.

Wie zei ook weer dat kunst ongrijpbaar is?





Auteur: Gi

Brüderlein fein


In het college, bestuurd door een broedercongregatie kenden de naschoolse typelessen veel bijval, ook al waren er uitsluitend mannelijke studenten.

De norse leraar in zwart habijt schepte er een heimelijk genoegen in zich achter de typisten op te stellen en hen met een metalen lat op de vingers te slaan als ze niet naar zijn zin het klavier beroerden.  Tikken uitdelen behoorde toen nog tot het reguliere opvoedingspatroon.

Soms was hij opmerkelijk welgezind en werd het tikritme van de metronoom vervangen door, jawel, marsmuziek.

Dan stapte de broeder gezwind rond op de tonen van ‘Auf der Heide blüht ein kleines Blumelein’. We vonden deze sympathiebetuiging aan de muziek van de Hitlerjugend verdacht maar ach, wij leerden typen als de beste.

Bij het schrijven van verhalen komt dit goed te pas maar voor de fysieke conditie zou er beter ook af en toe gemarcheerd worden. Ein, zwei,…..links, rechts.





Auteur: Ambrosius

Flessenpost


Zittend aan het strand, dromend over verre reizen zie ik een plastic fles opduiken uit de golven. Mijn gedachten gaan terug naar een voorval, een paar dagen geleden. Drie postbodes gelijktijdig in de straat en op mijn tuinpad kwamen ze elkaar tegen. Alleen de fietstassen maakte ze herkenbaar. Geen had de uitstraling van de oude postbode, een als gezagdrager uitziende strenge doch vriendelijke man die twee keer per dag zijn rondgang maakte. Echte mannen met een scherp oog voor het vrouwelijk schoon en een enkeling (daar kwam ik vele jaren later achter) voor kleine jongetjes. Zij werden te duur!! Waarschijnlijk een eufemisme om erger te voorkomen. Nu zijn er één vrouw en twee mannen in actie. Nou ja mannen, het beste is er af, uitstraling ontbreekt. 

De fles spoelt aan. Ik pak de fles op en draai hem rond. Zit er een briefje in? Neen! De verwachting is getemperd.





Auteur: Gi

Wie verdient er een pluim?


Frau Holle is een sprookje van de gebroeders Grimm, die hun naam niet hebben gestolen, want al hun verhalen zijn behoorlijk ‘grimmig’.

In dat verhaal  vliegen de pluimen je om de oren maar de broers hadden beter een beroep gedaan op een van hun goede feeën voor wat meer inspiratie in hun ‘Kinder- und Hausmärchen’.

Bij vrouwtje Holle is sprake van een schietspoel  dat al dienst deed in Doornroosje.

Een boze stiefmoeder dook al op in Sneeuwwitje.

Het opgevoerde mooie stiefkind moet het vuile werk doen.  Hadden wij dat niet al eerder gehoord in Assepoester?

En dan de put waarin ze viel die wij reeds tegenkwamen bij Roodkapje.

Gelukkig worden de twee oude besjes er niet door een wolf opgevreten.

Tja, wij maar ons best doen om zo origineel mogelijk voor de dag te komen in onze microverhalen.  Onze illustere voorgangers  stelden niet altijd het goede voorbeeld.





Auteur: Gi

Gek²


Mijn broers’  kever stopte op een haar van de boom naast de weg. Mijn eerste en laatste praktijkles zat erop.

Een theoretische proef en verklaring dat men kon autorijden volstonden destijds om een rijbewijs te halen.

Na mijn eerste werkgever te hebben voorgelogen dat ik kon rijden, kreeg ik naast de job een renteloze lening voor de aankoop van mijn tweedehandswagentje.

Mijn allereerste tweehonderdkilometerlange rit leidde naar het ouderlijk huis. Na veertig kilometer werd ik door twee gemotoriseerde politiemannen aan de kant gezet.

Niet mijn rijstijl maar het ontbreken van een rijtaksvignet bleek een probleem. Reed ik nu toch net naar mijn geboortedorp om dit aan te schaffen?

Toen ik nadien fluitend moeders’ keuken binnenstapte vroeg ze meteen waar mijn bagage was.

‘In mijn auto,’ werd beantwoord met: ‘Zotje, je kan niet eens autorijden.’

Ze verklaarde mij opnieuw gek toen ze mijn karretje voor het huis zag pronken.





Auteur: Gi

Kantoorfeestje


Samen met zijn nieuwbakken perfect drietalige secretaresse (nu heet dit Personal Assistant),  deelde ik een lokaaltje naast het bureau van ons diensthoofd.

Hij was van het pocherige maar ook krenterige type. In het bedrijfskrantje van het Amerikaanse moederbedrijf lazen wij dat hij een polyglot was en naast Engels nog meerdere talen beheerste waaronder Nederlands, Vlaams (!), Frans (Bonjour, Bonsoir) en Duits.  Wij wisten wel beter en vroegen ons geamuseerd  af waarom hij ook niet  Waals of Oostenrijks vermeld had?

Op een 28e decemberdag dicteerde hij een brief in schabouwelijk Duits.  Hij onderbrak zijn dictaat en vroeg wat wij wilden drinken? Net op tijd alvorens de secretaresse het ging besterven van het lachen. Toen hij even weg was om zijn traktaat te halen vroeg ze: “Het is vandaag het Feest van de Onnozele Kinderen, zou hij dat willen vieren?”

Terug met  de drankjes , riep hij: “Gezondheid!  Op mijn verjaardag!”





Auteur: Gi

Diva


Bij uitgeklede mannequins in vitrines zien wij hun mooie slanke benen en vragen ons af wie voor die poppen model heeft gestaan?

Marlène Dietrich was bekend als de diva met het mooiste benenpaar ter wereld.

Deze kerel in legeruniform herinnert mij aan ‘Sag mir wo die Blumen sind’ bij een van haar allerlaatste optredens.

Wanneer de lichten doven wordt een spot gericht op een plaats achteraan het immense podium. Kreten van ongeloof stijgen op wanneer Marlène in een rolstoel naar de microfoon wordt gereden. Langgerekt  in glitterjurk met split en witte hermelijnen stola brengt ze op duizelingwekkende naaldhakken haar wereldsuccessen.  De zaal is laaiend maar er volgen geen toegiften.  Marlène wordt terug gerold.

Over de rolstoel berichten de kranten later dat ‘de bène van Marlène’ voor een fabelachtig bedrag waren verzekerd. Het stappen op stiletto’s tot vooraan het podium werd véél te riskant bevonden.





Auteur: Gi

Russenrubber


Bij de laatste onderhoudsbeurt van mijn wagen  betaalde ik tweeduizend euro voor de vervanging van een deel van de uitlaat.

Zo dacht ik terug aan de tijd dat ik voor omgerekend hetzelfde bedrag  een nieuwe auto aanschafte: een Lada van Russische makelij.  Mijn Amerikaanse collega’s in het bedrijf waar ik toen werkzaam was fronsten de wenkbrauwen.

Op mijn eerste vakantiereis kreeg ik tot driemaal toe bandenpech en na enkele jaren begaf de dichting het van de achterdeuren waardoor er bij een stevige regenvlaag water in de wagen stond.

Toen een politieagent mij wilde beboeten voor foutparkeren wees hij mij op de slijtage van mijn banden. Ik loog dat ze nog niet zo oud waren waarop hij mij toevertrouwde dat hij dezelfde wagen bezat en het probleem kende.

Hij vergat mijn boete en overhandigde het adres van een bevriende handelaar in degelijke tweedehandsbanden.

Russen en rubber bleken geen goede combinatie.





Auteur: Gi

Trommeljongen


Kom, roepen ze

Er is een nieuwe koning geboren

Wij gaan hem de mooiste geschenken brengen

Om hem te eren

Ach kindje in uw kribbe

Ik ben maar een arme stakkerd net als jij

Ik kan geen geschenk aanbieden

Dat past voor een koning

Maar ik kan voor jou spelen

Maria knikt en de lammetjes

De os en de ezel slaan de maat

Ik speel mijn trommel voor hem

Ik speel mijn beste spel ooit

Dan lacht hij mij toe

Mij en mijn trommel

Pa rum pum pum pum

rum pum pum pum

rum pum pum pum


* Nederlandse impressie van ‘Little drummer Boy’





Auteur: Gi

Haar in de boter


Blanche Neige* droogt haar ravenzwarte haren.

Straks gaat ze op sollicitatiegesprek.

Na het haar in de boter en vechtscheiding met haar droomprins moet ze dringend op zoek naar een baan.

Het appeltje voor de dorst kan ze vergeten.

Op haar zeven kleine vrienden van weleer hoeft  ze niet te rekenen. Hun mijnwerkerspensioentjes volstaan amper om het rusthuis te betalen.

In een glossy magazine las ze over de nieuwe opportuniteiten in de haar- en huidverzorging bij mannen.

Als maar meer rijkelui en personen uit de hogere regionen zouden hun haren laten bleken en cosmetica producten gebruiken. Een rage die uit de Verenigde Staten naar Nederland is overgewaaid maakt dat vooral de oranje blush in trek is.

Zij zal bij het nakende interview haar adelbrieven meenemen.  Prinsessen, mode en glitter zijn altijd een perfecte combinatie gebleken.

Als ze deze job binnenrijft zal ze zich eindelijk ook eens een andere kleurplix  kunnen veroorloven.


*Franse benaming voor Sneeuwwitje





Auteur: Gi

De koekjesfabriek


Er waren slechts drie werknemers en ikzelf als baasje. Soms viel iemand uit en moest ik de pet van onderhoudsman opzetten.

Belde een klant dat hij ontevreden was over die man met de pet,  gaf men de baas door. Niemand besefte dat het dezelfde persoon betrof.

Met de pet  van verkoper bezocht  ik een koekjesfabrikant.

Door een te lage bank scheurde mijn broek van net onder mijn broeksriem achteraan tot aan de gulp vooraan.  Gelukkig was mijn vest  lang genoeg om de achterkant  te verdoezelen en was de zaak snel beklonken.

Pas bij het opstappen merkte ik de volledige achterwand van glas, waarlangs de koekjesdirecteur zijn productieruimte overzag.

Aan de lopende band verpakten tientallen dames met hoofdkapjes wafeltjes, speculaas en ander lekkers.  Enkele keken op en glimlachten me lieftallig toe. Hadden zij iets gemerkt?

Ik had er het raden naar wat er later tussen de koekjes werd rondverteld.





Auteur: Gi

Groenten & Fruit Agonie in Poëzie


Wat voelt de prei als je hem splijt
Of de tomaat als je ze bijt
Hoort dovenetel  het gekrijs
En knarsetanden van radijs

Snijd  je uien die huilen van de pijnen
Snipper je groenten, laat je  kruiden  verdwijnen
In tisanes met honing, stoofpotjes of hapjes
Sla je appels tot moes, stoof je peren tot papjes

Stamp je bintjes,  plet je gras onder jouw rijf
Roerbak je in koudgeperste olijf
Hoe hartverscheurend de venkel het vond
Toen je bieten voor de beesten  smeet op de grond

Verslind je  de harten van palm en artisjok
Trek je zoete druiven van hun stok
Pluk je paddenstoelen, ruk je planten los
Onrustwekkende verdwijning van een bos………
Verdwijning van een bos………
Van een bos………





Auteur: Gi

Teamleaders


Einde van de maand vertrekt Jack op pensioen.  Hij is nog kwiek maar de leeftijd is er en hij wil de jeugd een kans bieden.

Vandaag stelt hij zijn vervanger voor aan het team.

Er wordt zenuwachtig rondgekeken, nekken rekken zich als de nieuweling arriveert.  Jack neemt het woord: ‘Dit is Bill, hij zal geleidelijk mijn taken overnemen. Ik weet zeker dat jullie hem snel in uw midden zullen opnemen.’

Tokkend verspreid de groep zich over de kippenren.  ‘Kijk, ik doe het even voor en straks doen wij het samen.,’ zegt Jack.

De sierhaan kukelekuut,  de kippen stellen zich op een rij.  Telkens na de daad zegt Jack neerbuigend: ‘Dank u dame.’

‘Luider,’ zegt Jack wanneer Bill nadien kraait. De rij wordt gevormd. Bill begint links, Jack rechts. Het kakelen verstomt en men hoort : ‘Dank u  dame, dank u dame, dank u dame, sorry Jack, dank u dame,…..’





Auteur: Gi

Versje bij 40 dagen zonder vlees


Met lede ogen ziet hij ’t aan

De peren die hij stoofde

Om bij de wildschotel te gaan

Geen mens die er nog in geloofde

Ach keurslagertje lief en tof

Zei buurvrouw Veggie Vanderaerde

Neem nu toch eindelijk ’t verlof

Waarvoor je al die jaren spaarde

Bezoek de bergen of de kust

Lig op het strand in blauwe baaien

En na jouw  veertig dagen rust

Kan je weer lekker pensen draaien





Auteur: Gi

O, land van wafels en frieten


Als studenten zaten wij op kot*.

‘s Maandags werd het kot volgestouwd met door ijverige moeders in het weekend vers gewassen ondergoed én vers gebakken wafels.

Deze laatsten werden soms vergeten. Als ze beenhard werden teruggevonden in de proviandkast, werd een wedstrijd georganiseerd.

Die bestond erin ze drie verdiepingen lager in de stadsvuilbak aan de overkant van de straat te keilen.

Nadat menig projectiel in brokken naast de vuilbak belandde, besloten wij het boeltje beneden op te ruimen. Maar, wie daagde dan plots op? Onze straatclochard die glunderend de wafels (zowel deze in als naast de vuilbak) gretig in zijn plastic graaizak deponeerde.

Verlegen en bij wijze van boetedoening namen wij ons voor hem bij de eerstvolgende gelegenheid een pak verse wafels aan te bieden.

Wij zagen van ons plan af toen wij merkten dat hij ook niet leeggegeten frietzakjes uit de vuilbak opviste, met of zonder saus.


(*) Vlaams voor: op kamers verblijven (inmiddels genoegzaam gekend door veel Nederlandse studentikoze inwijkelingen)





Auteur: César Noordewier

Geen gevoel voor humor


Hij was een bescheiden man die als boekhouder werkte en ’s avonds met zijn postzegelverzameling bezig was. Zij was hyperactief en dominant, op het agressieve af. Tegenpolen die elkaar aantrekken, zullen we maar zeggen.

In een boze bui stak ze zijn hele postzegelverzameling in brand. Hij vergaf haar.

In een woedende bui duwde ze hem van de trap af. Hij brak beide benen en vergaf haar.

In een chagrijnige gemoedstoestand deed ze aangifte tegen hem vanwege vermeend huiselijk geweld. Hij kreeg 200 uur taakstraf en vergaf haar.

In een vlaag van razernij wierp ze hem vanaf een perron voor een voorbijrazende trein. Hij ging naar de hemel en vergaf haar.

Voor de rechter verklaarde ze: ‘Weet u wat het was met mijn man? Hij begreep mijn humor niet. Da’s toch om gek van te worden, zo’n onbegrip?’

De rechter vergaf haar niet: ze kreeg negen jaar en tbs met dwangverpleging.





Auteur: Gi

Geflipte haiku’s


Is het niet dolfijn
Lampjes flippen aan en uit
Wie weerstaat de roep

Wie mikt de bal goed
Blijven er munten over
Winnaars gieren luid

Kiss toert in Japan
Rode tongen op posters
De fans draaien dol

Kermis in het dorp
De maan staat aan de hemel
Lunapark ten top

Schieten met de bal
Flipperkasten slagen tilt
Winnen is de kunst

Hunkeren naar meer
Welig tieren gokzalen
Wat blijft er over

Maximaal zes met een inhoudelijk verband.  Zo luidt de opdracht voor de jaarlijkse Haiku wedstrijd.  Hij  twijfelt om mee te dingen.  De deadline is binnen zeven maanden en drie maanden later volgt de uitslag.

De prijzenpot is aan de magere kant en waarom moet  men bij dit soort concours zo ellendig lang wachten op de resultaten?

Hij laat de beschreven bierviltjes liggen op het tafeltje in zijn stamkroeg en keert terug naar de flipperkast.  De winstkansen zijn hier groter.





Auteur: Gi

To play or not…


Grootvader bezat begin vorige eeuw een restaurant.  Er stond een wandpiano en zijn zoon werd als jongeling verplicht muziekles te volgen om de klanten te vermaken.

Later erfde hij het meubel. Vooral als er bezoek was speelde vader vrolijke pianodeuntjes, maar geen van zijn kinderen leerde een instrument  bespelen. Pa had vroeger te veel geleden onder het feit dat hij noten moest leren terwijl zijn vriendjes buiten voetbalden.

In een kast bewaarde vader stapels partituren. Pas toen ik zelf de vijfentwintig voorbij was vroeg ik of hij die ook kon lezen en spelen. Hij bevestigde dit door lukraak een ‘airke’  van Chopin te spelen. Ik stond aan de grond genageld.

Chopin werd mijn lievelingscomponist en al wat mijn vader nooit gespeeld heeft zit inmiddels in mijn geheugen geprent. God, had hij mij vroeger maar naar de pianoles gestuurd. Ik ben trouwens nooit gek geweest op voetbal.





Auteur: Gi

Familiealbum


De kroost was rijk genoeg
Er kon geen hond meer bij
Bij de buren daarentegen

Hij blafte amper en beet ook niet
De buurhond kwam vaak langs
Zo vaak dat hij er bij ging horen

Zijn baasjes misten inspiratie
Dus kroop hij graag onder de heg
En leerde kunstjes allerhande

Hij danste op zijn achterpoten
At enkel uit de rechterhand
Gaf pootjes bij de vleet

Het rasloos hondje van de buren
Hoe gek het ook mag klinken
Zijn foto prijkt in ons familiealbum





Auteur: Gi

Simply Toots


Jouw warme handdruk en guitige ‘smile’, het ‘verre de l’amitié’, dat wij ooit samen dronken: wij blijven de herinnering koesteren.

Je lachte hartelijk met  de anekdote van mijn bejaard familielid die maar niks vond aan die oude man met zijn ‘speelgoedmondharmonicaatje’.

Jij wist beter dan wie ook hoe dit kleinood jou wereldberoemd maakte.

Dat je geadeld werd lachte je weg met:  ‘je suis le Baron des Marolles’, ook al bezat je een flat in New York. De grootste muzikanten ter wereld of de ketjes (*) uit jouw geliefde Brussel, ze waren stuk voor stuk ‘copains’ en ‘best friends’.

Allen pinkten een traan weg bij jouw heengaan,  dankbaar voor  de heerlijke jazztunes  die je aan vele generaties cadeau deed.

Merci, Toots, ge waart nen toffe pei en waaile zen gielegans geperturbeet en van os melk oemda waaile a zuuu geire zaage en hoerdege !  (**)


(*) Toots Thielemans werd geboren in de Marollen, een volkse wijk in Brussel, vergelijkbaar met de Jordaan in Amsterdam . Kinderen noemen ze er Ketjes.

(**) vertaling uit het Brussels dialect: Bedankt Toots, je was een tof mens en wij zijn erg in de war omdat wij je doodgraag zagen en hoorden.





Auteur: Gi

Hagelwit


Paus Franciscus bracht een historisch bezoek aan de Verenigde Arabische Emiraten. In de Sheikh Zayed in Abu Dhabi, een van ‘s werelds grootste moskeeën ontmoette hij hoogwaardigheidsbekleders uit de Islam.

Angelo Roncalli klinkt als de ronkende naam van een Italiaans modeontwerper. Als de geliefde paus Johannes XXIII werd hij gerespecteerd door vriend en vijand.

Zijn Tweede Vaticaans Concilie vernieuwde de katholieke kerk van weleer, waardoor priesters hun zwarte soutanes mochten inruilen voor een ‘clergyman’.

Waarom zette deze innemende man toen niet de toon en verscheen hij niet in een wit pak op het Vaticaans balkon?

J.M. Bergoglio, de al even ronkende naam van de huidige Paus had zijn bezoek nog markanter kunnen maken als hij tussen de heren in lange gewaden in een hagelwit kostuum was opgedaagd. Dat hoefde niet eens een Hugo Boss, Gucci of Zegna te wezen, een simpele Argentijnse ‘sastre’  kon die job wel klaren.





Auteur: Gi

Hopeloos


Hij haalt het opgerolde blaadje uit de plastic fles.  Bovenaan staan een naam, adres, mailadres en telefoonnummer.  De fles gooit hij meteen terug op het strand.

Hij leest de veeltalige boodschap die ook in het Nederlands is geschreven:

‘Neen, deze fles is niet afkomstig van een drenkeling die op hulp wacht op een onbewoond eiland. Ik ben Boyat Slat en ga een systeem bouwen om plastic afval in de Grote Oceaan op te ruimen.

Vandaag heb ik twintig flessen in het water gegooid. Cynisch genoeg zijn het plastic flessen maar ik wil weten waar ze terecht komen.

Willen de vinders mij helpen bij mijn onderzoek en mij laten weten waar ze deze vondst deden?

Gelieve deze fles in uw PMD-zak te deponeren. Erg bedankt.

Boyat.’

Even twijfelt de strandjutter en kijkt naar de wegdrijvende fles.  Dan verfrommelt hij het papiertje, gooit het weg en stapt verder.





Auteur: Gi

Opzichtig


De Flamingo’s stonden bij de ingang van de Zoo. Daardoor hadden ze een perfect zicht op wie er binnenkwam én op de kiosk waaraan grote posters hingen.

Die kondigden onder meer de spektakels aan die doorgang vonden in de aanpalende bekende concertzaal.  Van grote klassieke pianisten tot Nederlandstalige schlagerzangers, de twee bevriende vreemde vogels kenden ze allemaal.

Marino was opzichter en verzorger in de zoo.  Dagelijks zagen ze hem langs hun vijver lopen.

Op een dag hing er een schreeuwerige affiche  aan de kiosk met opschrift:  ‘Spetterende show met onze eigen Drag Queen  Marinella!’  Op de poster stond een fel geschminkte dame met  pruik, hoge hakken en, oh ramp, een roze vederbos in haar gat.

Beide flamingo’s herkenden meteen Marino.  Bij zijn eerstvolgende passage renden ze krijsend weg. Zij wilden niet gepluimd worden.

Met opgetrokken poot keken de overige vogels elkaar aan. Aanstellers, dachten ze en schudden hun verenkontjes.





Auteur: Gi

Waarschuwing


Het witgelakt bankje leunt tegen de muisgrijze muur, langs weerszijden geflankeerd door  twee frêle boompjes.

Tussen beide net geplante iepjes is een blauwwit touwtje geknoopt. Met een wasknijper zit er een maagdelijk wit blaadje papier aan vast.

Mooie compositie, denkt de voorbijgangster.

 “Is dit een kunstinstallatie in dit pas aangelegde plantsoen?  Even van dichterbij gaan kijken,”  murmelt  de nieuwsgierige wandelaarster in zichzelf.

Ze nadert, twijfelt even, kijkt om zich heen en haalt dan het blaadje van de knijper.  Ze vlijt zich neer op de bank en leest op de achterkant: ‘Pas op voor de verf.’

Links of rechts, voor of achter.  Er zijn van die lieden die moeite hebben met deze begrippen, denk ze boos.

Ze verlaat  het schilderachtige stadstuintje, niet voor ze het blaadje heeft terug gehangen. Met de tekst naar de muur of wat dacht je?

Kunstkenners horen respect te tonen voor het concept van de ontwerper.





Auteur: Gi

Kleurenpalet   ( ♥ )


“Onze schaatsschoenen zijn felblauw,” zegt Emily tegen Laura.

Toen Laura voor het eerst het woord hoorde, vroeg ze mama: “Wat is blauw?”

Mama kreeg het even moeilijk.  “Blauw is een kleur, net zoals rood, geel  en groen,” antwoordde  ze.

“En wat is een kleur?” vroeg Laura verder.

“Wat eet je graag: bananen, choco, mandarijntjes, tomatensoep?” Mama wist wel waar Laura van hield: “of liever spruitjes, boterboontjes, stekelbessenjam?” Ze wist ook wat het meisje niet graag lustte.

Mama legde uit dat voedsel kleuren had maar dat niet de kleur maar de smaak bepaalde of je iets wel of niet graag at.

“Wat is de kleur van banaan?” vroeg Laura. “Geel,” antwoordde mama. “Dan eet ik graag geel,” stelde het meisje.

Er zouden nog vele vragen volgen.  Laura was blind geboren maar groeide snel uit tot een fantastische meid.  Met haar hartsvriendin Emily staat ze voor het eerst op de ijspiste.





Auteur: César Noordewier

Cultuur opsnuiven in New York


‘Taxi!’ riep filosofiestudent Rolf van Vliet toen hij voor het vliegveld stond. Langzaam kwam er een taxi met geblindeerde ramen aangereden.
‘The Oblong Box Hotel, please.’
Na een half uur rijden begon Rolf wat ongerust te worden. Wat een lange rit, zeg… Maar ja, New York City is dan ook geen Almelo.

Na een uur rijden werd zijn hele denken louter door angst bepaald.
Het zweet stond op zijn voorhoofd, hij voelde een knoop in zijn maag en zijn mond en lippen waren kurkdroog.

De chauffeur reageerde totaal niet op zijn vragen en ze reden door steeds duisterder wijken en straten, waar de passanten figuranten leken uit ‘The walking dead.’
Maar ineens gleed de taxi langzaam als een lijkwagen het diepe duister van een ondergrondse garage in.

‘De operatie is goed gelukt, gefeliciteerd!’, zei de specialist. John Ballantine was uit zijn narcose ontwaakt, en beretrots op zijn nieuwe lever…





Auteur: Gi

Modern sprookje


Er waren eens Hansje en Grietje.

Als coole adolescenten gaan ze op zoek naar het peperkoekenhuisje van weleer.

De gps app op hun iphone vindt het meteen.  Zodra ze voor het huisje een selfie maken verandert het  in een houten berghok.

In het deurgat staat niet de heks van weleer maar een schoonheid met een gaaf en hagelwit gebit.

“Hoi, ik ben de tandenfee,” zegt de verschijning en toont duizenden potjes met melktanden.

De fee wijst erop dat zij zowat de enige sprookjesfiguur is die niets met agressie te maken heeft en haar toverkracht wil benutten om actie te voeren tegen geweld in kinderverhalen.

“Jullie deden aan heksenverbranding, wolven vraten grootmoeders, jagers moesten harten snijden  uit meisjesborsten en ga zo maar door. Vandaag stel ik een voorbeeld.  Uit sympathie met olifanten en neushoorns vernietig ik mijn ivoorverzameling.”

Met haar verdwijnt onder een sterrenregen het berghok in het niets.





Auteur: Gi

WK Veldrijden


Al is jouw naam Hans, toch schrik je als je op de  boswegel een  sliert witte steentjes ziet blinken.

Je denkt aan lang vervlogen tijden toen sprookjes nog deel uitmaakten van jouw leefwereld. Net als weleer, volgt pas later de harde realiteit.

Warempel, de glinsterende dingen zijn de zilverkleurige binnenkant van … mosselschelpen! In een bos?  Dan merkt je hoe een vogel overvliegt en een lege schelp laat vallen.

Buiten het bos ligt het strand en de zee en daar vinden vogels mosselen. Vandaar dus.

Later zie je de krantenkop: “Het WK veldrijden wordt dit jaar bijzonder moeilijk.” Het parcours is bevroren en bij dooi wordt het één grote glijbaan. Het grootste gevaar schuilt echter in de hoopjes mosselschelpen die meeuwen her en der neerwerpen.

Het lijkt of iemand glasscherven heeft rondgestrooid om het WK te saboteren.  Zou er bij de favorieten een renner zijn die Hans heet?





Auteur: Gi

‘My famous blue raincoat’ (L.C.)


Mijn broer kreeg bij de luchtmacht regelmatig een nieuwe outfit. Daarbij hoorde een donkerblauwe regenjas. Op mijn vijftiende ‘erfde’ ik het imposante kledingstuk.

s ’Avonds trok ik het dorp in. Onder straatlantaarns zag ik mijn schaduw met opgetrokken kraag. Met de rook van een sigaret om het hoofd waande mijn schaduw zich James Dean of een andere jeugdheld.

Door de regenjas was het niet meer de onbehouwen slungel die in winkelramen werd weerspiegeld. De jas werd een verlengstuk van mijn opgroeiende zelf en gaf mij een gevoel van vertrouwen in de onzekere toekomst.

Overwelmd bestaat niet volgens het groene boekje, dus overrompeld merkte ik dat bij gelegenheden met neonverlichting dames vanachter hun etalages opkeken en mij een zwoele blik of guitige knipoog toewierpen.

Later zong Leonard Cohen: ‘I am your man’. Indien niet zo ’overwhelmed’, had ik de meisjes destijds met die titel van antwoord kunnen dienen.





Auteur: Gi

Ping-pong dialoog


Wat?
Ik zeg niets hoor
Ik hoor je niet
Ik zeg dat ik niks zeg
Ik hoor niks
Ik zeg ook niks
Wat zeg je?
Dat jij mij niet hoort
Wat?
Omdat ik niks zeg
Dat heb ik niet gehoord
Wat dan?
Wat je net zei
Maar ik zei niks
Dat zeg ik net
Wat dan?
Dat ik het niet heb gehoord
Wat dan?
Wat jij niet hebt gezegd
Hoezo?
Ik wil het niet horen
Wat wil jij niet horen
Wat je net zei
Maar ik zei toch niks
Daarom net





Auteur: Gi

Weerkeer


Jij mijmerde, droomde
Bleef geloven
In wat moest komen
Maar nooit kwam
En ach
Ik geloofde in jou toen
Maar later
Bedacht ik
Hoe fout kan het lopen
Als niemand meer hopen
Zal,

Zal ik jou weerzien
Hoe zal het voelen
Beslist onwennig
Niet zoals vroeger
Zou jij verdragen
Dat wij elkaar strelen
Moet ik het eerst vragen
Maar wat dan
Is spijt gepast
Wat maakt het uit
Of gaat er nog meer stuk
Als,

Als monden verstommen
Die vroeger kusten
Wat te zeggen
Als brandend verlangen
Gesmoord wordt
Bij laaiende vuren
Huilen wolven
Snikken harten
Om  hunker die dooft
Was het beter
Elkaar te verlaten
Laat,

Laat rusten wat moe is
Pijn moet je niet voeden
Laat los nu
Een offer moet kunnen
Daarna ben je vrij
Rest er iemand
Die dan om jou geeft
Tenzij jij opnieuw
Herleven wil
Ga niet heen
Maar keer weer
Keer





Auteur: Gi

De derde bal


Ik ben een mannetje,

dat heb je zeker al gemerkt?

Ik doe niet aan monkeybusiness.

Toch hou ik van voetbal,

of wat dacht je?

Zie je dat trouwens niet aan mijn blik?

Het is de stoere blik,

die ook op menig  Panini sticker prijkt.

Doe mij een nikab aan en laat de hooli-fans

raden wie er achter schuil gaat.

Je zal versteld staan hoeveel sterspelers

er op het lijstje zullen voorkomen.





Auteur: Gi

Love is in the air   ( ♥ )


Ik zie je graag

Zei de anjer tot de roos

Ze rekte haar stengel

Ik zie je ook graag

Zei de roos tot de anjer

Ook zij rekte haar stengel

Let op voor de doorn

Wat ben ik gek op jou

De witte anjer bloosde

Ik vind jou ook te gek

De rode roos trok wit weg

Ik ben weg van jou

Ik wil niet bij je weg

Zal ik een bijtje roepen ?

Doe maar een vlinder

Zei de nu wit-roze anjer

Die prikt minder





Auteur: Gi

Verre vriend


Paul week  na onze studies uit naar Canada.

Zoon Harry verrast hem rond Nieuwjaar op een verjaardagsfeest met vroegere studievrienden. Hij ontdekte hun gegevens in het adresboekje van zijn pa, die ik al jaren niet meer zag.

In zijn nopjes, praat Paul honderduit . “Je merkt dat hij Rechten studeerde,” schertst Harry.
“Tabernacle”, repliceert Paul in Canadian French.
“Pa, je praat al heel de tijd Québécois ”, constateert Harry.
Paul kijkt mij aan: “Heb jij mij verstaan?”
Al zijn mij woorden ontgaan, antwoord ik: “Haast alles en wat ik niet verstond heb ik begrepen.”

Paul lacht naar Harry: “Tu vois, mon fils, c’est  ça la vraie amitié. Wij hebben mekaar zolang niet ontmoet, maar vanaf het eerste woord dat wij vandaag wisselden leek het of wij het gesprek  van jaren geleden weer opnamen.”

Harry sluit zijn pa en mij in de armen en glimlacht: “Bonne année, blood brothers.”





Auteur: Cocky van Heest

Hot dog


Sofia, mijn tweetalige kleindochter van vijf, is niet zo’n goede eter. Ze doet er lang over om, al is het maar een klein gedeelte, van het voedsel op haar bord op te eten. ‘Waarom moet ik eten als ik geen honger heb, oma? En waarom moet ik eten wat ik niet zo lekker vind?’

Tja, wat zal ik zeggen? Ook ik vroeg mij dat tientallen jaren geleden vrijwel dagelijks af. En kreeg dan van mijn ouders onder andere te horen dat gezond eten nodig is om goed te kunnen groeien. Niet echt een bevredigend antwoord voor een klein meisje, dus dat zeg ik dan ook maar niet tegen Sofia. Ik vraag haar wat ze het liefst zou willen eten. Ze kijkt me hoopvol aan: ‘Ik zou wel een hond dog lusten, oma.’

Ze krijgt hem van mij. Als beloning voor de prachtige nederlands/engelse contaminatie.

Hond dog: hoe kom je erop?!





Auteur: Gi

Hunker


Je vroeg wie ik was
Ik gooide alles  open
Je zei dan wie jij was
En ik ging weer  hopen

Nu blijft het voor je dicht
Het hart dat werd gebroken
De schade die je hebt aangericht
De wonden ontstoken

Onliefde is niet eens een woord
Onvergefelijk wel, en onherstelbaar
Jouw onbesef was  ongehoord
Onaanvaard- en  Onvoorstelbaar

Zal ik maar dood gaan of wil jij ruilen
Crepeer je liever zelf misschien
Dan hoef ik niet meer liggen huilen
In angst om je ooit weer te zien

In levende lijve,
Jouw verdomd heerlijk lijf





Auteur: Gi

Levensles


Hij: “En heb je het stof op het rek onder de trap niet vergeten, Zulma?”

Zij: “Er lag helemaal geen stof, Meneer de Professor, althans geen pluizen als u dat bedoelt.”

Hij: “Wat zeg je geen stof, en die dikke laag op mijn dossiers dan?”

Zij: ”Oh, die, ik dacht dat het leerstof was, Professor.”

Hij: “Ach Zulma, meisje toch, zal je het dan nooit leren?”

Zij: “ Bij volgende schoonmaakbeurt zult u ze zien vliegen.”

Hij: “Wat dan, Zulma?”

Zij: “Uw hersenspinsels, Meneer de Professor,  of vindt u dat een te moeilijk woord?”





Auteur: Gi

Brexit? You really want to get the decision right if it’s for all eternity, right?


Wat ik niet mis bij mijn terugkeer in Londen is het Palladium.

Op zoek naar een restaurant loop ik in het beroemde West End  voorbij deze kunsttempel en merk dat het ballet Romeo  &  Juliet op muziek van Prokofiev wordt uitgevoerd in een topbezetting en een choreografie van  de wereldvermaarde Russische danslegende Rudolf Nourejev.

De voorstelling begint binnen tien minuten en is uitverkocht.  Toch waag ik mij tot aan de kassa en heb prijs.  Niet in de ‘Stalls’, niet in de ‘Royal Circle’ maar in de ‘Upper Circle’ zit ik even later in de vrijgekomen tweeduizend tweehonderd zesentachtigste zetel , hoog boven in de nok van het Theater.

Tot op vandaag bedenk ik bij het horen van de passage ‘Dance of the Knights’ hoezeer deze prachtuitvoering indruk op mij maakte en ik toen geen seconde spijt  heb gehad ze voor mijn avondmaal in te ruilen.


Gi: passage uit mijn “verhalen van A tot Z: Q van THE UNITED QUEENDOM”





Auteur: Rosanne

‘I’ve got to save myself’   ( ♥ )


‘Life can get you down so I just numb the way it feels.. I drown it with a drink or out of date prescription pills.’

De stem van Ed Sheeran schalt door haar hoofd. Ze kijkt naar de pillen in haar ene hand en het bier in de andere. ‘Ga ik dit echt doen?’. ‘I’ve got to save myself’ zingt Ed. Ze dacht dat het voor haar te laat was, dat ze zichzelf niet kon redden en dat dit de enige oplossing was. Nu is ze niet meer zo zeker. Dat komt door die droom. Over kleintjes die knutselden met glitter en sterretjes. ‘Mamma, ik heb iets voor je gemaakt!’ riep een kinderstem.

Resoluut staat ze op, loopt naar de badkamer en spoelt de pillen door de wc. Ze neemt een slok bier voor ze het flesje in de wasbak leegt.

I’ve got to save myself.

 


Rosanne: Citaat komt uit een nummer van Ed Sheeran (Save Myself)





Auteur: Gi

Alleen maar niet zo eenzaam


In de tijd van Oost- en West-Berlijn werden internationale vluchten omgeleid via andere Duitse luchthavens..

Toen die regel op de dag van mijn heenreis werd opgeheven, merkte ik pas in Frankfurt het bestaan van een rechtstreekse terugvlucht.

Omdat ik hun allereerste klant was, werd ik bij mijn terugreis aan de incheckbalie uitbundig begroet.

Er werd gegrapt over welke plaats ik verkoos: aan het raampje, rokers of niet-rokers?  In die tijd werd aan boord nog gratis drank aangeboden en kon men sterkedrank, sigaretten en toiletartikelen kopen. Mij stonden drie airhostessen ter beschikking.  Eentje om de champagne te bedienen, eentje om hongertjes te stillen en eentje die mij volspoot met geurtjes van bekende Franse parfumeriehuizen.

Pas toen we landden zag ik achterin twee last-minute Arabieren slapen.  Ze wisten niet wat ze gemist hadden en wreven de ogen uit toen drie uitzinnig vrolijke hostessen hen wekten, of waren ze met vier? Soit.





Auteur: Gi

Ondertussen in de Brusselse Noordrand


Als jullie al maagden krijgen blijft de vraag of jullie ze mogen ontmaagden.

Jullie hebben de tijd, een eeuwigheid om na te gaan of ze inderdaad zullen opdagen.

Maar vergis je niet van poort, hemelen lijken op elkaar en in die andere staan ze klaar.

Klaar om jullie onder afgerukte ledematen te bedelven en met onschuldig bloed te besmeuren.

Toch moet gezegd dat wat het bestel in dit land in geen jaren vermocht, jullie in één klap konden klaren.

De luchthaven is gesloten, alles ligt stil.

De lawaaierige Rand is nog nooit zo kalm geweest.

Zo doods is het hier, dat we er ’s nachts van wakker liggen.

Kille stille Rand.

 


Gi: Dit stukje werd geschreven na de bloedige zelfmoord aanslagen op Brussels Airport, gelegen in de gemeente Zaventem. De Noordrand verwijst naar de omliggende gemeenten die al jaren geluidshinder ondervinden van de luchthaven en waarvoor de politiek maar geen oplossing vindt.





Auteur: Gi

Voornaam


In de Klaasperiode duiken overal ‘helpers’ op van de echte Sint, soms prachtig uitgedost, soms met het tafelkleed van de salontafel op de rug waarop de afdruk van de asbak te zien is (remember Toon Hermans).

Kleine Toon is naar één van de tronen van de Sint getrokken.  Thuis gekomen toont hij papa fier de puntzak met snoep die hij gekregen heeft en zegt: “Papa, ik weet een geheim.”

“Zo, laat horen”, zegt papa.

“Ken jij de voornaam van Sinterklaas?”

Verbijsterd schudt Papa langzaam het hoofd van links naar rechts.

“De voornaam van Sinterklaas is Oscar!” jubelt de kleine.

 “Hoe weet jij dat zo zeker”, vraagt papa verbijsterd.

“Toen ik bij hem op schoot zat, ging er een gordijntje opzij achter de troon en fluisterde een dame: ‘Oscar, wil je een sjat(*) koffie?’, en de Sint antwoordde: ‘Ja, graag Julia.’”

* sjat is een leuk Vlaams woord voor kopje.





Auteur: Gi

Bijna nabij


Aan tafel, net als ik
Je ogen volgen dezelfde  lijnen
Die ik net begon te lezen
Dat weet ik, ik voel het

Zoveel andere dingen deed je mij voor
Maar het lezen nam altijd een bijzondere plaats in
Ik besef dat  jij nu denkt wat ik denk,
kan haast jouw wensen raden

Bij dit krantenknipsel over ouder worden
Het opschuiven van de leeftijd
Hoe wij steeds langer leven
En hoeveel meer mensen eenzaam zijn

Ver van elkaar vandaan
Doch samen horen in gedachten
Ook dat leerde jij mij ooit
Vandaag zal geen van ons zich verlaten voelen





Auteur: Gi

You don’t need a wheaterman to know which way the winds blows (Bob Dylan)


Bij guur weer wordt hij verwenst
Hij voelt koud in de nek, wie vraagt
Naar deze ongeliefde luchtverplaatsing

Bij het krieken van het voorjaar
Kan hij mild zijn, wiegen
Prille bloemen in zijn zucht

Bij felle zomerzon
Snakken wij naar zijn briesen
Soms voert hij zand aan uit woestijnen
Soms brengt hij de verlossende regendrop

Bij gouden herfstkleuren
Kan hij kalm zijn of onrustig
Als te veel bladeren neerdwarrelen
Doet hij ze wervelen en laat zich horen: de wind!





Auteur: Gi

Toen was geluk heel gewoon


Al zou ik mij er tegen weren
Steeds meer dagen beelden op
De ene sterker dan de ander

Maar ik weer ze niet
Al zijn er soms harde om dragen
Steeds is er één dat er om doet

Het zomert zoals alleen toen zomers waren
Mijn kinderfiets blinkt in de zon
Daar zie ik hem al bij het water

Mijn opa met de groene grote paraplu
Lacht breeduit als hij mij ziet
Stil, maant een vinger op de mond

Een andere wijst naar de dobber en kijk
Aan de lijn spartelt de vis en opa en ik juichen
Later zwemt de karper in het oude bad op het koertje





Auteur: Gi

Drang


Nog maar net geleden
Werd ik wakker door jou
Daar was die droom weer
Een droom over berouw
Afgemat van ’t praten
Moe van de strijd
Blijf ik steeds verlangen
Dat je mij bevrijdt

Refrein:
Als de onschuld van kind’ren
Eenvoudig maar echt
Is mijn drang naar jou
Beslist oprecht
Voor mij ben jij de ware
Toen kwam die regenvlaag
En spatten al mijn dromen
Als druppels uit elkaar

‘k Voel  mij zo verloren
En schaam mij zo diep
Ik smeek je:  vergeef mij
Maar mijn wens die hoor je niet
Hoe jou te verlooch’nen
Alsof je nooit bestond
Jou moeten vergeten
En wat ons verbond

Refrein

Open weer jouw hart
Neem mij zoals ik ben
Ach denk je nu eerlijk
Dat ik jou niet beter ken
Weet dat ik je lief heb
En je nooit zal laten gaan
Jou behoort mijn hart toe
Die wens blijft bestaan

Refrein

* Dit is een liedtekst, vandaar het weerkerend refrein.
Enkele woorden zijn afgebroken vanwege het metrum maar er is nog niet echt een bestaande melodie.
Misschien zit er onder de lezers een toondichter die er mee aan de slag wil?





Auteur: Gi

Verlamd


Zij kijken wat verweesd

Morgen is het offerfeest

Al zijn lammetjes nog zo lief en zacht

Zij worden helaas niet geacht

Te weten wat hun lot zal zijn

Wordt het met of zonder pijn

Slachten mensen met plezier

Denken zij ‘t is maar een dier





Auteur: Gi

Van hogerhand


De hemel valt op aarde stuk

Wie heeft er wel, wie geen geluk

Is er een drijfveer, is dit een vloek

Of is de redelijkheid zoek

Van d ’Allerhoogste zogenaamd

Welk plan heeft hij dit keer beraamd

Die blauwe bol alweer, of wat

‘t Heelal heeft toch planeten zat





Auteur: Gi

Vakantiegenoegens   ( ♥ )


“Stoort het niet dat ik eet terwijl jullie roken?”

Ze zitten op het terras.

Ik zag ze al op het strand, hoogrood verbrand en elk half uur sigaretten opstekend.  Zijne zonder, de hare met lange filter en peuken met rode lippenstift.

Beiden schrikken bij mijn vraag.

Hij snauwt: “Ga elders zitten, sukkel.”

Hun asbak puilt uit wanneer ze opstappen, uit een cabriolet strandhanddoeken nemen en rokend terugkeren naar hun strandstoelen.  Zeelucht geeft trek.

Ik ledig de asbak in mijn servet en stap resoluut naar de rode cabriolet.

Ik open de servet. Dit zeebriesje zit net goed: as en peuken gaan de lucht in en belanden op de wit lederen zetels.

Ach, wat sneu dat die lui nu net op dit plekje staan; hadden ze maar elders moeten parkeren, denk ik.

Op de passagiersstoel ligt een lange peuk met rode lippenstift.

Past wel bij de kleur van de wagen.





Auteur: Gi

Easter Memory


Wij zitten aan, aan het paasbanket van moeder.

Zij dient een exquise kippenconsommé op: een authentieke soepkip, langdurig gesudderd in een groenteboeket.

Als voorgerecht volgt een kippenpasteitje: bladerdeeg gevuld met gehaktballetjes en brokjes van de eerder gesudderde poule in een champignonsausje en een vleugje citroensap.

De hoofdschotel: moeders onvolprezen gevulde braadkip met eigenhandig gerolde aardappelkroketjes en sla met verse mayonaise van het huis.

Bij de koffie wordt de kroon gespannen: een donkerbruine gelakte biscuit in de vorm van een……..gebraden kip!

Die kipvorm bij het dessert is er teveel aan. De tafelgasten houden het niet meer en proesten het uit van het lachen.

 La Mamma cuoca koestert geen argwaan. Tof toch dat de kinderen zo onder mekaar plezier maken en genieten van haar kookkunst.

 Haar gasten besterven het wanneer er bij het avondmaal een lichte koude schotel wordt opgediend met ham, asperges en…..hardgekookte eitjes !!!!





Auteur: Gi

Belgische dure fiets   ( ♥ )


Mijn nichtje en haar Franstalige man hadden een zoontje.

Zijn moeders’ ouders en familie spraken met hem Nederlands.  Papa’s aanverwanten spraken enkel Frans.

Tijdens een bezoek van mijn echtgenote en mezelf zei het vijfjarig ventje: “Ah, ja, in het Nederlands!”  Toen hij merkte hoezeer ik op zijn grootvader leek voegde hij er aan toe: “Ah, non, tu n’es pas Bompa. Gij zijt zijn frère.”

Hij toonde ons zijn nieuwe fiets, sloeg met zijn hand op het zadel en zei:  “Het is duur, hoor!”

Wij beaamden dat je wel kon zien dat het een dure fiets was.

Twijfelend zei hij : “Neen, neen, dit is duur,” en sloeg nog harder op het zadel.

Dan begrepen wij dat het zadel van zijn nieuwe koersfiets fameus hard was.

Later hoorde wij de jongen om de haverklap oefenen: “Hard en Flamand, dur in het Frans, hard en Flamand, dur in het Frans,…….”





Auteur: Gi

De transgender kip


Geen huisdieren luidde het verdict van moeder.  Een nuttig dier, mocht wel.

Wegens hun eieren en later de kippenbouillon, het pasteitje of de filets zat thuis plots pluimvee in een hok.

Zes lelijke grijze kippen waarvan één bruingele poten had.

De eieren kwamen als verwacht.  Elke dag vijf eieren  waarvan één extra groot met twee dooiers. Maar het zesde ontbrak.

Bij het voederen of het wegnemen van de eieren was één kip zeer agressief.  Zij pikte ook naar de andere dieren.

De buurman, die wel vijftig kippen bezat wist raad.

Niet de geelpotige, maar de agressieveling kon wel eens een haan zijn.

Hij zou de kip met het haantjesgedrag overnemen want hem ontbrak testosteron in zijn harem vol kiekens.

De geelpoot bleek uiteindelijk de dubbeldooierlegkip te zijn.

Een aantal weken later liep bij de buren een oogverblindende sierhaan rond.

Zijn gekraai was te horen in alle kippenrennen uit de buurt.





Auteur: Gi

De beste koffiereclames


In de Andes woonde in de jaren zeventig een vrouw die meer dan honderdtwintig jaar oud was.

Ze dronk sinds haar tiende levensjaar elke dag zwarte koffie.  De  dagelijkse consumptie liep op tot om en bij de twee liter.  Ze rookte ook de pijp.  Maar dat deed ze pas veertig jaar.  Ze begon ermee toen haar man zaliger stierf op tachtigjarige leeftijd.

In dezelfde jaren zeventig was er in ‘s-Hertogenbosch een koffiezaak.  Een bord op de stoep droeg het opschrift: ‘Welkom in onze koffiebar. Hier drink je de vieste koffie ooit. Onze koffie is bar slecht. Je bent gewaarschuwd!’

De bar zat stampvol. Er kwam een groep jonge mannen naar buiten.  Ze brulden: “Bah – niet te zuipen, dat brouwsel!”

We hadden net elders een lekker bakkie gedronken. Toch vonden we dit bord één van de beste reclamestunts ooit.





Auteur: César Noordewier

Sportieve leefwijze


Hij was lid van drie sportverenigingen: een fitnessclub, een voetbalclub en een club voor hondengevechten.

Naar de fitnesswinkel, waar hij vier dagen per week in een sportieve blazer klanten te woord stond, reed hij in zijn BMW met sportvelgen.
Zijn medeweggebruikers schrokken zich regelmatig het apelazarus van zijn sportieve rijstijl.

‘s Avonds zapte hij, onder het genot van vele sportrepen, van het ene naar het andere sportkanaal, om maar niets te hoeven missen: baseball, boksen, voetbal, gewichtheffen, schaatsen, noem maar op.

Zijn wereld stortte ineen toen hij op een zondagmiddag, rechtsback was hij, op het voetbalveld een rode kaart kreeg wegens onsportief gedrag. Hij voelde zich als een kegel die finaal omver werd geworpen.
Die enorme klap kwam hij dan ook nooit meer te boven.

Zijn laatste jaren sleet hij grotendeels in het bingozaaltje van het buurtcentrum, waar hij weleens een pot augurken won.





Auteur: Hans Stavleu

Wat houdt je tegen?


Verlegen kijkt ze hem aan wanneer hij glimlachend in de stoel schuin tegenover haar plaats neemt. ‘Wat een leuke krullenbol’, denkt ze en zegt snel ‘Hallo.’

Haar vingertoppen glijden zenuwachtig over haar nepleren tasje dat op haar schoot ligt. Terwijl ze naar buiten probeert te kijken spiegelt de ruit een romantisch tafereel haar jonge brein in: samen door de stad fietsen en iets gaan drinken.

‘Veel tijd heb ik niet,’ raast het door haar hoofd.
‘Ik moet bij het volgende station uitstappen, ons mam heeft worstenbroodjes gemaakt,’ zegt ze in een klungelige poging een gesprek aan te knopen.
‘WhatsApp!’ denkt ze. ‘Mag ik je …’

‘Je woont hier? Jammer. Maar je weet wat het goede van Helmond is?’

‘Nou?’, reageert ze geïnteresseerd en buigt een beetje zijn kant op.

‘Het enige goede aan Helmond is de trein naar Eindhoven. En je wil nog wat vragen?’

Ze staat op. ‘Laat maar.’





Auteur: Ellen Hopman

Wie ben ik nu?   ( ♥ )


De ochtend is aangebroken, nog ietwat slaperig kom ik overeind ”gefeliciteerd ik” weer een jaar ouder, wakker worden in een vreemd bed met vreemde mensen op diezelfde zaal.

Drie uur later, en daar is hij, de man in zijn onmiskenbare witte jas. Zijn ogen vriendelijk als altijd, hij steekt zijn hand uit, “Gefeliciteerd.“

Dan de uitslag, de scan, ik hoor zijn woorden maar wil ze niet horen. Ik voel tranen maar ik maak geen geluid, ik zie nog slechts zijn lippen bewegen maar ik hoor niets meer.

Dan is het stil, iedereen is stil, en ik zit daar, verslagen, leeg, herhaal stilletjes die vreselijke woorden vooral dat ene woord.  Ineens ben ik niet meer die lachende vrouw die ik gister nog was. Alles anders, zoveel gehoord maar weet eigenlijk niks, onzekerheid in alles wat ik nu ben maar ik  ben niet meer wie ik was.

Wie ben ik nu?





Auteur: César Noordewier

Het snelle leven   ( ♥ )


Rrrrr, rrrr, rrrr…
‘Ha, Annemiek, hoe is h…?’
‘Hoi, Vincent! Ik dacht, ik bel even. Alles goed?’
‘Hier gaat alles prima. En met j…?’
‘Ja, prima hoor. Werk je nog steeds bij de bank?’
‘Ja, maar volgende…’
‘Nou, fijn dat je het zo naar je zin hebt daar.’
‘Ik heb namelijk besl…’
‘En heb je Frits en Anneke nog gesproken? Die zijn in Guatemala geweest, bij de Inca’s. Fantastisch, hè’
‘Nou, de Inca’s leefden niet in G…’
‘Wil ik ook nog eens naartoe. Of naar Lapland, lekker pinguïns kijken!’
‘Pinguïns leven in…’
‘O ja, en ik heb een nieuwe auto gekocht, een kanariegele Cinquecento. Enig, hè?’
‘Zeker, maar wat ik je nog wilde vrag…’
‘ Volgens Olga had ik een rode moeten kopen, maar nee hoor, ik ging voor geel.’
‘Weet je miss…’
‘Nou, leuk je gesproken te hebben, maar de pizza is klaar!’
‘Ja, tot z…’
Tuut, tuut, tuut…





Auteur: Cocky van Heest

Kattenbak


Quinn van vier jaar is dol op zijn katten Milo en Rocket. Hij heeft nooit een leven zonder katten gekend. Op een dag wil hij wel eens weten hoe het met de broodnodige aanwezigheid van katten in mijn leven is gesteld.

‘Oma, waarom heb jij geen katten?’ Ik antwoord voorzichtig dat ik geen katten heb omdat het niet leuk is voor katten om driehoog te wonen. Poezen moeten buiten kunnen spelen, net als kinderen. Ik hoop van harte dat hij mijn uitleg accepteert.

Maar dat vindt hij moeilijk. Een leven zonder katten is voor hem onbestaanbaar. Ooit moet er toch wel een kat in oma’s leven geweest zijn? Maar waar is die dan gebleven?

Hij denkt er een poosje over na. En dan weet hij waar mijn katten gebleven zijn! Voor alle zekerheid vraagt hij het toch even bij me na:

‘Heb je je katten dan in de vuilnisbak gegooid?’





Auteur: Hans Stavleu

Harmonie


Zij is fragiel en slim.
Hij is sterk en handvaardig.
Zij verkent en ontwerpt.
Hij maakt.
Zij koestert haar ideeën in haar opengevouwen handen.
Zijn gedachten waaien weg met de wind, de lege ruimte in.
Zij huppelt vrolijk en tevreden door het weidse landschap.
Hij ploegt door brede straten en nauwe stegen.
Zij heeft de diepe schoonheid van een sneeuwvlok.
Hij is aanwezig met zijn uitgesproken gebaren.
Zij spreekt bedachtzaam en zacht.
Zijn stem is ruw en luid.
Zij draagt kleurige jurkjes en hoge hakken.
Hij loopt met zwart corduroy en stalen neuzen.
Zij leest subtiele haiku’s.
Hij is gek op spannende televisieseries.
Zij drinkt thee.
Hij heeft zijn koffie zwart.

Zij kiest ronde locaties.
Hij metselt rechte geometrische kunstwerken.

Ze houdt van hem.
Hij van haar.

Ze zijn eersteklas.
Dochter en vader.
Samen een bijzonder atelier.
Dwarreltje & Bonk, kunst in contrast.





Auteur: PhilipApart

Dit jaar geen vuurwerk   ( ♥ )


Niet meer dit jaar. Geen goede voornemens. Geen familiebezoek. Geen champagne.
Na een Stille nacht met kerst, waarvan hij genoot, nu een onaangename stilte.
Buiten fluiten reeds de keukenmeiden, gillend door het donker. Binnen fluit hij een deuntje mee met de oude meuk op radio twee. Traditie van de top-2000. Wat blijft er van tradities over, alleen in het lege huis. Een oliebol? Een zoen om  middernacht? Naar buiten om vuurwerk af te steken, genieten van de nacht?
Nog een uur te gaan tot waar iedereen op wacht. Een uur te gaan voor een vuurwerkpracht. Nog twee uur te gaan tot het warme bed weer vuurwerk bracht.
Nee, dat is niet meer.

Hij neemt een triest besluit en blaast de lichten uit. Het bed is nog koud, net als zijn hart. Toch wordt het warmer bij een nieuw besluit.

Morgen zal een nieuw jaar beginnen.





Auteur: PhilipApart

De X-factor


Twee leraren, één vak. Nee, ik zeg het verkeerd: één docent en één leraar.

De docent aan de school verbonden, prima opleiding, prima papieren en prima de stof in zijn vingers. Dan de leraar, ook goede beheersing van de stof. Maar vooral met de leerling verbonden. Beiden hebben een gelijkwaardige klas, gelijkwaardige opbrengst. Misschien geen ‘Elsevier top scoorders’ maar wel waar voor je schoolgeld.

Waar de docent de stof netjes overbrengt zodat de leerlingen het op het proefwerk en op het examen goed kunnen reproduceren, heeft de leraar vooral de luisteraars op zijn hand. Wat is de essentie, wat de toepassing, wat het verhaal er achter.

Beide vormen leveren een mooi examen resultaat op. Goede leerlingen.

Alleen de leraar geeft volgens mij ook wat mee voor later. Deze heeft de juiste X-factor.





Auteur: César Noordewier

Passende arbeid


‘Een prachtige baan waarin u zich nuttig kunt maken voor anderen,’ hadden ze gezegd, evenals ‘En u kunt er al uw creativiteit in kwijt.’

Zijn argument dat hij veganist was en geen vlees kon zien of luchten, hadden ze bij het UWV weggewuifd. ‘U dient passende arbeid te aanvaarden, anders korten we op uw uitkering.’

Nou, de nieuwe baan had inderdaad zijn creativiteit gestimuleerd. Toen hij van zijn chef hoorde dat ze de barbecue gingen verzorgen bij de opening van het nieuwe UWV-gebouw, had hij via een kennis uit Zuid-Amerika de heetste pepers ter wereld besteld. Een mespuntje van zo’n peper was voldoende voor twee dagen non-stop toiletbezoek.

De een na de ander zag hij naar het toilet rennen, ook de directeur van het UWV. Maar aan diens vreemde loopje te zien, had hij helaas niet op tijd het toilet bereikt.

Wat had hij toch eigenlijk een mooie baan…





Auteur: César Noordewier

Bittere armoede


Sommige mensen stralen echt armoede uit. Zo ook de dame die vlak voor mij bij de kassa van de AH staat. Lompe laarzen, vale broek, merkloze jas, vettig haar.
Uit haar winkelwagentje haalt ze een sixpack zwerverbier, een witte kool en een pot bruine stopverf, oftewel PCD pindakaas, met daarop ook nog eens een 35% kortingssticker.

Ik krijg echt de neiging haar uit te nodigen voor een Kwekkeboom kroket bij de snackbar om de hoek om zo een beetje vreugde in haar ongetwijfeld zinloze bestaan te brengen. Maar nee, misschien is zulke armoe wel besmettelijk, dus blijf ik maar op gepaste afstand van haar.

Buiten op de parkeerplaats valt mijn mond open van verbazing als ze in een Mercedes-Benz Maybach stapt. Terwijl ik mijn vijfdehands fiets uit het rek haal, staar ik haar volkomen onthutst na als ze wegrijdt.

Niet alles is wat het lijkt…





Auteur: Hans Stavleu

Mijn kat en ik


Hij zit op de voorste rij terwijl andere wetenschappers hartstochtelijk hun verhaal afsteken. Hij heeft zijn ogen dicht. Niet om zich te concentreren. Mandelbrot is moe, hij slaapt.

Enkele jaren daarvoor snuffelde ik in een net verschenen boek van hem. Veel begreep ik niet. Met een raadselachtig verlangen kocht ik het toch.

Zijn mathematische ideeën over repeterende structuren en gebroken dimensies raakten me en grijpen me nog steeds aan.

Als ik met mijn ogen dicht tevreden zit te suffen als een poes die in de vensterbank slapend van de zon geniet, zie ik projecties van oneindig diep herhalende composities van onweerswolken, bliksemschichten en romanesco broccoli. In- of uitgezoomd, alles is eender, een onbegrijpelijk fractaal bestaan.

Of het zin heeft is onbelangrijk. Als ik mijn ogen opendoe is namelijk alles mooi: van pietepeuterig tot immens groot, van helder tot vaag, van wakker tot slaap, van recursie tot mijn kat en ik.





Auteur: Sara

Zeg roodkapje


Wie ben jij, als je niet weerspiegeld wordt door andermans ogen? Wat kan jij, als aanmoedigingen om jou heen verstomd zijn. Waar blijft jouw glimlach als het nergens een zaadje van hoop zaait? Wat als de kap die jou is opgezet, jou niet past? Draag je hem dan op je borst? Met trots?





Auteur: César Noordewier

Marga uit de Tulpstraat


Koopavond. Ik sta prijzen te vergelijken voor de etalage van een schoenenwinkel.
‘Ben je nu tevreden?’ vraagt een smoezelige vrouw met een rokersstem, die het beetje vrouwelijkheid dat ze in theorie nog zou kunnen bezitten, volkomen uitsluit.
‘Pardon?’
‘Ja, doe maar of je gek bent. Was je vroeger ook zo goed in.’
‘Ken ik u ergens van, dan?’
‘Marga, uit de Tulpstraat. Had je niet gedacht, hè?’
Haar verbitterde, schurende stemgeluid zorgt voor veel nieuwsgierigen om ons heen.
‘Dertig jaar heb ik hierop gewacht, vuilak! Dus geen smoesjes nou, hè! Ik zit in de schuldsanering, ik heb drie verschillende soa’s, en ik heb amper te vreten. Allemaal door jou!’
De meute kijkt mij steeds bozer aan, dus ik geef haar vijftig euro.
‘Het spijt me,’ zeg ik en loop geschrokken weg.
Ik hoor haar nog net in zichzelf zeggen: ‘Yes! Dit werkt altijd…’
Die schoenen heb ik maar online besteld.





Auteur: Ambrosius

Project X Katwijk


Vrijdagavond. Helemaal klaar voor het feestje. Maar waar is iedereen? Zijn wij de enigen? Afgelopen week via via een uitnodiging ontvangen voor een super feest in Katwijk.

De laatste dagen nog wat werk verzet om zoveel mogelijk vrienden te informeren over het feest op het strand.

Facebook, Twitter, Instagram, etc. Alles uit de kast getrokken, band geregeld en nu staan we hier alleen op de boulevard, aan zee. Geen band te zien. Wat ging er fout? Zijn we slachtoffers van fake news? Kan bijna niet anders.

De volgende dag opgestaan. Meteen Facebook gecheckt en wat lezen we: ‘Geen massale opkomst van feestgangers, geen rellen. Wel een stevige politiemacht op de been. (Hebben wij niet gezien). In Katwijk is het Project X-feest niet doorgegaan (Dat wisten wij al). De gevreesde wanorde is vooralsnog uitgebleven in het Brabantse dorp aan de Maas.’

Wat! Brabantse dorp aan de Maas!!

Bagger!





Auteur: Sara

Van God los   ( ♥ )


‘Dus wat spreken we af als ze komen kijken straks?’

‘Nou, gewoon, dat ie van jou is. Er zijn wel meer baby’s die niet op hun vader lijken.’

‘Ja, maar je weet wat ze zeggen van Elisabeth, ook al zo’n raar verhaal, ineens op hoge leeftijd zwanger. Eerst rondbazuinen dat ze onvruchtbaar is, en dan dit.’

‘We kunnen zeggen dat we dezelfde gynaecoloog hadden, dan kijken ze vooral hem erop aan, dat hij wel vaker rare dingen zegt?’

‘Ik maak me vooral zorgen over hoe dit straks moet als de vroedvrouw weg is joh, ik bedoel.. straks laat ik hem vallen, hoe leg ik dat uit aan z’n echte vader,.. en wat als hij dadelijk in zo’n nee-fase komt, mag ik hem dan vaderlijk eh.. corrigeren?’

‘Ja, en wat denk je van mij, Jozef, want ik moet hem de borst geven..’





Auteur: César Noordewier

Leesclub   ( ♥ )


Hij wilde perfect voorbereid op de leesclub verschijnen.
‘Onder de vulkaan’ van Malcolm Lowry zouden ze bespreken. Dus zette hij iedere ochtend de wekker op 4.00 uur voor nog meer verdieping, uittreksels en aantekeningen.

Op zijn werk trok hij zich in alle pauzes discreet terug en zijn collega’s begonnen zich af te vragen wat hij steeds met een boek op toilet deed.
Tien koppen koffie per dag dronk hij, om nog alerter te zijn op ritme, stijlfiguren en intertekstualiteit. Ook dronk hij iedere dag een liter whisky om zich beter te kunnen inleven in de alcoholistische hoofdpersoon.  

De dag voor de boekbespreking begaven zijn zenuwen het en werd hij afgevoerd door mannen in witte jassen. ‘Iemand gooide hem een dode hond na in het ravijn!’ riep hij alsmaar. Het was de laatste zin van het boek. Hij had hem tenminste nog uit kunnen lezen voordat hij definitief krankzinnig werd.  





Auteur: César Noordewier

Jachttrofee   ( ♥ )


Er stond heel wat op het spel. Zoiets maakte je maar één keer in je leven mee; dat beseften alle tweehonderd deelnemers uit twintig verschillende landen maar al te goed.

Bij zonsopkomst gingen de speciaal geselecteerde groepen van elk tien personen op jacht in de onmetelijke toendra.
Een paar keer dacht iemand de hoofdprijs te hebben geschoten, maar het betrof slechts lokaal wild.

Eeuwige roem, daar ging het allemaal om. Adrenaline, zweet en extase.
De bloeddorst hing tastbaar in de lucht. Woorden schieten echt tekort om de atavistische emoties te beschrijven die bij de jagers loskwamen.

Toen de zon het al bijna voor gezien hield, wist iemand van het Nederlandse team alsnog geschiedenis te schrijven: de laatste der digibeten was dodelijk getroffen.

Zijn skelet heeft een centrale plek gekregen in Naturalis in Leiden.
Vooral de jongere generaties maken graag selfies met dit laatste exemplaar van een digibete dinosauriër.





Auteur: Random X

Trut   ( ♥ )


‘Het wordt echt leuk’ zei ze.

‘Je zal heus niet vallen hoor!’ lachte ze.

Ze nam mij bij de hand en samen gingen wij het ijs op.

Ik wist niet wat ik moest doen. Ik kon absoluut niet schaatsen.

Zij wel. Zij kon alles.

Lichtelijk gepikeerd en met mijn hart in mijn keel schoof ik achter haar aan.

Al vrij snel kletterde ik op de grond.

Mijn knie bloedde en mijn handen deden zeer van het koude ijs.

Zij schaatste alsof haar leven ervan af hing.

Als een winter elf gleed zij over het ijs. Haar blonde haren rusteloos in de wind.

Ik zuchtte.

Goh, wat was het leuk.

Nee, ik zou echt niet vallen.

Trut.





Auteur: Random X

Altijd een bakkie


Veel lachen.

Soms een traan.

Even slikken en weer doorgaan.

Mijn hand in de jouwe gevouwen.

Jouw hart in de mijne gesloten.

Bakkie koffie in de ochtend.

Boterham in de middag.

Samen dus niet alleen.

Jij en ik buiten.

Koffie drinken in de regen.

Samen onder een grote, gele paraplu.

Altijd dezelfde plek.

Het zelfde tafeltje, dezelfde stoelen.

Jij met je rode regenjas, ik met een blauwe.

Twee cappuccino’s, één zoetje.

Jouw glimlach verzegeld op jouw lippen.

Mijn benen week, elke keer opnieuw.

Jij en ik, altijd samen, altijd een bakkie.





Auteur: Hans Stavleu

Zeenatie 2025


Nieuwsgierig kijken ze naar de grote kartonnen doos die midden op de beukenhouten keukentafel staat. Bobbi, Patricks dochter, krijgt de eer om het pakket aan de bovenkant open te ritsen. Met een glimlach rukt ze het met blauwe golven en grijze windmolens gedrukte kerstpakket open.

Zes ogen staren naar de lichtblauwe golvende crêpepapieren afdeklaag die de inhoud verborgen houdt. Langzaam haalt Patrick de bedekking weg.

Een flesje ‘Noordzeewiersaus’ met op het etiket ‘een lichtzoute saus, gezonder dan soyasaus. Dan volgt een busje bio-LoSalt met een hoog gehalte aan kalium dat uit zeewier is gewonnen, een eiwitpakket van groenwier speciaal geschikt is voor gebruik met de 3D-voedselprinter, zeewier-bouillon, uit zeewier gewonnen agar-agar en ‘Jonge Scheveninger’: kaas verkregen uit gefermenteerd zeewier.
Het kerstmenu begint vorm te krijgen.

Tot slot haalt Yolanda, de echtgenote van Patrick, grijnzend een groot bordspel van de bodem: ‘Zeerovers’.

Patrick lacht, ‘Deze kerst maakt ons de nieuwe zeehelden.’





Auteur: César Noordewier

Bijziende dame


Haar bijziendheid zorgde vaak voor indrukwekkende taferelen, die voor anderen verborgen bleven.

Bril afzetten, en boze, droevige of wanhopige mensengezichten kregen een neutrale uitstraling. De onverzorgde, kettingrokende, alcoholistische buurvrouw werd de Mona Lisa. Meeuwen werden adelaars. Grasvelden werden groene zeeën.

Op een zonnige herfstmiddag ging ze op een bankje in het park zitten. Toen ze haar bril afzette, veranderde het hele park als bij toverslag in een openluchtmuseum. Ze bevond zich ineens midden in een impressionistisch schilderij van Monet of Pissarro.

En daar kwam ineens zomaar een schattige chihuahua aanrennen.
Ze strekte een arm uit om hem een aai over z’n bol te geven.
Het ging echter om een pitbull die dat voor een vijandig gebaar aanzag.
Één flinke sprong en hij beet zich vast aan haar keel.

Vlak voordat ze naar de hemel der bijzienden opsteeg, hoorde ze het aanstormende baasje nog verontschuldigend roepen:
‘Dat doet-ie anders nooit!’





Auteur: César Noordewier

Vrede heeft een prijs   ( ♥ )


Op de jaarlijkse plantenbeurs kocht Erna een mooie cactus. Nogal prijzig, maar absoluut zeldzaam.

‘s Nachts hoorde ze een vreemd geluid, als van knarsend piepschuim.
Ze stond op, liep naar de huiskamer, deed het licht aan en keek slaperig in het rond. Zag ze dat nu goed? Bewoog de cactus heen en weer?
Ja, inderdaad. Maar hij was ook enorm aan het opbollen.

Geheel onverwachts spatte de cactus uiteen en Erna viel op de grond.

De volgende dag werd haar skelet door familie op de vloer gevonden.
Over de hele vloer kroop een stinkende massa inktzwarte insecten.

Een week later vonden de buren de skeletten van Erna’s familieleden op de vloer.

Een maand later vond de politie de skeletten van de buren op de vloer.

En zo was een jaar later de hele wereldbevolking uitgeroeid en waren er geen oorlogen meer.
Het zag erg zwart van de insecten, dat wel…





Auteur: Dellacagio

Het potentieel   ( ♥ )


Kijk, iedereen is geboren met potentieel. Het is de verantwoordelijkheid van de ouder of de begeleider om de talenten van het kind te ontplooien. Zo wordt het potentieel, hoe zal ik het zeggen, opgevuld? Jij bijvoorbeeld bent geknipt voor een academische loopbaan.

Ik wilde er iets tegenin brengen, maar de professor liet me geen ruimte.

Deze kamer, deze boeken, dit bureau, zei hij gebarend, en deze stoel zijn straks van jou. Nee, stil nou even, zo suste hij mijn half uitgesproken woorden die meer als gesmoorde kreten klonken. Mijn potentieel is echter nog lang niet opgevuld, hervatte hij. En daarom heb ik besloten om jou bij deze het stokje over te dragen.

Zonder nog een woord te zeggen verliet hij de kamer en sloot de deur. Nadat mijn verbijstering wat gezakt was sprong ik op en liep met gestrekte arm naar de deur.
Op slot.
Het zweet brak mij uit.





Auteur: Redactie

Prettige feestdagen


Nooit heb ik een huisdier gewild. De laatste paar jaar echter, zo halverwege december, fluisteren Chinese sterren me iets anders in.

Eind 2016 dacht ik dat ze adviseerden een haan als huisdier te nemen. Die gedachte was snel van de baan: dat gekraai, machtsvertoon en uiterlijke borstklopperij passen niet bij mijn karakter. En ik wil geen rijdende rechter aan de deur.

Bij de overgang van 2017 naar 2018 betrof het een hond, zo’n loyale, eerlijke, vriendschappelijke en betrouwbare viervoeter. Helaas is uitlaten in hondenweer niet aan mij besteed.

Moest ik dan in 2019 echt een mini hangbuikvarkentje nemen? Van oudsher staat het varken symbool voor kracht, welvaart en vruchtbaarheid. Fraai, maar volgens mij ben ik absoluut niet piggyproof.

Ik wacht wel op het volgende sterrengefluister. In de tussentijd wens ik alle lezers en schrijvers van microverhalen.nl genoeglijke en huisdiervriendelijke feestdagen, en alle China-georiënteerden onder ons een vooruitzicht op een harmonieus Jaar van het Zwijn.





Auteur: Hans Stavleu

Sterrenhemel


Belin schaamde zich voor zijn rode haar, blanke huid en de roodbruine sproetjes op zijn wangen. Hij voelde zich gewoon anders dan zijn klasgenootjes. Behalve wanneer hij op toneel in de volle spotlights virtuoos zijn viool bespeelde.

Zijn vader die hem het vioolspelen had geleerd zat altijd vol trots in de zaal wanneer Belin optrad.

Het was kerstavond. Belin hield de hand van zijn vader vast. Hij die de droom had dat Belin de beste violist ter wereld zou worden. Hij zou het niet meemaken.

Droevig keek Belin naar de kerstboom die was volgehangen met kleine schitterende lichtjes die voor zijn gevoel tot ver in de hemel schenen.

Ondanks de tranen in zijn ogen glimlachte hij en dacht aan de uitspraak van zijn vader: ‘Een gezicht zonder sproeten is als een nacht zonder sterren.’

Nu was zijn vader een stralend lichtje aan de donkere sterrenhemel, een sproetje op Belins wang.





Auteur: Hans Stavleu

Dankbaar moment


Jozefien en Marius kruipen achter elkaar door het nauwe gangenstelsel diep in de schrale grond. Het is er niet fris, het stinkt.

Ze is zwanger. Op zoek naar extra voedsel verdwaalde ze en kwam bij toeval Marius tegen.

‘Blijf dicht achter me, Jozefien,’ zegt Marius terwijl hij rustig met zijn schopvormige poten als een goed geoliede graafmachine zijn weg door de aarde wroet.

Even later zakt Jozefien kreunend door haar mollenpootjes. ‘Marius, ik kan niet verder met mijn dikke buik,’ steunt ze.
Marius draait zich om. ‘Ik hoor stemmen in het oosten. Er moet dicht in de buurt voedsel zijn. Hier graaf ik wel een kamertje om te rusten.’

Van plantenresten bouwt Marius een bedje.

Onverwacht staan drie grote mollen snuffelend bij het nestje en geven waardevolle geschenken aan het stel: dikke regenwormen, sappige slakken en larven van langpootmuggen.

Dankbaar streelt Jozefien kleine zwartfluwelen pelsen.
Er zijn kindekes geboren.





Auteur: Hans Stavleu

Vader en zoon


In het noorden van Lapland had Claus een hard en sober herdersbestaan. Vooral de lange donkere winter was belastend. Naast een bijbaan en het hoeden van zijn rendieren voedde hij als alleenstaande vader zijn kind op en gaf hem elke dag bijles.

In de pubertijd wilde zoonlief niets van zijn vader aannemen. Zelfs als Claus met zijn bewolkte stem ‘Ho!, ho!, ho!” riep, stopte het geruzie niet. De relatie bleef krampachtig.

Op zijn achttiende verruilde Klaas het ouderlijk huis voor een paleis in het zonnige Spanje. Moorse knechten voerden voor een grijpstuiver zijn logistieke werkzaamheden uit.

Onder druk van de Verenigde Naties moest Klaas tot zijn spijt afstand doen van zijn dienaren en kwam vervolgens in de bijstand.
Claus ervoer dit als een commerciële overwinning en nam zijn werk over.
Hij maakte direct afspraken met winkels en webshops.

De middenstand verklaarde hem heilig.
Santa Claus beheerst nu definitief de decembermarkt.





Auteur: Hans Stavleu

Goede voornemens


De poedersuiker lag als een gesmolten laag sneeuw over de nog warme oliebol. Terwijl ze haar warme deken tot aan haar kin over haar naakte lichaam trok, hapte Mariska voorzichtig in de smakelijke met rozijnen gevulde lekkernij.

Ze heeft al veel vriendjes ontmoet. Elke keer was het spannend en opwindend, maar lang duurden haar relaties niet. Het draaide altijd uit op een one night stand.

Vandaag voelde het anders, als een ommekeer in haar leven.

Het was een oudejaarsavond om nooit te vergeten. Het vuurwerk spatte er van af. En de avond was zelfs nog lang niet voorbij.

Hij stond op, kuste haar en zei: ‘Het was heerlijk, Mariska! Helaas moet ik weg, ik heb mijn partner beloofd de jaarwisseling met haar te vieren.’

Door haar tranen heen zegt ze snikkend tegen zichzelf: ‘In het nieuwe jaar wil ik alleen vriendjes die mijn lippenstift ruïneren, maar niet meer mijn mascara.’





Auteur: César Noordewier

Kwik‚ Kwek en Kwak   ( ♥ )


Ze waren al tien jaar geabonneerd op de Donald Duck. Dus toen moeder een drieling baarde, kregen ze de namen Kwik, Kwek en Kwak.

Kwik was de evenwichtigste. Als hij ergens geen totaalbeeld van had, dan kon hij goed relativeren.

Kwek was iets rustelozer. Als hij iets niet helemaal begreep, dan voelde hij toch de drang zich een mening te vormen, op basis van zijn eigen kennis en levenservaring.

Kwak was ronduit grillig en kwaadaardig van aard. Hij ging nog een stap verder. Als hij iets niet kon vatten, en onvoldoende kennis van zaken had, dan vormde hij zich toch een uitgesproken mening, door zelf de ontbrekende informatie in te vullen. Zijn wereld moest altijd kloppend zijn, hoe dan ook.

Het zal u dan ook niet verbazen dat Kwik filosoof werd, Kwek kunstenaar en Kwak politicus.

En hun ouders, die bleven de Donald Duck lezen, tot de laatste snik.





Auteur: Hans Stavleu

Omgekegeld


Met opengesperde ogen buigt hij over het levenloze lichaam, dat languit over de foul line ligt, haar rechterarm nog gestrekt in de richting van de kegels. ‘Vergiftigd,’ concludeert hij kortaf.

Kordaat stapt hij naar de bar, om de verzamelde collega’s van het slachtoffer aan de tand te voelen.

‘Een sympathieke hardwerkende collega.’
‘We zijn… waren zo verliefd op elkaar.’
‘Ze was een alleraardigste charmante vrouw.’

Zwijgend noteert hij alle verklaringen.
Terwijl hij nog somber omlaag kijkt ziet hij in een flits wat er aan de hand is.

Met halfgesloten ogen wijst hij een collega aan. ‘U bent de enige collega die geen bowlingschoenen draagt, u verzorgde de drankjes. Ze was verliefd op een collega en u ook op hem. Jaloezie dreef u tot deze duivelse moord.’

Haar onderlip trilt en snikkend reageert ze: ‘Zij, zij… hij… ze hadden alleen maar strikes, een perfect game, ik wilde de bal-in-de-goot niet zijn.’





Auteur: Edith E.

Sinterklaaspresentje


Hij staart me wat verwijtend aan, alsof hij zeggen wil: ”Nou, ben je niet blij met mij?” In zijn rug zit een gleuf. Verspilde moeite, ik kan er eigenlijk niets in kwijt. Bovendien, zelfs al zou ik het wel kunnen, ik weet van tevoren, dat het niets wordt. Sparen. Elke keer als ik denk een paar (euro)centen achteruit te kunnen leggen volgt er prompt een onverwachte dringende uitgave.

Bovendien kleeft er nog een nadeel aan een varken van porselein. Ik zal het aan diggelen moeten slaan om aan het geld te komen. Dat is zonde en het gaat tegen mijn principes in. Ik moet er niet aan denken om een varken te slachten, zelfs niet een spaarvarken. Vroeger kreeg ik wel eens spaarpotten van blik met een uitneembare bodem. Veel gemakkelijker.

“Leuk. Dank je wel Sinterklaas!” Het volgende pakje rammelt.  Chocolademunten natuurlijk. Wat anders. Kan ik in mijn spaarvarken gooien.





Auteur: Hans Stavleu

Vlekje weggewerkt


Languit liggend op haar bontgekleurde dekbed staart ze naar het witte plafond. Ze voelt zich verdrietig en alleen. Het is uit met haar vriendje. Ze verveelt zich.

Blieeeeep!
Met een vegende armbeweging zoekt ze haar telefoon. Nieuwsgierig klapt ze het roze hoesje open. Lisa!

--- bje?
zkr
--- hoessie
gmj
--- dk, zin om 2d wat te doen?
bion, bff!
verveel me
--- d8 ff w/ u te schaatsen
--- en om 8uv xwhap
--- ga je mee asje?
komt a+er ook?
--- g1 id
--- wss niet, afaik
k
ik kom asap
vlekjes!
--- tozzo
--- vlekjes!

 

Moe ploffen ze op het bruine houten bankje aan de rand van de ijsbaan. Nog steeds hand in hand. Ze voelt zich weer goedgemutst. Je kunt geen betere vriendin wensen, weet ze.

Stralend nemen de twee pubers afscheid van elkaar.
‘Vlekjes!’, zegt ze en kust Lisa’s linkerwang die nog rood gloeit van de schaatsinspanning.
‘Jij ook Veel Liefs En KusJES. Tot vanaaf!’





Auteur: Edith E.

Duizend kilo bladeren


“Herfst, herfst wat heb je te koop, duizend kilo bladeren op een hoop…” De beginregels van een kinderliedje uit mijn kleutertijd, dat erg veel indruk maakte. Duizend kilo bladeren! Ik zie ze helaas maar zelden, die kleurige hopen, hooguit in de diverse bladkorven van de gemeente.

Het prachtige seizoen waarin de natuur verandert in een keur van warme tinten geel, oranje, rood, bruin en zelfs een beetje purper, duurt eigenlijk te kort. Wat is er nu mooier dan de bontgekleurde geschenken die de natuur éénmaal per jaar uitdeelt? Al dat blad heeft ook een functie. Het beschermt de planten tegen nachtvorst en dient daarnaast als isolerend materiaal voor dieren. Bladeren zijn nog decoratief ook, maar vertel dat aan de mens van de 21e eeuw. Die veegt alles wat blad en tak is weg en koopt daarna een plastic slingertje van herfstbladeren om een herfstsfeertje te creëren.





Auteur: Hans Stavleu

Achteloos


Bloedrode spetters liggen verspreid over de anders zo smetteloze gewhitewashte houten vloer. Ook haar jurk is niet ongeschonden en ziet er uit als volgespatte werkkleding van een kunstschilder. Moeizaam kruipt ze enkele centimeters achteruit, vlak langs de spiegelende aluminium poot van de eettafel. Haar rechterhand beweegt heen en weer.

Twee minuten geleden was dat nog anders.

Na een lange vermoeiende werkdag zit ze in haar hagelwitte jurk aan tafel. Drie kaarsen verlichten sfeervol haar eten: een geroosterd broodje met een halfdoorbakken hamburger en een frisgroene salade. Ze is gek op comfort food.
Ze pakt de bijna lege flacon die rechts van haar bord staat. Ze houdt het op z’n kop en knijpt er onbedachtzaam in. Eigenlijk een beetje te hard. De lucht die ze er uit perst creëert een explosieve eruptie met rondspattende ketchup tot gevolg.

Spotify speelt A Hard Day’s Night. Ze hoort het niet.
Ze boent.





Auteur: César Noordewier

Karaktermoord


Hij werd beschuldigd van iets vreselijks en iedereen liet hem keihard vallen.
Familie, vrienden, bekenden en minder bekenden, allen hadden ze ineens een uitgesproken mening in zijn nadeel.

‘Ik heb het altijd al geweten.’
‘Ik heb hem nooit vertrouwd.’
‘Zie je nou wel! Mijn intuïtie bedriegt mij nooit.’
‘Ik zag het aan zijn ogen.’
‘Ik had altijd al het gevoel dat hij een verborgen agenda had.’

Toen het om een persoonsverwisseling bleek te gaan, een zogeheten justitiële dwaling, keek iedereen gemakshalve snel de andere kant uit.
Niemand nam ook maar de geringste moeite om de karaktermoord ongedaan te maken.
Al die hypocriete uitspraken en fikse beschuldigingen bleven door de lucht zweven, als scheten in een kleine ruimte.

Hij emigreerde dan ook naar een land met hopelijk betere mensen.

Helaas rijden de treinen in zijn nieuwe vaderland nooit op tijd.
Een mens kan nu eenmaal niet alles hebben…





Auteur: Ambrosius

Spaarvarkentje


Zaterdagochtend. Het tijdstip om oudere ouderen digitaal te ondersteunen en ze niet te laten verzuipen in de wereld van DigiD en andere digitale zaken.

Vanmorgen in de krant een artikel gelezen over artificial intelligence. Keuzes met betrekking tot financiering van grote aankopen van particulieren worden door banken en andere instellingen gemaakt op basis van gedrag in social media. Ik vraag mij af is “geen sociaal gedrag geen lening”? Zou zomaar kunnen. Bij oudere ouderen ontbreekt regelmatig sociaal gedrag, zeker op social media.

Regelmatig krijg ik vragen over Nokia’s die ter plekke uit een brillenkoker worden gevist en dan bekruipt mij het gevoel dat ik even terug ben in de tijd. Hoe hebben we het zover laten komen? Geen idee, het zij zo. Ik lever mijn bijdrage en schuif het spaarvarkentje voor een kleine attentie opzichtig naar voren. Zwaar van het koper. Algoritmes hebben bepaald dat een papieren bijdrage uitgesloten is.





Auteur: Hans Stavleu

Sportieve kunst


Haar lippen bewegen soepel en in combinatie met haar stralende parelwitte tanden toont ze een sympathieke glimlach op haar gezicht. Door haar innemende, charmante blik met rimpeltjes rondom haar mondhoeken en kuiltje in haar wangen is alles dat ze uitspreekt bijzonder.

Zijn benen, die van zijn medespelers en die van zijn tegenstanders bewegen vlot over het speelveld. Voeten ontwijken elkaar foutloos en zo nodig halen ze elkaar gewiekst onderuit. Wanneer hij op het doel schiet is dat uitgekiend nauwkeurig evenals de reactie van de doelman van de tegenpartij.

Haar professionele commentaar en analyse staan nooit ter discussie. Ze zorgt ervoor dat haar trouwe aanhang gefascineerd aan de buis gekluisterd blijft.

Het deert de kijkers van deze spannende finale blijkbaar niet dat alle uitzendingen van dit wereldkampioenschap door artificiële intelligentie uiterst kunstig zijn gecreëerd. Een kunstgebit is immers ook niet meer van echt te onderscheiden.





Auteur: Hans Stavleu

Veroordeeld


Niemand meer die hem opgesloten houdt. Niemand meer die hem dat verschrikkelijke eten toeschuift. Niemand meer die hem zo ontzettend vroeg wakker maakt. Eindelijk heeft hij weten te ontsnappen.

Een paar straten verderop sloft hij langs een rood autootje. Na enkele stappen bedenkt hij zich. Het sleuteltje zit nog in het contact. Hij wrikt aan de deurhendel. Open!

Hij gooit een tasje met een fles whiskey, een toiletrol en een rol kaakjes op de bijrijdersstoel en zoeft de vrijheid in, weg van die afgrijselijke verpleegster, weg van dat alles tegensprekende bezoek, weg van die drankjes en akelige pillen, weg van dat gruwelijke bejaardenhuis.

Loeiende sirenes rijden hem klem.

Ontsteld hoort hij een vriendelijke politieagente zeggen: “Meneer, u rijdt zonder rijbewijs en zonder gordel in een gestolen brommobiel met een maximale snelheid van 45 kilometer per uur op de linkerrijbaan van de snelweg.”

“We zullen u helaas in hechtenis moeten nemen.”





Auteur: Hans Stavleu

Te kijk


Met een opgewekte blik in haar grote ronde bruine ogen steekt ze haar hand uit, “Hallo, ik ben Josefien.”

“Hallo, Josefien, en ik ben Sven, leuk je te ontmoeten.”

“Ga toch zitten, wil je wat drinken?”, vraagt Sven onder de indruk van haar verschijning.

Zijn ogen dwalen langs haar diep uitgesneden decolleté. Hij slikt.
Terwijl ze gaat zitten kruipt haar korte jurkje nog verder omhoog.

Met het gevoel van een kat in een vreemd pakhuis zegt hij klungelig: “Je ziet er mooi uit.”

“Dank je wel, Sven.” reageert ze met een vrolijke glimlach.
“Zou jij met me willen winkelen en me van top tot teen willen aankleden?”

“Mijn vriendje wel, hij bepaalt wat ik draag. Kijk, hij staat aan de overkant in die kledingwinkel.”

Sven ziet enkele regendruppels op het terrastafeltje spetteren.
“Hij had een jas voor je moeten regelen!”
Bedremmeld loopt hij weg van zijn allereerste date ooit.





Auteur: Ellen Hopman

Tijd   ( ♥ )


Het is ons niet allemaal gegeven, veel tijd. Maar als je het dan toch hebt is het misschien vanaf nu een mooi voornemen. Zo met het einde van het jaar in zicht zouden we eens stil moeten staan bij “tijd”.

Het is maar een heel klein woord in onze taal maar kan zoveel doen. Als je nu net als bij microverhalen eens 150 dagen gebruikt van die 365 om jouw tijd nuttig te besteden. Pak je koffer ga op reis, maak een wandeling en verbaas je over alles wat je buiten ziet en wees je er bewust van. Doe een goede daad en schenk eens koffie bij ouderen.

Onze tijd is kostbaar en we zijn allemaal maar druk . Neem de tijd, jouw tijd. Laat kostbare tijd niet verloren gaan aan onzinnigheid, oneindig turen op een telefoon of tablet maar open je ogen.

Voor je het weet is je tijd op.





Auteur: César Noordewier

Roodkapje in het digitale tijdperk


Roodkapje liep door het donkere bos richting het huis van haar oma.
Ze had alleen maar aandacht voor haar smartphone, waardoor ze een paar keer bijna in het ravijn viel. Het bereik in het bos was trouwens niet best; ze zou zich daar binnenkort eens flink over beklagen bij haar provider.

Toen ze het huis van grootmoeder betrad en een opvallend behaarde oma in bed zag liggen, die druk aan het chatten was op haar tablet, vertrouwde ze het niet en belde gauw 112.

Maar de boze wolf was  ook niet gek. Hij zocht via de ANWB routeplanner de snelste vluchtroute uit en voordat de politie arriveerde zat hij lekker op een terras en stuurde hun een selfie met uitgestoken tong toe. Niet echt slim natuurlijk, want zo was hij vrij snel te traceren.

Hij kwam ervan af met een taakstraf: drie maanden lang schapen hoeden in het dorp.





Auteur: César Noordewier

Snel handelen is geboden   ( ♥ )


Ik was bezig met mijn collectie dinosaurussen, maar nam even een lunchpauze.
Toen ik terugkwam, zag ik het meteen: de Brontosaurus en de Tyrannosaurus ontbraken. Mijn herdershond keek als Jonas in de walvis en haalde moeilijk adem.
Eén plus één is twee. Paniek!

Als een razende roeland reed ik naar de dierenarts.
‘Help! Waar is de dierenarts? Help, alstublieft!’
‘Geen paniek meneer, wat is er aan de hand?’
‘Mijn hond heeft twee dinosaurussen ingeslikt!’
‘Juist, ja. En wat heeft u zelf de laatste tijd zoal geslikt?’
‘Help nou, hij stikt door de dinosaurussen!’
De dierenarts gaf me een verwijsbriefje. ‘Dr. Karloff, psychiater,’ las ik.

Een engeltje gaf me in wat te doen. Ik rende naar de feestwinkel verderop en kocht wat niespoeder. Ik hield het zakje voor zijn snuit en even later kwam de verlossing.

‘Kijk mama, een hond die dinosaurussen uitspuugt!’
‘Petertje, je moet niet zoveel stripboeken lezen, hoor!’





Auteur: Hans Stavleu

Pronk & praal


Petra werkt in de hospitality sector. Dat past beter dan horeca, vindt ze. De gastvrijheid van hotels is immers iets anders dan de geur van verschraald bier in een kroeg.
Bovendien zie je er in deze bedrijfstak onberispelijk uit, is haar overtuiging. Met haar smaakvolle jurken, shirtjes, jasjes, rokjes en op-en-top verzorgd kapsel bewijst ze dit dag na dag.

Haar bekoorlijke verschijning komt echter het meest tot haar recht met haar schoenen. Ze koopt ze frequent en begerig. Voor iedere gelegenheid heeft ze een model, design en afwerking. High heels, pumps, enkellaarsjes en mocassins, ze weet ze volmaakt te combineren met haar vergaderingen, bilaterale gesprekken en presentaties.

Danny, haar partner, vindt echter dat de grens bereikt is: ‘Heb je er nog niet genoeg? Ik heb ze geteld, je hebt 150 paar!’
Petra’s repliek liegt er niet om: ‘Kijk naar Assepoester dan weet je welk verschil een paar schoenen kan maken!’





Auteur: Cocky van Heest

De wolkenfabriek


Het is vakantie. We zijn met de auto op weg naar Sprookjeswonderland. Mijn twee kleinzoontjes en ik. De oudste vraagt: ‘Oma, bestaan er eigenlijk wel wonderen?’

Ik weet het niet. Er zijn wel dingen die ik als een wonder zou kunnen definiëren. Maar hoe leg ik dat aan hen uit?

Een gesprek tussen de broertjes volgt. Zij zijn er ook niet zeker van of wonderen bestaan. ‘Maar als er wonderen bestaan, wie dóet dan die wonderen?’ hoor ik achter me. Ik waag het niet me te mengen in hun zoektocht naar dit ‘to be or not to be’.

De discussie valt stil. Het begrip wonderen is te lastig voor twee kleine jongetjes. Of toch niet?

We rijden langs een fabriek. Dikke witte stoom komt uit de torenhoge pijpen. De jongste roept: ‘Kijk oma, daar maken ze nieuwe wolken!’ Opgewonden bekijken de twee mannetjes het bijzondere verschijnsel.

Discussie gesloten: wonderen bestaan!





Auteur: César Noordewier

Decibellen


Afgelopen zomer was er in Scheveningen een optreden van drumgigant César Zuiderwijk. Hij gaf daar een drumconcert, samen met tweeduizend drummers.
Het komt geloof ik zelfs in het Guinness Book of Records te staan.
Zeventig lentes telt Zuiderwijk inmiddels. Hij is blijkbaar nog taaier dan Mick Jagger, Patti Smith en George Baker bij elkaar.

Slagwerkers uit zo’n beetje alle continenten waren vertegenwoordigd, met drumstellen, Japanse taiko’s, tomtom trommels, samba drums, conga’s en djembés.

Achteraf vraag ik me trouwens af of het wel zo verstandig was om dat live bij te wonen, zeker als je vooraan staat. Sindsdien is mijn gehoor namelijk ‘van slag’ en hoor ik vrijwel niets meer. Alleen hele harde geluiden kan ik nog onderscheiden, zoals het neerploffen van een atoombom, of het neerstorten van een grote meteoriet op het nabijgelegen winkelcentrum.
Hopelijk is dit tijdelijk.

Schrijven gaat gelukkig nog wel.





Auteur: Hans Stavleu

Overtuiging


Hij was een begrip. Klanten van Gamma, Karwei en Hornbach vroegen altijd: “Hoe zou Jaap het doen?”

Schroevendraaiers, steeksleutels, ratelpijpsnijders, zaagbeugels, boren en tangen boden hem weinig geheimen evenals lijmpistolen, schuurlinnen, isolatietape, spijkerlichters, glaspenrevolvers en draaibanken. Jaap was met werktuigen in zijn handen geboren.

Jaap kreeg genoeg van gootstenen ontstoppen, lampen en schilderijen ophangen en tuintegels sjouwen. Een stemmetje zei: het wordt tijd voor iets anders.

Hij maakte foto’s, goot bronzen beelden, pakte gebouwen in, penseelde schilderijen, creëerde installaties, beeldhouwde torso’s, timmerde abstracte vormen, naaide kleding, blies glas en smeedde ringen en halskettingen.

Veel musea stelden zijn werk tentoon. Hij was een begrip. Bezoekers vroegen altijd: “Hoe zou Jaap het vinden?”

Na exact 150 stromingen en bewegingen te hebben nagebootst gaf hij er de brui aan. Een stemmetje zei: het wordt tijd voor iets anders.

Jaap ging met vervroegd pensioen. Zijn vrienden en familie vroegen: “Hoe zou Jaap zich vermaken?”





Auteur: Hans Stavleu

CL


Het was de laatste les voordat de kerstvakantie zou beginnen. Wiskunde, het was niet ieders lievelingsvak. Toch weet Juf Jaelle er altijd iets van te maken en haar leerlingen aan het denken te zetten.

Dit jaar heeft ze een variant op de beroemde en beruchte AIVD-kerstpuzzel bedacht: een stevige cryptische opgave.

Alle leerlingen krijgen een gesloten envelop die ze pas thuis mogen openmaken.

In elke verzegelde envelop zit een foto van de Tweede Kamer, een afbeelding van een psalmenboek, een plaatje van een aantal Power Stars in Super Mario 64 DS, een kaart waarop Katwijk en Nijmegen met het woord ‘Limes’ staan aangegeven, een foto van anderhalf toilet en een kopie van een priemgetallen-rekensom ‘7 + 11 + 13 + … + 29 + 31’.

‘Wat moeten we ermee, juf?’, is de grote vraag uit de klas. Ze wijst naar de envelop waarop staat: ‘Prettige vakantie en veel succes!’
Ze is nu al nieuwsgierig naar hun enthousiaste verhalen op de eerstvolgende schooldag.





Auteur: Hans Stavleu

Conflict


Haar hele bed en kamer lagen vol witte en grijze pluisjes en veren. Ze wist wat er de vorige avond was gebeurd.

Whammm, ‘Die had je verdiend.’
Ze kreeg de volle lading terug, ‘Wie ben je eigenlijk?’
Half bewusteloos mepte ze terug, ‘Ik ben wij.’
Lachend kwam de volgende slag, ‘Jij wilde dat ik bleef logeren.’
Het was even stil en ze zwaaide haar kussen in het rond, ‘Ja, wij, voor de gezelligheid.’
De veren dwarrelden als sneeuwvlokken door de slaapkamer.
Ze stond wankelend op het bed, ‘Haha, hier heb ik wat gezelligheid,’ en sloeg met een half leeg kussen terug.
Met een sprongetje gooide ze twee handen vol witte veertjes omhoog, ‘We genieten!’
Onverwacht kreeg ze een kussen met volle vaart tegen haar gezicht.
Het duizelde even voor haar ogen.

Ze viel plat op haar rug op het zachte bed en mompelde: ‘Schizofrenie is zo gek nog niet.’





Auteur: César Noordewier

Zo hou je tijd over


Vroeger dacht ik dat je minstens drie vechtsporten moest beheersen, om jezelf in geval van nood te kunnen verdedigen.
Gaandeweg merkte ik dat ik de enige van de vechtsporters was die ongewapend over straat liep. Daardoor werd ik niet echt serieus genomen.

Dus reed ik een keer op en neer naar Antwerpen om een leuke Colt aan te schaffen.
Het bezit ervan bezorgde mij eindelijk de nodige status in de kringen waarin ik verkeerde. En zo’n ding is nog decoratief ook.

Toen ik tijdens een ruzie om een geranium (het laatste exemplaar in de aanbieding) bij het tuincentrum iemand met een simpele beweging van mijn wijsvinger overhoop schoot, besefte ik dat ik me heel wat uren in de sportschool kon besparen en zegde al mijn lidmaatschappen bij sportscholen op.

Sindsdien plaats ik iedere week minstens twee verhalen op microverhalen.nl ».

En ik heb ook niet meer al die blauwe plekken overal.





Auteur: Ellen Hopman

Lui of slim?


Een peuter zindelijk krijgen vergt een hoop geduld en doorzettingsvermogen. Dat peuters toch  best slimme kleine mensjes kunnen zijn bewijst Bart. Het werd de hoogste tijd dat Bart uit de luiers kwam aangezien er over enkele maanden een broertje of zusje bij kwam.

Bart zijn moeder had het voor elkaar. Bij drie keer een toiletbezoek met resultaat kreeg hij een kleine speelgoed dino. Bart was dol op zijn dino’s en kon er niet genoeg hebben. Al snel had Bart het door. Steeds na drie keer een succesverhaal op het toilet toverde zijn moeder een dino uit de kast.

Hij kon zijn geluk niet op. Om te zorgen dat hij heel zijn verzameling compleet kreeg, ging het succesverhaal een paar dagen in rook op en begon het spel opnieuw. Vervolgens na drie keer succes, en jawel een dino.

Zo werd het toch nog een kostbare zaak, twee kinderen in de luiers.





Auteur: Ellen Hopman

Met pensioen


Jarenlang zat hij achter zijn oude vertrouwde typemachine. Menig verhaal is daar op een maagdelijk wit papier uit komen rollen. Iedere aanslag op de toetsen hoorbaar door bijna het hele huis als hij weer ging schrijven. Hoe vaak moest hij niet de inktlinten vervangen of een staafje metaal met daarop de letters rechtbuigen. Het pingend geluid als de balk het eind had bereikt. Ach ja, nostalgie en oude tijden.

Verloren staat dit oud stukje erfgoed nu op zolder. Nutteloos, afgedankt. Vervangen door moderne tijden. Waar de schrijver nu eindeloos kan doortypen zonder ook maar iets te hoeven vervangen. Zelfs spelfouten worden niet meer met Tipp-Ex gecorrigeerd.

Nee, verloren gaan de bekende geluiden van een schrijver. Hem rest hem nog één ding. In ere iets herstellen wat hem welvaart bracht. Ode aan zijn oude typemachine die nu fungeert als een vintage uitziende plantenbak. Beloond met een mooi plekje in de woonkamer.





Auteur: César Noordewier

Waarom ik alleen nog maar vis eet


McDonald’s zit zelfs in Liechtenstein. Maar helaas niet in de Australische bush.
Ik was volkomen verdwaald en had al twee dagen niets meer gegeten. Gelukkig had ik wel genoeg water bij me.

Ineens zag ik een koala hoog in een boom eucalyptusbladeren eten.
Het zijn hele empathische dieren, koala’s. Hij zag dan ook de honger in mijn blik en kwam naar beneden om mij enkele eucalyptusbladeren aan te bieden.
Mijn maag rammelde enorm, dus ik greep hem snel bij zijn oren.

’s Avonds maakte ik een vuurtje met wat droge takken en bladeren en at voor het eerst en voor het laatst van mijn leven koalavlees.

Hij zou het me vast hebben vergeven. Het zijn tenslotte hele empathische dieren, koala’s.





Auteur: Ambrosius

Geveldressing


Tijdens een wandeling door het centrum van mijn woonplaats vallen de quasi gevels op. Deze gevels moeten de grandeur uitstralen van een welvarend verleden. Ze verbergen echter de huidige armoede en vooral de besluiteloosheid van “pluchezitters”.

Gevels worden beplakt met foto’s van oude dorpsgezichten, die de rottende zooi erachter moeten verbergen. In klare taal heet dit “geveldressing”.

In mijn dorpscentrum is het als norm verheven en op andere plekken begint het gemeengoed te worden en waarom ook niet? Het op deze manier beschilderen en beplakken van gevels is niet onderhevig aan tijdrovende procedures. Het ambtelijk apparaat kan daardoor inkrimpen en het is daarom kostenbesparend. Deze manier van werken is aanzienlijk goedkoper in uitvoering en voor menig oudere autochtoon wordt een mooie hangplek gecreëerd om te beppen over de goeie ouwe tijd. Geweldig! Ik ga er voor!





Auteur: Ambrosius

Heroïek


Met een voor mij ongekende snelheid en diepe zucht stuiterde ik over de laatste kasseien het asfalt op. Volbracht! Het was de eerste en laatste keer over de pavées in de meest desolate streek van Frankrijk.

De laatste voorbereiding vond de avond voor de start plaats en in de juiste stemming nam ik heroïsch afscheid van de nacht.

Bij eerste strook barstte de kop open. Teveel gedrogeerd. Chaos overheerste. Heroïek en voorgenomen tactiek spoelde met het melkzuur door mijn oren weg. Mijn vingers voelden als vastgevroren aan het stuur, stuurmanskunst ontbrak.

De laatste kasseistrook naderde. Ik harkte door en probeerde de snelheid professioneel hoog te houden. Ik stuiterde echter van rechts naar links en omgekeerd. Kasseien, fiets en achterwiel zaten er doorheen. Gelukkig, het bevrijdende asfalt was in zicht en met een laatste jump en diepe zucht stortte ik mij en mijn fiets in een veilige haven.





Auteur: César Noordewier

Typische gewoontes


Ze heeft de typische gewoonte om mee te delen wat overduidelijk is.
Als de telefoon gaat: ‘De telefoon gaat.’
Als het donker wordt: ‘Het wordt donker.’
Als het de hele dag regent: ‘Het regent.’

Maar bijna onwerkelijk is haar gewoonte om na te zeggen wat je haar zojuist hebt verteld, en wel op een manier en een toon alsof ze dat net zelf heeft bedacht.
Als je haar vertelt dat je graag anekdotische verhalen schrijft: ‘Het valt me op dat je steeds anekdotische verhalen schrijft.’
Als je zegt dat je het liefst Duits bier drinkt: ‘Jij drinkt het liefst Duits bier.’
Als je opmerkt dat je naar de oogarts moet: ‘Jij moet een keer naar de oogarts.’

Vandaag ben ik echter geschrokken. Toen er namelijk een egel door de tuin liep, zei ze: ‘Er loopt een reuzenschildpad door de tuin.’

Ik denk dat dit een keerpunt in haar bestaan is.





Auteur: Hans Stavleu

Achter het net   ( ♥ )


Margrit moest tegen haar zin haar ruime smaakvolle Skandinavisch ingerichte appartement verlaten. Het werd een rechtszaak.

Een jaar geleden begon het met haar bizarre wereldreis. In verschillende landen wilde ze de meest buitenissige gerechten eten die lokaal als een delicatesse werden beschouwd.

Ze at Haggis in Schotland, stierentestikels in Mexico, zachtgekookte eendenfoetus in Vietnam, Vleerhondensoep in Thailand, gestoofde ossenpenis in China, tonijnenogen in Japan, gebraden cavia in Peru en het Matroesjka-gerecht rijst-in-vis-in-kip-in-schaap-in-kameel bij de Noord-Afrikaanse nomadische Bedoeïenen.

Misschien door haar Zweedse komaf bleef ze thuis van één wereldgerecht smullen: een boterham met surströmming, gefermenteerde oostzeeharing.

‘Edelachtbare, ‘ begon de advocaat van Margits huurbaas, ‘na alle burenklachten zal ik aantonen waarom ze haar appartement moet verlaten.’ Met een ruk opende hij het rode blikje surströmming dat al die tijd voor hem stond. De rechtszaal werd gevuld met de penetrante zwavelhoudende stank van het smerigste gerecht ter wereld.

Brakend deed de rechter uitspraak.





Auteur: Ellen Hopman

Netelig kado


Het word nog een hele uitdaging om hier iets te vinden. Duizenden planten, planten met bloemen en zonder. Planten die hangen en andere die recht omhoog groeien. Planten te kust en te keur.

Freek kijkt zijn ogen uit in het tuincentrum. “Haal jij even een plantje voor Marijke haar verjaardag,’ vroeg zijn vrouw. Deze simpele opdracht bleek toch moeilijker dan gedacht. En alleen met een plant was die er nog niet is, er moest ook nog een pot omheen.

Waarom niet gewoon een boekenbon of zo. Een stuk zeep had ook nog gekund. Nee het moest weer zo nodig een plant zijn.

Al een half uur zocht hij, soms dacht hij het te hebben maar dat was dan te duur. Toen zag hij het. Een cactus gehuld in een mooie sierpot en goedkoop.
Misschien niet het meest liefdevolle plantje maar met liefde naar gezocht.

“Serieus, een cactus?”
“Foute boel”wist Freek.





Auteur: César Noordewier

Hoogsensitief


Toen de koelkast, die flink had staan ronken, ineens met een schok stilviel als een defecte vliegtuigmotor, raakte ze in paniek. Een uur lang moest ik haar troosten en bonbons in haar mond stoppen voordat ze weer enigszins gekalmeerd was.

Toen het hard begon te regenen en de regendruppels als kogels uit een luchtbuks tegen de ramen kletterden, begon ze als een speenvarken te gillen en te hyperventileren. Ik probeerde haar gerust te stellen door uit Roodkapje voor te lezen. Hierdoor kwam ze langzaam maar zeker weer tot rust, maar toen de boze wolf oma had opgegeten, schreeuwde ze uit alle macht om hulp.

De buren hadden bezorgd 112 gebeld en toen ik voor de geüniformeerde agenten opendeed, begon ze in blinde paniek door het hele huis te rennen.

‘Hoogsensitief,’ concludeerde de psychiater.





Auteur: Cocky van Heest

Kaarten op tafel   ( ♥ )


Het is laat. De meeste stamgasten zijn al naar huis. De kroegeigenaar spoelt de laatste glazen om. De vier kaartspelers kijken op de klok: bijna middernacht. Ook zij maken aanstalten om naar huis te gaan.

‘Kom op, mensen, doen we nog een laatste spelletje?’ vraagt de verliezer hoopvol. ‘Laatste ronde, laatste kans?’ Maar nee, de medespelers druipen een voor een af. Morgen weer vroeg op.

Teleurgesteld gooit de verliezer zijn kaarten op tafel. En daar liggen ze, in chaos achtergelaten. Met als enig gezelschap de kringen van bierglazen. Deze beduimelde kaarten, de oorzaak van winst en verlies: ze  getuigen van de wanhoop van de verliezer. Hij zucht, neemt zijn verlies en vertrekt.

De kroegeigenaar pakt misnoegd de kaarten en bergt ze op. Voor het volgende spel zullen ze weer geschud worden, maar nu ze moeten ze het doosje in, netjes op volgorde.

Boer zoekt vrouw.





Auteur: Hans Stavleu

Eigen wereldje


Het  leek hem niet te deren dat hij geen broers en zussen had. Hij speelde gewoon met zijn speelgoed en zijn ongebreidelde fantasie.

Met zijn dinosaurussen kon hij zich het beste vermaken. Ze klauterden over de stoelen, tafels en kasten en smeedden met elkaar wrede plannen om aan voedsel te komen.

Geregeld bezocht hij Archeon en Naturalis. Daar kon hij ze weer zien en alles over ze te weten komen. Zo wist hij dat de vleesetende Tirannosaurus Rex dagelijks meer dan 150 Big Macs moest eten om te overleven.

Wanneer hij ‘s morgens de deur uitstapte maakte hij steevast een vreemd uitziend sprongetje. Dat was voor hem heel normaal: ‘ik stap op mijn T-Rex, die brengt me naar school.’

Zijn moeder zag een groot bioloog in hem. Zijn eigen beeld van de toekomst was echter heel anders. ‘Ik wil later een grote speelgoedwinkel waar kinderen ook met elkaar kunnen spelen.’





Auteur: César Noordewier

Rustgevende kruiden   ( ♥ )


Een man met slechts aandacht voor zijn smartphone knalde in de stationshal hard tegen me aan.
Ik vroeg of hij zich pijn had gedaan.
‘Kun je niet uit je doppen kijken, mafkees?’ was zijn antwoord.
‘Als u wilt, haal ik bij de kiosk een kopje thee met rustgevende kruiden voor u.’
‘Neem je zuster in de maling!’
‘Waar het verstand ophoudt, begint de woede.’
‘Je denkt zeker dat je de Dalai Lama bent, hè? Met je mooie praatjes…’
‘Ik voel slechts compassie voor u.’
‘Waarom rot je nou niet lekker op, in die soepjurk van je?’
‘Wees wat milder voor jezelf.’
‘Ah, daar is hij!’ riep iemand van het welkomstcomité.
‘Dalai Lama, welkom. We zijn zeer vereerd. Hoe was uw reis?’
‘Prima.’
‘We hopen dat u zich snel thuis voelt in Nederland.’
‘Vanaf het moment dat ik uit de trein stapte, voelde het als een warm bad…’





Auteur: Random X

Onafscheidelijk


Jij en ik waren als kinderen onafscheidelijk.
Wij deelden onze eerste stapjes, eerste woordjes.
De eerste keer vallen en weer opstaan.
We speelden verstoppertje, tikkertje en renden altijd achter elkaar aan.
Jij noemde mij Miep en ik jou Moep.

Op school zaten wij altijd naast elkaar.
We lachten, huilden, vochten en beten elkaar ook soms.
Jij stuurde mij briefjes en ik deed alsof ik ze weggooide, maar dat deed ik nooit.

Op de middelbare school grijnsde jij naar mij en ik lachte verlegen terug.
Je plaagde me, maar je was nooit gemeen.
Jij kuste mij en ik kuste jou terug.
Jouw hand voelde warm en vertrouwd in de mijne.

Ik wilde studeren, jij niet.
Jij was altijd al bezig met andere dingen. Jij wilde de wereld zien, mensen helpen
In arme landen.
We maakte ruzie, huilden, schreeuwden.
Toch ging jij weg en bleef ik hier.





Auteur: Hans Stavleu

Troost


Hij was zijn hele volwassen leven verliefd op haar geweest. Het was met geen pen te beschrijven hoe hij haar adoreerde en hoeveel zij voor hem betekende.

Elke ochtend deed hij het met haar. ‘Zonder’ kwam niet in zijn vocabulaire voor. Dag in, dag uit, zomer en winter, jaar in, jaar uit. Iedereen wist het.

Familie, vrienden, kennissen en buren vroegen zich af hoe hij het toch volhield. Het was namelijk niet altijd even gemakkelijk. Gelukkig had hij in al die jaren meer dan voldoende ervaring opgedaan. Ongeacht zijn omstandigheden wist hij haar dagelijks op het juiste moment naar haar hoogtepunt te leiden, stapje voor stapje. Enkele momenten daarna proefde hij dan haar warme vocht dat hij glimlachend en zachtjes kreunend tot hem nam. Dat was zijn climax.

En nu was het over. Zijn prachtige geliefde Moka, zijn Italiaanse koffiepotje, was niet geschikt voor de overgang van gas- naar inductiekoken.





Auteur: Ellen Hopman

Gemis   ( ♥ )


Vanachter haar raam ziet ze de regen vallen. Druppels glijden langzaam van boven naar beneden over haar raam. Ze laten stuk voor stuk een patroon achter wat ze probeert te volgen of zelfs te verklaren. Alles in het leven heeft immers een reden.

Deze reden was haar echter totaal onduidelijk, zo niet ondraaglijk. Is regen haar tranen of zijn het de tranen van mensen die zich nu ver boven ons bevinden? Mensen die we nog zo graag bij ons zouden hebben gehad om te leren van hun wijsheid?

Haar wijsvinger tekent de druppels na, langzaam beweegt ze hem over het glas waar slechts een streep achterblijft.

Gisteravond lachte hij nog, maakte hij grapjes, trok aan haar staartjes, zei hij dat ze goed haar best moest doen, voor haar moeder moest zorgen als ze oud was.

Was dit gisteren? Of tekende ze al jaren nieuwe herfstdruppels op haar raam?





Auteur: Ellen Hopman

Herfst   ( ♥ )


Vol liefde kijkt ze naar het vuurrode blad dat achter glas in een lijstje aan de muur hangt. Haar lippen vormen een glimlach als ze terugdenkt aan die bijzondere wandeling met haar vader.

Ze was acht, de herfst was begonnen en het bos lag vol met gekleurde bladeren, bruin, geel, rood. De zon liet er speels zijn licht op schijnen. De geur die er hing was de geur van bomen vermengd met de geur van verse ochtenddauw. Sanne’s vader begon te vertellen terwijl hij haar hand vasthield.

“Kijk Sanne, mooi hè?” Hij vertelde over de duizenden elfjes die iedere nacht gehuld in hemelsblauwe jurkjes gemaakt van tule de bladeren kwamen verkleuren en op de grond lieten vallen als een deken, zodat kleine meisjes ze makkelijker konden zien. Voor ieder meisje was er één speciaal blad.

Toen bukte hij, pakte een vuurrood blad en zei “En deze is voor jou.”





Auteur: Ellen Hopman

Etiquette


Rick en Evelien waren best nerveus. Maandenlang hadden ze zich voorbereid op het diner gegeven bij de Koning van Tavolara. Koning Karel Albert stond bekend om zijn exquise diners.

Om geen flater te slaan hadden ze zes weken lang een etiquette-cursus gevolgd en afgerond. Het was niet niks. Alle regels van handen schudden tot buigen, hoe te zitten of zelfs neus te snuiten passeerde de revue. Maar uiteraard ook het diner-protocol. Ze waren compleet voorbereid en wisten welke lepel of vork bij welk gerecht hoorden.

Na alle formaliteiten goed te hebben doorstaan schoven ze samen met alle andere gasten aan aan de prachtig mooi gedekte tafel. Rick en Evelien keken elkaar verschrikt aan. Niks voorgerecht vork of amuse lepeltje, nergens een duidelijk hoofdgerecht bestek te bekennen.

Nee, er lagen zes lepels in onduidelijke volgorde waar niemand iets van snapte.

Hier kon geen etiquette-cursus tegenop.





Auteur: Hans Stavleu

Gestroomlijnd


Haar handen lagen plat op tafel. Haar smart watch had ze afgedaan.

Van jongs af aan was ze gefascineerd door de enorme mogelijkheden van nagellak. Elke week moest ze een ander design op haar vingers zien te krijgen. Na Tijn’s actie in Serious Request van 2016 raakte haar obsessie zelfs in een stroomversnelling.

Met satéprikkers tekende ze lijnen op een effen gekleurde onderlaag. Eerst kwamen eenvoudige streepjes, later verschenen hartjes, bloemen, lieveheersbeestjes en meanderende patronen.

Ze gebruikte nagellak om kopjes, vazen, sleutels, kerstballen, schelpen en eikeltjes mee te versieren. Als vlogster verdiende ze er een prima boterham mee.

Een internationaal opererende verffabrikant had haar gevraagd een experiment uit te voeren.
Ze bracht de laklaag op, liet het even drogen, en verbond haar vingers met elektroden aan haar laptop. Het prikte.

Trots liet ze haar kijkers zien hoe haar vingernagels kleine beeldschermen waren geworden. Dat slimme horloge had ze niet meer nodig.





Auteur: Random X

Herenigd


Er was zoveel gezegd.
Het lag niet aan mij, maar aan jou, zei jij.
Ik moest mijzelf nooit de schuld geven van jouw keuze.
Jij was in de war en ik was daar de dupe van.

Jij bestrooide mij met jouw liefde, met jouw eigenzinnigheid en jouw energie.
Jouw verschijning betoverde mij al vrij snel. Jouw woorden waren vertrouwd.
Jouw aanraking verslavend.

Maar het mocht niet. Het kon niet.
Jij had jouw hart al aan iemand gegeven en al was jij even in de war,
Van slag van mij, toch koos je voor haar.

Ik kon het jou niet eens kwalijk nemen.
De keuze begreep ik, al sneed het in mijn ziel.

En toch, toch was ik niet boos of vreselijk verdrietig.
Ik was mijzelf al maanden kwijt. En toen kwam jij.
Jij vond mij en bracht mij terug naar mijzelf.
Ik was herenigd met mijn oude ik.





Auteur: César Noordewier

De uitvreter


Toen ze weer thuis waren, straalden ze beiden van geluk. Ze glimlachten onophoudelijk van oor tot oor. Iedereen zag onmiddellijk aan hun gelukzalige gezichten dat de trip door Azië zeer geslaagd geweest moest zijn.

Maar wat alleen de kaboutertjes wisten was dat ze zo straalden omdat ze eindelijk weer eens in hun eigen heerlijke Auping Auronde konden slapen, eindelijk weer eens stamppot konden eten, eindelijk weer eens in de achtertuin konden zitten, eindelijk weer eens hun katten konden strelen en vooral eindelijk weer eens van het geklaag konden genieten van mensen die het goed hadden.

Het enige waar ze een tikkeltje verdrietig van werden, was de debiele programmering op de Nederlandse televisie.

Maar gelukkig hielden ze van lezen en doken ze ieder in hun eigen exemplaar van De uitvreter. Ja, die Nescio hoefde destijds niet de hele wereld af te reizen om de essentie van het leven te begrijpen.





Auteur: Ellen Hopman

Happy Halloween


Er klonk gegiechel in de klas. De leerlingen van vwo-4 hadden het helemaal voor elkaar deze biologie les. Met Halloween voor de deur konden ze niet anders dan een grap uithalen met hun leraar.

Het skelet genaamd “Jaap” hadden ze omgetoverd tot een waar kunstwerk. Over zijn gezicht het masker van “Scary movie”, zijn ribbenkast was besmeurd met nepbloed en een half vergane nep-lever. Techniek-leerlingen hadden hem ook nog voorzien van wat lampjes en enge geluiden, zijn linkerarm was gewapend met een grote bijl die kon bewegen. Ja, de fantasie reikte ver.

De deur gaat open. De leerlingen rennen gillend de klas uit. Hun leraar stond daar, kreunend, bebloed, zijn gezicht grauw en vertrokken van pijn. Toen ze allemaal de klas uit waren gierde hij het uit van het lachen. Hij had ze te pakken!

Leuk hoor slachtoffer moeten spelen voor een EHBO-club iedere maand.

Happy Halloween!





Auteur: Hans Stavleu

Openbaring


Langzaam liep ze naar hem toe en trilde toen hij haar hand vastpakte. Stapvoets leidde hij haar over het dek. Met zijn armen om haar middel ondersteunde hij haar terwijl ze nerveus haar armen spreidde. Ze opende haar ogen, keek over de oceaan en voelde zijn wang intiem tegen haar gezicht.

Het was de achtste keer dat ze de Titanic had gezien en weer kwam die traan. ‘Wat wordt het diner voor de kookclub, Olga?’, probeerde haar echtgenoot als afleidingsmanoeuvre. ‘Het eersteklas menu van dat onzinkbaar geachte cruiseschip!’, antwoordde ze spontaan.

UniversOnline toonde de eerste onthulling: Buluga kaviaar, kreeft, zalm en schildpadsoep.

De tafel was gedekt met wit damast, zilveren kandelaars, porseleinen schalen en kristallen glazen. De schildpadsoep werd geserveerd met een glaasje Madeira.

Van haar gasten kreeg ze na het dessert een bijzonder kookboek. Geen schildpadsoep maar Consommé Olga, las ze.
Ze zei niets, er kwam alleen die traan.





Auteur: Random X

Gespleten ziel


George was altijd op zoek naar een beter leven.
Een leven zonder drugs of drank, zonder zorgen.
Maar toch bleef George in een vicieuze cirkel hangen van verderf, verdoemenis en Fleetwood Mac.

Hij had zelfs al eens gebeden tot de goden. George was geen gelovige man,
Maar hij was zo wanhopig dat zelfs dat een optie leek te zijn.
Tot zijn verbazing werden zijn gebeden niet verhoord.
George was razend, ziedend en voornamelijk intens verdrietig.

Zijn ziel voelde gespleten, uit elkaar gerukt, in de fik gestoken.
En er was niets wat hij er aan kon doen.
George gaf het op.  





Auteur: César Noordewier

Grote held


Clark en Lois hadden beiden net hun eerste baan. Een koopwoning was toekomstmuziek, huren in de vrije sector te duur en op een sociale huurwoning moest je jarenlang wachten.

Toch vonden ze iets betaalbaars: woningbouwvereniging Ontdek je plekje had een oude ferry opgekocht en omgebouwd tot appartementencomplex.

Ze woonden daar erg mooi, maar ’s avonds beklommen moderne piraten de ferry, op zoek naar buit.

De mannelijke beschermingsmechanismen van Clark begonnen zich te roeren en op een dag kwam hij thuis met een indrukwekkend Superman-pak, met gevulde schouders. Als hij thuiskwam van zijn werk, trok hij voortaan onmiddellijk dat pak aan. Dit stelde zijn vriendin Lois zeer gerust.

Toen op een avond twee gewapende mannen met bivakmutsen de kajuit binnendrongen, zagen ze Superman naast zijn vriendin zitten en sloegen op de vlucht.

‘Je bent mijn grote held,’ zei Lois tegen hem, en trots sloeg hij een beschermende arm om haar heen.





Auteur: Hans Stavleu

Geraffineerd


Zijn vriendin had het dit jaar uitstekend geregeld: extra vroeg op, ontbijtje op bed met sterke koffie en daarna de onthulling.

Vorig jaar moest hij kinderen van groep 6 van de basisschool lesgeven over het sterrenstelsel. Het jaar daarvoor speelde hij dirigent van een dameskoor en drie jaar geleden toerde hij toeristen door de stad met een rondvaartboot. Dit jaar zou het een grotere beproeving worden. Als kind had hij een wens die hij allang was vergeten. Zij had het ooit in haar geheugen gegrift en liet het vandaag in vervulling gaan.

Eenzaam zat hij voorovergebogen op het half afgebladderde bankje op het verlaten perron. Het was grijs, grauw en koud weer. De dag was loodzwaar geweest. Hij voelde zich volledig uitgeput, stonk en miste zijn trein.

Een verjaardag zoals deze had hij zich nooit kunnen voorstellen: een volle stagedag bij de gemeentelijke vuilnisophaaldienst.

Hij dacht diep na, zinnend op wraak.





Auteur: César Noordewier

De eindafrekening


Veel mensen dachten dat je na de dood in de hemel, de hel, het vagevuur of het grote niets terecht kwam. Hij wist inmiddels wel beter. Toen hij aan de hemelpoort voor Petrus was verschenen, zei deze tegen hem: ‘Aha, daar hebben we de dappere hooligan van FC Tietjerksteradeel!’
Hij had inderdaad tot de gevreesde harde kern van deze club behoord.

Donkergekleurde spelers van de tegenpartij werden steevast verwelkomd met oerwoud- en apengeluiden. Hij was daar zo’n expert in geworden, dat hij op bruiloften, verjaardagen en partijen werd gevraagd om voor de microfoon apengeluiden te produceren, waarmee hij gegarandeerd de hele zaal plat kreeg.

Zijn lot in het hiernamaals kon dan ook niet toepasselijker zijn: hij kwam terug op aarde als aap in de dierentuin, waar bezoekers voortdurend gekke bekken trokken en oerwoudgeluiden produceerden, om zo contact met hem te krijgen.  
‘Trappen die bal, Bolo, trappen! Oehoeoehahoehaha!’





Auteur: Cocky van Heest

Cogito ergo sum


Het is een regenachtige dag. Iskander en Julian, mijn kleinzoontjes van zeven en vijf jaar oud, zitten samen met lego te spelen. Vandaag geen ruzie, maar een tweegesprekje om in verwondering naar te luisteren.

‘Als ik groot ben’, zegt de jongste, ‘dan word ik een mens’. Onverstoorbaar doorbouwend antwoordt zijn oudere broer: ‘Je bent al een mens, want je bestaat.’ ‘Echt?’ vraagt de jongste. ‘Echt’, bevestigt de oudste.  Ik luister verrast naar de kleine filosofen. Zou Descartes ook al zo jong zijn begonnen?

Ik wacht rustig af of er nog meer wijsheid volgt. Maar nee, de jongens hebben inmiddels hun aandacht volledig op de bouwkunde gericht.

Ik probeer mij te herinneren of ik, toen ik zo jong was, ook al zo verrassend logisch kon denken. Maar dat ben ik vergeten. Het geeft niet, want het denken van toen is met het denken van nu verweven.

Denken duurt een leven lang.





Auteur: César Noordewier

Architecturaal pareltje


Ze was altijd al gevoelig voor trends; qua voeding, kleding, haardracht, ideologieën, noem maar op.
Niet verwonderlijk dus dat ze onlangs haar driekamerappartement heeft verkocht om haar intrek te nemen in een prefab kubuswoning.

Ik ben oprecht jaloers op haar. De locatie alleen al: aan de rand van het bos, langs een oude handelsroute van de Kanninefaten.
Het meeste eten haalt ze zo uit dit speciale voedselbos: eekhoorntjesbrood, bessen, bramen, hazen, wilde zwijnen: één en al vitamines en proteïnes.

Een kachel is overbodig; haar eigen lichaamswarmte wordt optimaal benut door de geringe luchtcirculatie.

In het begin leek de woning nogal klein, maar alles is multifunctioneel: haar toiletpot doet tevens dienst als bureaustoel, eetkamerstoel en relaxfauteuil.
Het huisje heeft ook een vliering waar ze in foetushouding kan slapen.
De schoonmaakster is altijd in twee minuten klaar, echt ideaal.

Morgen komt de monteur van Ziggo langs, dan heeft de hele woning wifi!





Auteur: Ellen Hopman

Geluksmomenten


Iedereen kent zijn of haar geluksmomentjes. Zo is er de visser die urenlang naar zijn dobber kan staren. De wereldreiziger die met zijn rugzak heel de wereld verkent,  of de huisvrouw die in de vroege ochtend geniet van de stilte om haar heen, luisterend naar de vogels in de tuin. Het zijn allemaal geluksmomenten.

En dan hebben we ook Roland een natuurliefhebber pur sang. Het maakt Roland niet uit wat voor weer het is of welk seizoen, zolang hij maar buiten in de natuur kan zijn. Zo heeft hij wel een voorkeur voor een bepaald stuk natuur bij hem in de buurt. Verscholen in een bos bij Bergen op Zoom loopt zijn favoriete pad.

Daar staat een klein buitentoilet. Hier maakt Roland regelmatig gebruik van. Hij gelooft in recyclen. Dus draagt hij daarbij aan met, uhm, natuurlijke compost. Zijn gevoel stijgt dan naar euforisch.  Het is iedere dag zijn geluksmoment.





Auteur: Hans Stavleu

Eärwe


Ze moest op pad, het huis uit, de wereld verkennen. Eärwe wist dat ze er niet aan kon ontkomen. Met een brok in haar keel zwaaide ze haar ouders uit en vertrok.

De zon ging onder. Ze werd moe.

Plots stond er een witte wolf naast haar en fluisterde: steek niet het bospad over, het hutje daar rechts aan de overkant heeft boosaardige bewoners.

Ze knikte en wreef over haar puntige linkeroor.

Een zwarte wolf naderde haar en zei: schoonheid van het elfenvolk Ljòsálfar, je bent mooier dan de zon, rust toch uit in het hutje aan de overkant van het pad.

In de war schudde ze haar hoofd en dacht na.

Zachtjes begon Eärwe haar lievelingselfenlied te zingen: ‘Herken goed en kwaad en weet dat vrijheid je gids en beschermer is.’

Er verscheen een roodbruine wolf die haar leidde naar een bloemenveld en haar bewaakte om veilig te rusten.





Auteur: César Noordewier

Leesvakantie


Een maand vakantie. Heerlijk lezen dus. Hij lag in zijn hangmat de complete werken van Immanuel Kant hardop te lezen. Zijn twee honden, die toeluisterden, begrepen er niets van. Hijzelf eigenlijk ook niet.

Transcendentale analytica, en Antinomie van de zuivere rede, wat zijn dat voor bezopen commando’s?’ vroeg Flappie. ‘Ja, waarom lees je niet lekker een boek van Baantjer voor?’ voegde Potter daaraan toe. ‘Dan kunnen wij het ook volgen.’

Hij was gek op zijn honden en vertelde ze het verhaal over het zwerfhondje Nietzsche, dat na vele omzwervingen een warm tehuis vond bij een vriendelijke dame, met wie hij nog lang en gelukkig leefde. Tranen van ontroering biggelden na dit verhaal langs hun snuiten op de grond.

Maar daarna ging hij toch verder met Het empirische gebruik van het regulatieve principe van de rede, met betrekking tot alle kosmologische ideeën, want een maand vakantie was tenslotte snel voorbij…





Auteur: Ellen Hopman

Kinderharten


Het concept  “verhalen schrijven bij een foto” was fantastisch. Ze zou zo graag haar leerlingen hier bekend mee maken, zodat ze meer plezier zouden hebben in schrijven en om hun creativiteit te  prikkelen. Maar tegelijkertijd wist ze dat het speelser moest.

Op haar vrije dag liep ze over de markt en zag een bak met allemaal gekleurde hartjes met teksten erop bij de snoepkraam. Ze twijfelde geen moment en nam een paar kilo mee. Ook kocht ze een grote glazen stolp en deed ze daarin. En zo introduceerde ze het project “schrijf je mee” aan haar groep acht leerlingen. Een verhaal geïnspireerd op een snoephartje.

Al snel werd het een geweldig succes , de leerlingen gingen los met hun fantasie en de mooiste verhalen werden uitgeprint en gebundeld. Een jaar later ging project “schrijf je mee” heel het land door op de basisscholen.

Het boek “kinderharten met een verhaal”werd een bestseller.





Auteur: Cocky van Heest

Vervulling   ( ♥ )


Mijn kleindochtertje heeft een grote wens: ze zou het liefst in een regenboog
wonen. Waarom? Gewoon, omdat ze dol is op kleuren. Ze vertaalt alles wat ze
ziet in kleuren.

Maar wonen met alleen een regenboog als dak boven je hoofd? Ze begrijpt wel
dat dat niet kan. En ze weet ook wel dat wonen in een regenboog maar van
tijdelijke aard is. Ze lijkt te accepteren dat haar grote wens niet te vervullen is.
Maar dat is schijn. Ze denkt en denkt en denkt. En dan heeft ze de oplossing
gevonden: ze gaat een heel grote bel om zich heen blazen. Zo kan ze wel in een
regenboog wonen. Ik kijk haar aan, zij kijkt mij aan. Ik zie het besef groeien: ook
een zeepbel verdwijnt weer op enig moment.

‘Dan blaas ik toch gewoon een nieuwe’, zegt ze opgetogen.





Auteur: César Noordewier

Feit of fictie   ( ♥ )


De website microverhalen.nl  was onverwacht uit de lucht. Aanvankelijk werd gedacht aan een kwestie van beveiligingscertificaten. Maar de werkelijkheid is niet alleen weerbarstiger dan planning en hoop. Nee, zoals vaker bleek er een werkelijkheid onder de werkelijkheid te bestaan.

De AIVD had zeer geavanceerde software waarmee verbanden werden gevonden die een gewoon mens echt nooit zouden opvallen.
De software van onze fameuze inlichtingendienst had foto’s van de website aan elkaar gekoppeld die samen een angstaanjagende boodschap overbrachten.

De combinatie van enkele cruciale foto’s op de website voorspelde heel duidelijk de Apocalyps. In Petrus 3:10: staat immers:
De dag van de Heer zal komen als een dief (foto 201853). De hemelsferen (foto 201819) zullen die dag met luid gedreun vergaan (foto 201836 en foto 201826), de elementen gaan in vlammen op (foto 201710), de aarde wordt blootgelegd en alles wat daarop gedaan is komt aan het licht (foto 201716).

Echt geen toeval…





Auteur: Edith E.

Sappige citrusvruchten   ( ♥ )


Ooit heeft Vincent van Gogh hier zijn schildersezel neergezet om het Drentse dorpskerkje te schetsen. We zijn in Zweeloo, bestaande uit één lange straat en wat zijweggetjes. Aan weerszijden is nieuwbouw uit de grond geschoten, maar gelukkig is de groente & fruitwinkel annex bloemenhandel er nog steeds. Ik kan  niet nalaten er even naar binnen te lopen. Kijken wat ik herken.

Het oogt vriendelijk en ruikt prettig naar verse snijbloemen. Groenten en fruitsoorten liggen aantrekkelijk uitgestald. Heel iets anders dan in de supermarkt waar ik mijn inkopen doe. In de blinkende glazen vitrines lonken frisse fruitsalades in transparante bakjes, net zoals jaren geleden. Je kunt het zo gek niet bedenken of het zit er wel in. Stukjes zoete appel, peer, schijfjes banaan, aardbeien, perzik, druiven en partjes citrusvrucht. Een sappig kleurenpalet, dat van Gogh geïnspireerd zou hebben. Alleen de prijs zou hem tegen zijn gevallen. Mij ook.





Auteur: César Noordewier

Avontuurlijke reis


Autopech. Uitgerekend midden in Mongolië. Geen mobiel bereik en maar voedsel voor een week. Flessen water genoeg, dat wel. De tomatenteler uit het Westland zag zijn avontuurlijke reis door Azië mislukken.

Ooit had hij een documentaire gezien van een vliegtuig met rugbyspelers, dat neerstortte in de Andes. Die gingen de lijken van de anderen opeten. Maar hij kon alleen zichzelf opeten.
Dus hakte hij eerst de vingers van zijn linkerhand af. Twee dagen eten. Vervolgens hakte hij zijn voeten af. Een week eten.
Toen waren zijn benen en zijn linkerarm aan de beurt. Drie weken eten. Met zijn mond sneed hij als laatste nog zijn rechterarm af. Een week eten.

Enkele nomaden die langskwamen en dat vreemde wezen zagen, dachten aan een kwade geest en wierpen hem in het vuur.
Zijn Land Rover werd verkocht aan een stel dat tomaten importeerde uit het Westland.

Wat is de wereld toch klein…





Auteur: Hans Stavleu

Waarde


Op het nippertje kon hij de militair en de verpleegkundige redden van de ondergang. Hij was gek op die twee etalagepoppen. In plaats van de kelder van zijn verkochte bedrijf hadden ze onvoorwaardelijk een ereplaats thuis verdiend.

Fluitend startte hij een grote schoonmaak. Vooral op zolder. Daar wilde hij nieuwe poppen maken. Wel anders dan die twee.

Er kwamen ruimtevaarders, kassières, bankwerkers, receptionistes en voetballers bij. En natuurlijk Alexander en Máxima. Ook de nachtwacht en een dierentuin werden gebouwd.

Drie ochtenden in de week bezocht hij kringloopwinkels om materialen te bemachtigen. De zolder raakte overvol en hij moest noodgedwongen zijn werkbank naar de schuur verhuizen.

Zijn doel was bijna bereikt. Er kwam nog een orkest bij, compleet met blazers, violisten, slagwerkers en dirigent.

Nu was zijn vriendin aan de beurt.

Glunderend nodigde hij oma Cocky met haar kleindochter Sofia uit om hen met zijn eigenhandig gemaakte poppenhuizen te laten spelen.





Auteur: Hans Stavleu

Griezelen


De meest vreemde en uitzonderlijke botten zullen binnenkort te zien, te voelen en te ruiken zijn, zoals de kaak van een Nederlandse sabeltandtijger, ribbenkasten van in de middeleeuwen vermoordde monniken, de ruggengraat van de vliegende zaagvis Serra, het penisbotje van een coyote, baby-botten van zesduizend jaar oud en als klapstuk de versteende gebeenten van 200 miljoen jaar oude Chinese Sauropado dinosaurussen.

‘Het is een unieke biologie-ervaring voor jong en oud’, aldus conservator Jan Delver.

Technologie speelt een onmisbare rol in deze wonderlijke beleving. Bij de ingang worden bezoekers verwelkomd door lichtgevende vleermuis-drones die zoemend de weg wijzen door het donkere gangenstelsel vol menselijke skeletten, dierlijke karkassen, loshangende beenderen en plakkerige spinnenwebben.

Met speciale augmented reality brillen zien bezoekers elkaar als rammelende geraamten, hoe groot, klein, mager of dik iemand ook is.

Delver’s grootste wens gaat precies een week voor Halloween in vervulling. Dan opent het Nederlandse knekelmuseum haar voorportaal.





Auteur: César Noordewier

#MeToo


Vijf jaar nadat de #MeToo-campagne was begonnen, zat 40% van de mannelijke wereldbevolking veilig achter slot en grendel.  

Wat niemand had voorzien, was dat daarna alle apensoorten, katachtigen en buideldieren ook #MeToo-campagnes opzetten, waarna vele mannetjes uit de diverse groepen werden verbannen.

Vervolgens stelden de insecten #MeToo Heilige Inquisitie-tribunalen in, die geen halve maatregelen namen. Vele mannetjesinsecten die hun tentakels niet thuis konden houden, werden aan de vissen gevoerd.

De volgende groep waren de vogels. De aanleiding was een flamingo geweest, die een vrouwtje terroriseerde in een moerasachtig natuurgebied in Zuid-Spanje.
‘Denk je soms dat je een beter mannetje kunt krijgen?’ riep hij terwijl hij haar als een dolle achternazat.
Het enorme geklapwiek en gespetter bleef niet onopgemerkt en de flamingo kreeg zijn verdiende straf: verbanning naar Nova Zembla.

Alleen diersoorten zoals regenwormen, platwormen en sommige slakkensoorten ontkwamen aan dit wrede lot; die waren immers tweeslachtig. Mazzelaars!





Auteur: Hans Stavleu

Dystopie


“Vluchten, ik had het ook moeten doen. Ik deed het niet. Het voelde als mijn plicht een bijdrage te leveren aan de opbouw van het land. Maar was dat het waard?”

John keek vanaf een met riet afgezette plek over het water. Het leek wel een illegale vuilstort. Droef gestemd schreef hij weer verder.

“Ik was nog maar net twintig toen de zeespiegel meters steeg. Straten werden kanalen. Miljoenen mensen vluchtten. Ik bleef.
Nu bijna vijftig jaar later werken we nog steeds verplicht aan daktuinbouw, botenbouw en het schoonhouden van kanalen. Als parlevinkers distribueren we voedsel.
Het is niet gelukt een vrolijke gelukkige samenleving op te bouwen.”

Hij rolde zijn epistel op, schoof het in een cacaobus dat hij als zwerfvuil had gevonden, plakte het dekseltje waterdicht af, stopte het onder zijn versleten jas en wandelde vermoeid naar het streng bewaakte hoger gelegen park.

Daar zou hij zijn tijdscapsule begraven.





Auteur: Hans Stavleu

Kanaal


“Nestore Negrelli?”
Hij knikte instemmend.

Voorzichtig legde ze een antracietzwarte accordeon op het rood bekleedde zitje van zijn wiebelende gondel en verdween ongemerkt tussen de toeristen die over de Brug der Zuchten krioelden.

Dagenlang voer hij door de smalle kanalen in de hoop haar alsnog te vinden.

Een ‘Carlotta di Carbone’, hij had er nog nooit van gehoord. Elke keer dat hij het instrument bespeelde was hij verrast over de warme tonen. De vrolijke klanken van de Tarantella waren zelfs magisch te noemen. Het stemde hem vrolijk. Maar ook droevig: wie is ze en waarom liet ze die accordeon in mijn gondel achter?

Bijna vier jaar later voelde hij een zacht tikje op zijn schouder en hoorde hij die stem die hij nooit had vergeten: “Nestore Negrelli!”

Ze gaf hem een nog prachtiger accordeon. “Veel Venetianen en toeristen hebben me weten te vinden. U bent het beste verkoopkanaal sinds jaren.”





Auteur: Fritz Eichnon

Botox   ( ♥ )


Iedereen keek uit naar het jaarlijkse feest. Neen, ik lieg, iedereen met voldoende zwart geld om enkele duizenden euro’s te spenderen aan een veiling voor het goede doel en zo in staat werden gesteld hun even zwarte gemoed te sussen.

Vanonder rokende schoorstenen en belastingvrije constructies kwamen ze tevoorschijn, de lieden van de beau monde. De mannen strak in het pak, de vrouwen in hun mooiste jurk, behangen met bloeddiamanten en klatergoud. Hun hoeden waren vreemd, vreemder, vreemdst, de ultieme weerspiegeling van persoonlijkheden die de voeling met de maatschappij reeds lang verloren hadden.  Zuinig dronken ze hun veel te dure cocktails met een rietje. Niet uit vrije wil, maar uit pure noodzaak.

De kliniek lachte in zijn vuistje. Zij discrimineerden niet op de kleur van geld.
“Wat zal het zijn, lieve schat?”
“Je weet wel, spuitje hier, spuitje daar.”
“En mag het ook ietsje meer zijn?”





Auteur: Dellacagio

Een superreis


Het zou een superreis worden. Met zijn tweeën, eindelijk, na 21 jaar. Een cruise! 14 dagen Middellandse Zee. Ontbijt op bed, zon, cocktails, captain’s dinner, te veel. En ze zouden weer dansen. Dansen en deinen, zoals toen. Stralend gingen ze aan boord. Zij keek hem aan en zag hem. Breedgeschouderd, breedgekind, blikkerende tanden. Hij haar. De curven van haar lichaam, het golvende haar, ogen die versmolten met de azuurblauwe zee. Zoals toen.

Na drie dagen was het tij gekeerd. Zwijgend over hun cocktail starend naar de schepen die verschenen aan en weer verdwenen achter de kim. De boeg van het schip sneed schijnbaar moeiteloos door het water. Maar zij voelden zich alsof ze door het water waadden, dat langzaam steeg en het voortgaan steeds meer bemoeilijkte. Weldra zou het aan hun lippen staan. Maar zoals ze al 21 jaar gewend waren geweest, hielden ze dapper een glimlach op de lippen.





Auteur: Twidioom

Leeg


Je zit bij IKEA met ingehouden gegil en probeert duurzame, gortdroge, vis door te slikken. Die gil slik je voor je omgeving in al zit de vis in de weg, net als het beeld van een nieuwe toekomst.

IKEA als tussenstop, even iets eten en dan naar huis. Niet zelf koken, helaas dacht IKEA er ook zo over. Mijn hoofd sluit aan bij de kookpoging van de meubelgigant, gortdroog en zwart. We hadden vanochtend een leeg vel papier voor ons en zouden dat vandaag vullen met een nieuwe toekomst. Geen verwachtingen, geen angst, maar een uitslag waarmee we aan de slag konden. Ziek maar ‘goed te doen’ met dagelijkse behandeling.

Het vel papier is door het ziekenhuis beschreven, het staat vol. ‘Goed te doen’ blijkt relatief en je slikt wat je krijgt voorgeschoteld. Het is een recept voor een zware maaltijd.

Verdomd jammer dat die vis in de weg zit.





Auteur: César Noordewier

Einstein   ( ♥ )


‘Vervoerbewijzen, alstublieft!’
‘Snotverdorie…’
Op het station had hij gezien dat de bus bijna vertrok. Hij moest toen kiezen: of opwaarderen en niet op tijd thuis zijn voor Opsporing Verzocht, of stiekem achterin stappen en wél op tijd thuis zijn.
´Waarom heeft u geen geldig vervoerbewijs?’
‘Ik wilde op tijd thuis zijn voor Opsporing Verzocht.’
‘Ja, en mijn tante heet Joop. Uw voor- en achternaam, alstublieft.’
‘Diego de Almagro.’
‘Geboortedatum?’
‘7 oktober 1952.’
‘Adres?’
‘Tobias Asserlaan 5, Den Haag.’
‘Postcode?’
‘2517 KC.’
De controleur voerde alle gegevens in een speciaal apparaat in.
‘Denkt u soms dat u Einstein bent?’
‘Hoezo?’
‘Volgens onze software is Diego de Almagro een stad in Chili, 7 oktober 1952 is de geboortedatum van Vladimir Poetin en op de Tobias Asserlaan 5 in Den Haag is de ambassade van Japan gevestigd. Heeft u een geldig legitimatiebewijs?’
Half negen… Opsporing Verzocht was inmiddels al begonnen…





Auteur: Ellen Hopman

Handig


Na veel smeekbedes heeft Nina het eindelijk voor elkaar dat ze wat geld krijgt voor een nieuwe trui. Die kan ze de volgende dag gaan kopen, maar helaas word ze niet gebracht maar zal ze moeten fietsen. Haar vader was onverbiddelijk daarin.

‘s-Avonds aan tafel word er nog wat gesproken over koetjes en kalfjes en Nina die een baantje wil. “Weet je wat handig zou zijn”? Roept ze ineens. “Een stuur op je fiets,” roept haar vader lachend. “Ha pap, erg grappig weer.” Quasi geïrriteerd at ze verder.

De volgende dag heeft Nina geshopt en loopt terug naar haar fiets. Tot haar ontsteltenis ziet ze dat deze half uit elkaar is geplukt. Ze belt haar vader en vraagt of hij d’r kan halen. “oh en pap weet je wat handig is”? Aan de andere kant klinkt “een stuur op je fiets”. “Ja, pap en gelukkig hebben ze die laten zitten”.





Auteur: César Noordewier

Psychedelica


De werkwijze van ontwerpbureau LSD (Laarmans, Simons & Dolmans) werd jarenlang strikt geheimgehouden.

Hun bizarre ontwerpen zijn wereldberoemd.
De laatste creatie zijn de psychedelische lantaarnpalen die rondom het stationsgebied van Utrecht staan. Het betreft een mix van metalen palen, begroeid met klimplanten, en met reuzengloeilampen bovenop, waar metalen takken omheen ‘groeien.’

‘De ultieme synergie tussen organisch en industrieel materiaal,’ noemde de New York Times dit huwelijk tussen techniek en kunst, waar busladingen vol Japanse en Chinese toeristen op afkomen.

Onlangs is echter uitgelekt dat de ontwerpers jarenlang gedwongen waren psychedelica in te nemen voor creativiteitsexplosies.
Het was een oplettende psychiater opgevallen dat veel medewerkers van het vermaarde ontwerpbureau in ontwenningsklinieken belandden.
Na grondig politiewerk werd de gehele directie gearresteerd.

Maar eerlijk gezegd: zulke lantaarnpalen als in Utrecht zie je echt nergens anders. En dan vraag je je toch stiekem af of het doel niet de middelen heiligt…





Auteur: Hans Stavleu

Trefpunt


Hij wist niet beter dan dat hij alles precies redde. Hij was net op tijd bij zijn afspraken, ging seconden voor sluitingstijd de supermarkt binnen en sprong tegelijk met het fluitsignaal de trein in.

Zijn potentieel werd al snel gescout door het nationaal honkbal team. Zij hadden zijn talent hard nodig om tijdens grote internationale wedstrijden op het nippertje het vierde honk te halen.

Een groot bedrijf huurde hem voor grof geld in, zodat hun vitale projecten de deadline haalden. In de avonduren coachte hij studenten die met minimale inspanning op tijd, en met een zesje, hun examens konden afronden.

Als nationale held zou hij een koninklijke onderscheiding moeten krijgen.

Op naar het Binnenhof. Zoals beloofd arriveerde hij voor de verandering ruim op tijd om de ridderorde in ontvangst te nemen. Het was alleen triest dat fans, ministers, journalisten en televisieploegen in Villa Eikenhorst op hem stonden te wachten.

Rennen!!





Auteur: Ellen Hopman

Dansvogels


Geen idee had ie wat die met die twee flamingo’s aanmoest. En in deze dierentuin waren er ook maar twee. Hierdoor had hij ook alle tijd om ze te observeren. De verzorging was makkelijk en kostte weinig tijd. Over één ding was hij het eens, ze waren meer dan sierlijk zoals ze gracieus over het water bewogen.

Die zaterdag avond keek hij naar een dansprogramma op tv, het boeide niet echt, het enige wat er aan kon boeien was het feit dat alle dansers zo synchroon mogelijk moesten dansen. “Nou dat doen mijn flamingo’s beter” riep hij hardop. Even dacht hij na. “Ha, dat is het , misschien kan ik… ” 
Met veel geduld en passie begon hij zijn flamingo’s te trainen.

Een jaar later trok de dierentuin veel bezoekers. Ze kwamen allemaal maar eigenlijk voor één ding. De verbazingwekkende goed gechoreografeerde uitvoering van twee flamingo’s.

 





Auteur: Ellen Hopman

Flessenpost


Jelle loopt zoals iedere dag over het strand. De geur die hier hangt kent hij maar al te goed. Het zand wat in zijn krullenbos gaat zitten en tegen zijn gezicht tikt hij houdt ervan. Tijdens zijn wandeling glijden zijn ogen langs de kustlijn, altijd op zoek naar, ja naar wat? Soms vind hij een unieke fles of stuk hout waar hij iets mee kan.

Een hond rent blaffend langs, ook hij is op zoek, naar zijn bal die zijn baasje net ver de zee in heeft gegooid. Jelle loopt met een glimlach op zijn gezicht door en dan. Daar een fles met een briefje. Zijn hart klopt sneller , “eindelijk een schat.” Voorzichtig pakt hij het uit het zand.

Thuisgekomen haalt hij behendig het briefje uit de fles en leest het bijna vergane stukje papier. “Voor de nieuwe vinder: stop mij, dit briefje, terug in een nog mooiere fles.”

 





Auteur: Ellen Hopman

Geduld


Zes uur ‘s-ochtends de verhuizers zijn gearriveerd en beginnen als geprogrammeerde robots het huis leeg te halen. Ze werken snel van boven naar beneden. Maar Myrthe haar telefoon jeukt in haar handen. Niet omdat ze wil bellen, appen of gamen, nee ze wil beginnen aan het vervolgboek wat nu te lezen is op haar telefoon.

De vrachtwagens vol met meubels en dozen komen in beweging. Myrthe haar telefoon ligt op de stoel naast haar in haar auto. “Nee nog niet , eerst naar het nieuwe huis” zegt ze hardop tegen zichzelf.  In haar hoofd passeren de twee boeken die ze al heeft gelezen, ze kan niet wachten.

Een paar uur later nadat alle spullen zijn uitgeladen en de avond langzaam valt kijkt ze rond in haar nog redelijk lege huis. ” Morgen weer een dag,” ze zoekt een plekje op de vloer, plugt in , eindelijk leest ze het vervolg in alle rust.





Auteur: Hans Stavleu

Vergissing


Hij is serieus van aard en vindt het al snel ongepast iemand in de maling te nemen. Zij houdt echter wel van een aardigheidje. En wanneer ze onschuldig met iemand flirt druipt hij altijd jaloers af.

Het hield niet lang stand. Na zeven jaren huwelijk besluiten ze elk hun eigen weg te gaan.

Al snel heeft zij een nieuwe partner, een olijk, opgewekt mens. Bij het vouwen van de was, is hij het die met een plagende ruk de punten van het dekbedovertrek uit haar handen trekt. Elke keer weer.

Haar ex wilde bewijzen dat ook hij over humor beschikt en bestelt een huwelijksgeschenk dat nog vreselijker is dan een peper- en zoutstel.

Op de dag dat het kersverse echtpaar van hun huwelijksreis terugkomt, is de tuin beplant met 75 paar originele Don Featherstone’s: 150 roze plastic flamingo’s. Dé tuinversieringstrend, overgevlogen uit Amerika.

Ze zijn oprecht blij met hun nieuwe tuinkitsch.





Auteur: Fritz Eichnon

Expressieve explosie


Haar voeten dansten over de straatstenen en lieten haar jurk wervelen bij elke pas die ze deed. Haar schoenen had ze uitgetrapt tot grote verbazing van de mensen rondom haar. In haar hoofd speelde een orkest dat berichtte over liefde op een zonnige dag. Staccato en  legato gingen hand in hand en vormden een wonderlijk geheel. Haar armen zweefden op de tonen van de cello en haar heupen bespeelden de klarinet. Accordeon en viool voegden een vleugje Balkan toe.
Ze genoot, de ogen gesloten, sierlijk bewegend langsheen de verwarde shoppers.

“Daar zit waarschijnlijk een schroefje los,” werd er gefluisterd.
“Waarom danst ze zonder muziek?”

Loeiende sirenes dreven de massa uit elkaar. De politie strekte zijn arm der wet en geboeid werd het meisje naar de dichtstbijzijnde politiewagen begeleid. Het orkest in haar hoofd was gestopt met spelen., haar schoenen bleven verweesd achter in de winkelstraat.

Expressieve explosies zijn verboden.  





Auteur: César Noordewier

Waterloo


Ze had een stem die klonk alsof ze door een megafoon sprak. Alles wat ze zei kwam altijd enorm overtuigend over. Het gevolg was dat veel mensen haar niet alleen onmiddellijk geloofden, maar ook al haar bevelen, instructies en adviezen blindelings opvolgden.

Zo riep ze eens in een bioscoop waar brand uitbrak: ‘Geen paniek! Blijft u allen rustig zitten!’ Er zijn toen veertig mensen in de vlammen omgekomen.
De directeur van een multinational wist ze er tijdens een sollicitatiegesprek voor secretaresse van te overtuigen haar per direct als zijn opvolger te benoemen. Puur vanwege het timbre van haar stem.

Maar toen ze op een dag een dwangbevel van de belastingdienst kreeg en niet betaalde, waren ze niet onder de indruk van haar stem. De deurwaarder kreeg opdracht haar hele huis leeg te halen. Ze hield er voorgoed een zielig piepstemmetje aan over.

Ja, in de belastingdienst vond ze haar Waterloo.





Auteur: Random X

Marionette   ( ♥ )


Ik geloof dat mijn ouders nooit echt vrij waren. Niet echt in ieder geval.
Alles wat zij deden moest geaccepteerd worden door hun omgeving.
Dus wat wij deden ook.
Alles stond in het teken van respect, acceptatie, studeren, status.
Mijn broers en ik werden er moe van. Wij waren van een generatie waarin iedereen toch net wat meer schijt had aan alles.
Maar mijn ouders wilde het niet horen.
Zij leefde op de golven van de maatschappij en lieten zich rustig mee varen.

Ergens vond ik het wel triest. Zij leken ook zo eenzaam.
Alsof zij als marionetten werden bespeeld door het leven, door de maatschappij.
Terwijl zij dat in feiten zelf deden, er zelf voor kozen.
Nu zij overleden zijn denk ik er vaak aan terug.
God, wat was het toch triest..





Auteur: Random X

Schapenparadijs


‘Mama, waarom hebben die schaapjes een roze vlek?’ Tessa keek haar moeder verbaasd aan terwijl ze naar twee lammetjes wees die in de wei stonden.

Els zuchtte diep. Hier had ze zich nog niet op voorbereid. Haar achtjarige dochter was nogal nieuwsgierig van aard en wilde altijd alles weten.

‘Omdat zij uitgekozen zijn.’

‘Hoe bedoel je mama? Zijn het speciale schaapjes?’ Tessa keek fronsend naar haar moeder die alleen maar knikte.

‘Ja, zij zijn de mooiste en liefste schaapjes van deze boerderij. Dus zijn zij uitgekozen om naar een speciale plek te gaan. Een soort schapenparadijs.’

Tessa glimlachte en klapte in haar handjes. ‘Dus daar zijn nog meer lieve, mooie schaapjes?’

‘Ja lieverd, daar zijn er nog veel meer…’ Els aaide haar dochter over haar bol.

Jammer genoeg was de wereld niet zo mooi als in de fantasie van haar dochter.





Auteur: Random X

Baaldag


Lee had een zware dag gehad.
Bij het ontbijt kwam hij erachter dat zijn dochter slechte cijfers haalde en zijn zoon regelmatig wiet rookte.
En daar bovenop gaf zijn vrouw hem deze keer geen afscheidszoen.

Op zijn werk liep het ook niet gesmeerd. Het leek alsof hij er helemaal niet bij was. Hij typte de verkeerde woorden in op zijn laptop, haalde de verkeerde koffie voor zijn collega en lette niet op bij een vergadering.

Op de weg terug in de bus liet hij vermoeid zijn hoofd rustten op de hoofdleuning van de stoel voor hem. Hij sloot zijn ogen.
Het laatste wat hij nu kon gebruiken was regen, aangezien hij nog veertig minuten moest lopen.
‘Laat het niet regenen..’ mompelde hij in zichzelf.

Hij opende zijn ogen. Regendruppels verschenen op het beslagen glas. Hij liet zich achterover vallen in zijn stoel.
Ach, dit kon er ook nog wel bij.





Auteur: Hans Stavleu

Vakmanschap


Het bureau van zijn vader had hij volledig bezet met gevouwen bootjes van divers formaat. Hij voelde zich trots als een pauw.

Nadat hij later kraanvogels, schildpadden, uilen, neushoorns en eenden had gevouwen verdiepte hij zich in hoe insecten in de natuur hun vleugels in- en uitvouwen. Biologie zag hij als een oneindig proces van vouwen en ontvouwen. Lieveheersbeestjes, vlinders en kevers volgden al snel.

Als onderdeel van zijn droom huurde hij een fabriekshal om zijn werkstukken te kunnen tentoonstellen. Bomen, planten en bloemen werden in grote aantallen gevouwen, evenals mensen, gebouwen, auto’s, vliegvelden, treinen en uiteraard passagiersschepen.

Met een aluminiumhandel vouwde hij vormen van het veelzijdige zilverwitte metaal. Dat werd de grote doorbraak, met een ere-doctoraat in Origami Science aan de Kumamoto-universiteit in Japan als bekroning.

‘Ori’ werd gebouwd, zijn Origami-stad die Madurodam verving. Een benoeming tot burgemeester kon niet uitblijven.

In zijn kantoor pronkt zijn allereerste bootje.





Auteur: Ellen Hopman

Drumsolo


De lichten springen aan, grote schijnwerpers schijnen fel over het podium. Echter de grootste spot schijnt daar waar zij zit, de drummer of in dit geval de drumster, want een ster is ze. Haar ogen glijden over het podium, dan de zaal in, het zit vol, er is werkelijk geen stoel meer vrij.

Het geroezemoes klinkt vanuit de zaal, iedereen kijkt vol verwachting naar het podium. De eerste klanken klinken, gitaren gillen en zangers zingen. Daar is dan eindelijk haar cue, de drumster gaat los met een geweldige solo die zijn weerga niet kent, de zaal valt stil. Nog sneller vliegen de stokken over de snaredrum en de floordrum, de bekkens klinken als engelen tussendoor. Het zweet staat op haar gezicht. Dan nog één laatste slag. Stilte, ze hijgt ervan.

Een daverend applaus van haar moeder volgt die ook in de garage stond, waar haar dochter haar solo liet horen.





Auteur: Ellen Hopman

Dierenliefde


Zittend op haar bed, kijkend naar haar verzameling knuffels zucht ze zachtjes. Koos het schele schildpadje, Jaap het konijn die een rechter poot mist. Lisa een schaapje met nog maar voor de helft wol en zo zijn er nog een beer een kikker een aapje met allemaal één of meerdere mankementen.

Nee, Lot was niet altijd even lief omgesprongen met haar knuffels. Alleen haar lievelingsmuis had slechts sporen van slaap en knuffel slijtage en lag ook nu op haar schoot. Er moest iets veranderen dat zag ze nu zelf ook wel in, maar waar moest ze beginnen en wat kon je doen als je pas tien jaar oud was?

Na zo een poosje gezeten te hebben wist ze het! Later als ze groot was zou ze een megafoon kopen en in Den Haag op het Malieveld heeeeel hard roepen om liever te zijn voor alle knuffeldieren in heel de wereld.





Auteur: Random X

Verschillen


Jij hield van de zomer, ik van de winter.
Ik hield van regen, jij van de zon.

Ik vroeg jou of jij je haren los wilde dragen. Jij wilde ze vast.
Jij zag mij graag in een overhemd, ik mezelf liever in een polo.

Jij wilde naar Rome, ik naar Parijs.
Maar jij had een hekel aan Parijs en ik aan Rome.

Jij vliegt nu naar Rome en ik wacht op mijn vlucht naar Parijs.





Auteur: César Noordewier

Vitamine C   ( ♥ )


De zeespiegel is de laatste vijftig jaar ineens in sneltreinvaart gestegen, gemiddeld zo’n drie meter.

Goud is niets meer waard, aandelen ook niet en de huizenmarkt is volledig ingestort.

Door de temperatuurstijging van tien graden Celsius groeien er alleen nog tropische en subtropische gewassen in Nederland. Langs de gehele kust, die van Steenwijk, via Utrecht naar Breda loopt, zie je eindeloze citrusplantages. Deze plantages zijn geheel omheind met hekken waar tienduizend volt op staat en ze worden permanent bewaakt door privé-legers van de plantagehouders.

Sinaasappels, mandarijnen en citroenen zijn het nieuwe goud. Een sinaasappel brengt al gauw honderd euro op, een citroen vijftig euro en een mandarijn dertig euro. Dat wil zeggen: goederen ter waarde van die bedragen, want geld is inmiddels afgeschaft als betaalmiddel. Arm of rijk betekent nu wel of geen tekort aan vitamine C.

Zonder auto’s en industrie zal de zeespiegel over tienduizend jaar weer gaan dalen…





Auteur: Hans Stavleu

De dood of de gladiolen


Joke, Adriaan, Marjon, Gerrit, Hendrik en hun aanhang, kinderen en kleinkinderen, allemaal zijn ze aanwezig op het jaarlijkse familieweekend.

Het hoogtepunt is de potjes-run, een spektakel dat al jaren als een gladiatorenstrijd wordt opgevoerd. Glazen potjes met water moeten aan de overkant van het drassige weiland worden leeggegoten en omgekeerd op stokken worden geplaatst. 

Adriaan geeft zijn tegenstandster onmerkbaar een duwtje en gaat als eerste over de meet. Marjon verliest een schoen en Hendrik verliest geheel buiten adem. Gerrit wint juichend de vierde pot.

De race van Joke tegen Jaap, de echtgenoot van Marjon, bepaalt de winnaar: de warme of de koude kant.

Halverwege struikelt Jaap met rollator en al en belandt met zijn gezicht plat in een koeienvlaai. Het leedvermaak is tot in de boerenschuur hoorbaar. 

Gerrit vult meteen een potje met mest, zijn trofee om de winst de komende verjaardagen nog eens breed uit te kunnen meten.





Auteur: César Noordewier

Droste-effect


Hij zat even tussen twee banen in en bracht zijn tijd door in de wachtruimtes van het vliegveld.

De drukke gezelligheid, alsmede de internationale sfeer, vond hij bijzonder prettig. Het was ook goed voor zijn talenkennis, hij kwam onder de mensen en thuis stond de centrale verwarming lekker laag.

Om niet al te zeer op te vallen had hij altijd een reiskoffer bij zich, die vaak als voetenbank dienstdeed. Ook had hij een tablet bij zich voor wat afwisseling tijdens de toch wel lange dagen op zo’n vliegveld.

Tot zijn verbazing las hij op een gegeven moment op microverhalen.nl een verhaal » van een man die zijn dagen op een vliegveld doorbracht en op zijn tablet een verhaal las over een man die zijn dagen op een vliegveld doorbracht en die op zijn beurt weer op zijn tablet een verhaal las over een man die zijn dagen op een vliegveld doorbracht…





Auteur: Hans Stavleu

Kringloop


“Hallo, wat brengt jou hier?”
“Ik ben hier om bomen te laten groeien,” antwoordt Drup en rolt angstig een stukje achteruit. “Waar kom jij vandaan?”
“Ik kom ook uit het onweer,” zegt Vonk.

“Pas op voor die diepe greppels, Drup, je tuimelt er bijna in!” Geschrokken kijkt ze naar de gortdroge grond.

“De aarde is hier helemaal in stukken gescheurd, er is geen boom te bekennen. Ze hebben veel te veel bos gekapt,”  gaat Vonk bedroefd verder, “de laatste honderd jaar zeker 40 voetbalvelden per dag.”

“Maar jij hakt toch ook bomen om, Vonk,” zegt Drup bedenkelijk. Vonk knikt, “Dat doe ik voor een gezonde bodem, zodat de andere bomen voor zuurstof, voedsel en medicijnen kunnen zorgen, en het leven blijft bestaan.

Drup voelt zich minder bang. Ze cirkelt wat dichterbij en raakt Vonk per ongeluk aan. Hij dooft in het niets. Drup verdampt en stijgt op naar een nieuwe onweerswolk.





Auteur: Hans Stavleu

Jong geleerd


Er was eens, hier niet ver vandaan een betoverend mooie vrouw, gekleed in een zwart satijnen gewaad. Op haar hoofd droeg ze een zilveren kroon, afgezet met glanzende parels.

Ze gaf Elsje drie in bladgoud verpakte snoepjes, “Voor onderweg.”

De pestkop van de straat hield haar tegen, “Je mag hier niet verder!” Ze at het snoepje waar op het wikkel ‘geluk’ stond geschreven. Een man tikte de jongen op zijn schouder. Hij keek om. Elsje holde door.

Verderop bij het winkelcentrum amuseerde een man met zijn accordeon slenterende voorbijgangers. Ze deed het tweede snoepje, ‘goedheid’ in haar mond. Opgetogen zag ze hoe het publiek nu papiergeld in de kist van de muzikant legde.

Op school nam ze het laatste snoepje, ‘wijsheid’. Ze wist plotsklaps alle tafels en hoofdsteden weer. Elsje boog zich over haar taalschrift en schreef in krullige sierletters “Ik ga met hard leren de wereld liever maken.”





Auteur: Ellen Hopman

Gevangen


Nog altijd omringd met de geur van kerosine zit hij daar. Ruim drie maanden geleden had hij haar ontmoet. Het was liefde op het eerste gezicht, iets waar hij nooit in had geloofd, maar met haar gebeurde het. Haar lange zwarte krullende haar, haar huid dat kon opgloeien in de avondzon, haar parelwitte tanden maar het mooist nog waren haar ogen, een soort hazelnoot kleurige kleur die altijd lief stonden.

Drie maanden was het één en al liefde en vandaag was de dag. Addae moest terug naar Ghana, het land waar ze was geboren, en hij? Hij ging mee. Hij kon niet anders dan mee. Zijn hart moest bij haar zijn.

“Addae” fluisterde hij “de ochtendzon” de betekenis van haar naam al net zo mooi als zij. Maar nu, nu zat hij hier en zag hoe zij in de avondzon opsteeg. Zijn hart brak. Vliegangst was zijn gevangenis.





Auteur: Hans Stavleu

Sociaal


Hij dacht dat het alleen een leuk tijdverdrijf was. De waarheid was echter dat hij geen enkele weerstand kon bieden aan de drang om zoveel mogelijk punten te verdienen door een metalen kogel zo lang mogelijk in een flikkerende lawaaierige flipperkast te laten rollen, botsen en stuiteren.

Zijn vrouw, een sociaal-maatschappelijk werkster, schreeuwde hem toe “Het is afgelopen, je bent een pathologisch gokker! Je bent er niet voor mij en anderen, alleen die spinners, veren, bumpers en flippers tellen. En je gokverslaving kost een godsvermogen.”

Dat kwam aan.

Ze betrokken een kleine sociale-huurwoning. Van de opbrengst van hun koopwoning kochten ze, na aftrek van zijn gokschulden, zes ‘Magic Girls’, de duurste en meest zeldzame flipperkasten ter wereld. In de voortuin bouwden ze een terrasoverkapping waar de gokkasten precies onder pasten.

De wethouder Sociale Zaken opende de speelveranda en plaatste een bord bij het tuinhek: ‘Flipper mee — voor een nieuw buurthuis.’





Auteur: Random X

Samen


‘Schat, laten we naar het strand gaan, het is prachtig weer.’
‘Maar ik kijk voetbal. Je weet dat ik dat altijd wil zien op zondagavond.’
Jen zuchtte zacht en haalde een hand door haar licht bruine haren.
‘Dan kijken we toch gewoon tv op het strand?’
Ze lachte breed en trok Justin aan zijn arm omhoog.
Quasi geïrriteerd keek hij haar aan.
‘Ah toe.’
Justin gaf toe en begon te lachen. ‘Oké jij je zin.’
Samen tilde ze de tv op en droegen deze naar de fietsen die in de kleine, maar gezellige tuin stonden.
Behendig maakte Jen de tv vast aan haar fiets.
Ze genoten beiden van het zonnetje op hun gezicht.

Het was vrij rustig op het strand.
Justin zette de tv neer en plofte neer in het zand.
Jen kwam naast hem liggen. ‘Lieverd?’
‘Ja?’’
‘We kunnen de tv helemaal niet aansluiten…’
Justin glimlachte. ‘Dat weet ik.’





Auteur: Hans Stavleu

Scheidslijn


“Het moet toch anders kunnen dan gekleurde stempels op het wol van een schaap”, tobde hij.  Zijn gedachten vlogen van de cellen onder de microscoop naar de subsidie die hij een maand geleden had aangevraagd. Als onafhankelijk wetenschapper kon hij daarmee nog jaren zijn passie voor toegepast onderzoek vormgeven.

De technologie had hij in zijn vingers. Niet voor niets was hij dé expert op het gebied van genetische modificatie bij schapen, varkens en koeien. Onlangs zei hij nog in radio-interview “Het is als tekstverwerken, knippen en plakken van woorden en letters, maar dan met onderdelen van het DNA.”

Hij had het voor elkaar. Met innovatieve manipulatie was hij in staat cellen elke gewenste kleur te geven die hij wilde, zoals dat bij LED-verlichting mogelijk is. En dat dankzij een forse financiële injectie door een bevriende directeur.

Nog een paar maanden en de wei zou vol staan met vleesgeworden Milka-koeien.





Auteur: Hans Stavleu

Boodschappen


Als hij het pad op loopt ruikt hij de zure lucht van karnemelk en ziet hij het dikke witte vocht golvend over de rand van het zwembad klotsen. Nog voordat hij de deur opent kijkt hij verbaasd naar twee pompoenen die in de tuin met elkaar slaags zijn geraakt. Ze vechten om de beste plaats in de zachte herfstzon.

In de hal stapt hij op een gazon van verse krakende taugé waar omheen een slotgracht is gegraven, vol Thaise vissaus. Een gevouwen krant dobbert speels door de riekende vaart. Aan de linkermuur groeien rode pepers als klimop tegen de hoge muren. Geurende gemberwortels steken uit de grond en knoflookstrengen hangen als kroonluchters aan het plafond. De lambrisering is dicht begroeid met munt. Verwarmingsbuizen van bloedworst verdwijnen kronkelend in de vloer.

Een boodschappenbriefje voor vlees, vis, drank en vergeten groenten » is onnodig geworden, hij heeft nu zijn eigen geheugenpaleis.





Auteur: César Noordewier

Cruella de Verschrikkelijke


Cruella de Verschrikkelijke werd ze genoemd. Ze regeerde het land met harde hand, onder het motto ‘Zachte heelmeesters maken stinkende wonden.’

Wie een appel had gestolen kreeg dertig stokslagen in het openbaar. Had je een inbraak gepleegd, dan moest je twintig jaar lang iedere zondagochtend om zes uur de schoenen komen poetsen van de slachtoffers.
En moordenaars werden in een gevangeniscel gestopt en moesten vastgebonden aan een stoel levenslang tien uur per dag alle films van Louis de Funès bekijken.

Maar hoe wreed Cruella ook was, haar Chihuahua was haar alles. De commercie kreeg er lucht van en ze vroegen haar voor een commercial.

Zo ging ze de geschiedenis in als de eerste koningin met een combibaan.

Vijf dagen in de week knipte ze lintjes door en deelde wrede straffen uit, en twee dagen in de week lachte ze haar tanden bloot in de studio voor het merk ‘Pedigree.’





Auteur: Hans Stavleu

Afnemen


Twee geoefende handen wandelden snel langs de kledinghangers van het uitverkoop-rek en viste er behoedzaam een grijs viscose shirtje uit. Met de woorden “Deze zou u echt even moeten passen,” duwde de verkoopster vakbekwaam een hand tegen Jannie’s onderrug en dirigeerde haar naar de paskamer.

Ze bekeek zichzelf in de passpiegel en draaide twee keer rond. “Hm… valt het niet te ruim?”

“Het staat u fantastisch!” betoogde de verkoopster zonder blikken of blozen. “Maakt u zich geen zorgen, met wat calorieën erbij tijdens de feestdagen zal het u ongetwijfeld als gegoten zitten.”

“Wat wilt u daarmee zeggen?!” reageerde Jannie geërgerd en keek de verkoopster aan die zelf haar BMI-grens al lang geleden ruimschoots had overschreden.

“Mijn jarenlange ervaring is dat calorieën heel kleine beestjes zijn die uw kleding ongemerkt laten slinken,” hoorde ze de verkoopster nog grijzend zeggen.

Ze verliet de winkel, zonder ook maar een krimp te geven.





Auteur: César Noordewier

Vergeten groenten


Op het boodschappenbriefje dat hij van zijn vrouw had meegekregen stonden rode bieten, bloemkool, sjalotten, ijsbergsla en tuinbonen.

‘Wat heb jij nu weer voor boodschappen gehaald?’ vroeg ze verschrikt, toen hij een ‘Pizza mozzarella,’ twee broodjes Bapao, een chocoladereep met hazelnoten, een doos vol slagroomsoesjes, een blik knakworsten, zes vanillepuddingen en drie zakken ribbelchips uit zijn boodschappentas haalde.

Hij raakte altijd zo opgewonden van alle lekkers in de supermarkt, dat hij het karretje volgooide met waar zijn smaakpapillen om vroegen en de gezonde boodschappen allemaal vergat.

‘Ja sorry, ik moet onderweg je boodschappenbriefje zijn kwijtgeraakt. Ik wist niet meer wat daar precies op stond, dus toen heb ik naar zo goed mogelijke alternatieven gezocht. Dan hebben we in ieder geval wat te eten, toch?’

Ze vergaf hem voor de zoveelste keer, omdat hij verder wel een goede echtgenoot was. Maar morgen zou zij wel weer zelf boodschappen doen.





Auteur: Ellen Hopman

Habanero


Woensdagavond, het is de avond dat John de kookclub bij hem thuis ontvangt. Al een paar dagen was hij op zoek gegaan naar specifieke gerechten. “Chili word het.” Met zijn boodschappenbriefje ging hij naar het winkelcentrum voor de benodigde specerijen.

Als voorgerecht werd het een loempia gevuld met geitenkaas en een mangodip. Het nagerecht halve ananas met vanilleijs en slagroom, het hoofdgerecht een echte chili con carne. Hij zocht dus een pittige smaakmaker.

De verkoper adviseerde hem de habanero red savina, de gemalen versie, die was uitstekend voor zijn chili. “Maar voorzichtig,” zei hij nog. Het koken ging vlotjes, en ook de gemalen peper liet de chili heerlijk geuren.

‘s Avonds aan tafel smulde ze van het voorgerecht. Toen de chili. Er werd stilletjes gegeten. Alleen rode gezichten, hele rode gezichten ontstonden er, ook bij John die zijn chili niet van te voren had geproefd. Habanero is wel heel heet.





Auteur: Ellen Hopman

Mechaniek   ( ♥ )


Het had een gezellig dagje uit moeten worden samen. Samen naar het meer gewapend met een picknickmand. “Zal ik gewoon de kaart er maar bijhouden?” vroeg Jolanda. Hij keek even opzij, schudde zijn hoofd, “Nee doe dat maar niet, “ik zet google maps wel aan.” Hij had duidelijk geen vertrouwen in haar kaartlees-kwaliteiten.

Weg waren ze, de wat mechanische vrouwenstem dirigeerde ze verder van huis en dichterbij de plaats van bestemming. “Sla na 400 meter rechtsaf,” klonk het uit de telefoon. Henk draaide het stuur en ging rechtsaf. “Dat was nog lang geen 400 meter hoor,” klonk het naast hem.

Een half uur later bleken ze inderdaad verdwaald te zijn. Midden in het bos stonden ze stil, het pad liep dood en keren was bijna onmogelijk. Jolanda was des duivels, omdat hij weer niet had geluisterd en Henk zei: “Zie je het nou? Zelfs mechanische vrouwen kunnen geen kaartlezen!”





Auteur: Hans Stavleu

Tinten grijs


Met zijn oog voor detail, perfectionisme en hard werken heeft Jeroen van ‘schilderen op nummer’ zijn vak gemaakt. Zijn werk levert hem een goed belegde boterham.

Sinds een week heeft Pepijn een bijbaantje bij hem. Het enige dat hij hoeft te doen is heel geordend stukjes textiel op maat knippen.

De tekeningen met genummerde vakjes heeft Jeroen vergroot tot ruim twee vierkante meter. Het schilderen van vakjes tot landschappen, portretten en stillevens heeft hij vervangen door het vastnaaien van stukjes zwarte en grijze stof. Als hij de prikkel aankan, bedekt hij voor het contrast één vakje met een gekleurde stof, meestal geel of lichtblauw.

Als Pepijn hem nieuwsgierig vraagt waarom hij met grijstinten en zwart werkt, is Jeroen’s antwoord overduidelijk: “Mijn specialiteit is niet de thema’s die ik creëer en niet de lapjes doek die ik nauwgezet op het canvas stik. Wat ik tot kunst heb verheven is mijn kleurenblindheid.”





Auteur: Ellen Hopman

Tango


In Buenos Aires aan de oever van de Rio de la Plata is deze dans ontstaan. De Tango een dans van verleiding en erotiek. Al vanaf eind negentiende eeuw word deze dans op de hoeken van de straten gedanst en tot op de dag van vandaag bewonderd door de toeristen.

Ook Carlo en Maria, twee fervente Tango dansers die het in hun bloed hebben om een samenspel van liefde en verleiding uit hun lichaam te laten vloeien en publiek te vermaken. De Tango was datgene wat hun samen had gebracht. Dit was alweer 53 jaar geleden.

Nu zaten ze samen in een verzorgingshuis, twee zielen met nogal altijd liefde voor de Tango. Helaas wil het lichaam niet meer, maar daar hadden de verzorgers iets op gevonden. De plaatselijke poppenmaker maakte twee gelijkende poppen. En zo konden ze toch nog samen hun liefde uiten door deze poppen te hanteren in een Tango.





Auteur: Ellen Hopman

Zwemfeest


Het was een gespetter en kabaal van jewelste. Groot en klein hadden het prima naar hun zin. Er werd van de kant gesprongen, gerold en soms gevallen na een ongelukkige botsing, maar het was zeker een genot om naar te kijken. Er lagen ballen in het water en van die plateaus waar je op kon balanceren. Daar bovenop was het ook nog eens schitterend weer.

Kinderen gierden het uit van het lachen en de zwemmende menigte werd ook door iedereen aangemoedigd om zich vooral uit te leven in het zwembad, dat voor deze gelegenheid speciaal tot zes uur open zou blijven. Na vandaag zou het buitenbad weer gesloten worden tot aan het volgend voorjaar.

Ja, het was ieder jaar een feest en het leek wel of het ieder jaar steeds drukker werd. Maar om zes uur ging het bad dicht. Het jaarlijkse zwemfeest voor de honden zat er weer op.





Auteur: César Noordewier

Gat in de markt


Het bleek een gat in de markt te zijn: een kapsalon voor mensen met extreme winderigheid.

Lange tijd was het een verzwegen probleem geweest, maar de laatste jaren werd het sociale isolement van deze mensen steeds beter in kaart gebracht.

Werk vinden was heel moeilijk; meestal waren ze dan ook werkzaam in koeienstallen, varkensstallen en mestfabrieken. Daar konden ze gewoon zichzelf zijn.

Naar de bioscoop of naar het museum gaan was gewoon uitgesloten, want dan werden soms zelfs de hulpdiensten gebeld, omdat men dacht dat het riool ontploft was.

Maar vorig jaar werd dan eindelijk een kapsalon voor deze vergeten groep kwetsbare mensen geopend.
Door weer en wind togen ze er vanuit het hele land naartoe.

Een knipbeurt was voor de slachtoffers van deze aandoening echt een dagje uit, een verademing.

En de eigenaar van de kapsalon, die kreeg een standbeeld midden in de stad. Met mondkapje en al.

 





Auteur: Hans Stavleu

Doorgeprikt


Het was ijzig koud. Iedereen hees zich in een warme jas, deed een sjaal om en stapte met warme laarzen of schoenen de kale tuin in. Grote sneeuwvlokken daalden dwarrelend uit de hemel neer op haren, jassen, planten, struiken en tuinmeubilair.

Het hout in de vuurkorf werd in brand gestoken zodat geelrode vlammen omhoog dansten en het gezelschap er zich weldadig aan kon warmen. Als een ritueel werd het geheimzinnige, in aluminiumfolie verpakte, onderdeel van het voorgerecht van het kerstdiner op de barbecue neergelegd.

Spetterende en fonkelende sterretjes in ieders hand versterkte de sprookjesachtige wintersfeer. Iedereen voelde zich tevreden in deze ambiance. Ze hadden de warme huiskamer met de boom met lichtjes en gekleurde ballen even niet nodig.

De kinderen van de bijeengekomen gezinnen maakten onverwacht een einde aan deze jarenlange traditie. Ze merkten dat de verpakte rosbief op de barbecue al eerder die dag was gebakken. Kerstfeest was nep.





Auteur: Ellen Hopman

Bittere maanden


Het is september 1969, moeder de Vries komt uit de keuken met een bruine fles, zo eentje die je bij de apotheek haalt. In haar hand een grote lepel. Binnen staan haar elf kinderen op een rij te wachten. Alle hebben ze een blik van afschuw op hun gezicht zodra ze de fles zien. “ja , jullie weten het hè kinders, de R is in de maand.” Op de koffietafel staat een kan met uitgeperst sinaasappelsap en een glas.

Ze loopt naar de oudste en vult de te grote lepel met vloeistof en giet het in zijn mond. Een gorgelend en hoestend geluid volgt met een nog erger gezicht van afschuw. Dit ritueel herhaalt zich elf keer met elf keer verafschuwde gezichten.

Het laatste kind is aan de beurt en ook de jongste proest het uit. Maar dan is daar eindelijk de beloning… een grote slok sinaasappelsap na die vieze levertraan.





Auteur: Hans Stavleu

Spoorloos


De wind giert naar binnen wanneer hij, zeiknat van de striemende herfstregen, de deur van het donkere tuinhuisje openduwt.

Behoedzaam doet hij de deur achter zich dicht en beseft dat hij niet veel van opa weet. Hij herinnert hem als een gesloten, zwijgzame man die na het overlijden van zijn vrouw nooit was hertrouwd. Nu opa er niet meer is, is hij nieuwsgierig naar hem.

Op zijn hurken opent hij een vervallen koffer die verlaten in een hoek ligt. Voorzichtig haalt hij er een oude lamp, een door de tand des tijds aangetast kompas, een vochtig doosje Zwaluw-lucifers en enkele koffiedistributiebonnen uit de Tweede Wereldoorlog uit.

Onder een verteerd gasmasker ligt een foto. Het blijkt een vergeelde ansichtkaart te zijn die aan zijn opa is geadresseerd. De kriebelige boodschap leest hij wel drie keer voordat de betekenis enigszins tot hem doordringt: “Thanks, dad, for getting me out of the war!”





Auteur: Ellen Hopman

Storing


Raampje een beetje open, laptop aan, koffie, gesetteld om weer eens aan het schrijven te slaan. Na het opstarten van Word verschijnen de eerste woorden op het maagdelijk witte vlak. Nog voor de volgende woorden hun intrede kunnen doen klinkt het “MAM!!!” nog een keer “MAM.” Een zucht en de weg naar beneden volgt. Daar aangekomen staat haar dochter voor haar kast “Waar is nou mijn zwarte t-shirt”?

Hoofdschuddend na het shirt gevonden te hebben neemt ze weer plaats, staart even naar haar scherm en leest wat terug. “Oh ja.” En dan poging twee. Even zit ze in de flow, heerlijk. Eindelijk, het is gelukt het verhaal staat op het veld. Nu alleen nog even opslaan.

Dan een bas, een snerpend gillend geluid, een brul, lichten flikkeren, een jongensstem die meebrult op alles wat rechtstreeks uit de hel lijkt te komen en dan.

Stilte, stoppen doorgeslagen, storing en weg verhaal.





Auteur: César Noordewier

Matchfixing   ( ♥ )


Toen de spits van de tegenpartij de bal naar links schoot, dook hij naar rechts. Nul-één. Duizend euro.

Toen dezelfde spits de bal richting zijn doel kopte, kopte hij de bal door in zijn eigen doel. Nul-twee. Tweeduizend euro.

Toen een van zijn eigen spelers de bal op hem terugspeelde, liet hij hem door zijn benen glijden. Nul-drie. Drieduizend euro.

Toen een middenvelder van de tegenpartij van vijftig meter afstand hard richting de kruising schoot, stompte hij de bal achterwaarts zijn eigen doel in. Nul-vier. Vierduizend euro.

Zijn vrouw zou trots op hem zijn. Ze zouden niet alleen een nieuwe afzuigkap van Bauknecht, twee nieuwe winterjassen van Burberry, twee setjes dekbedovertrekken van Essenza en ‘De ontdekking van de hemel’ van Harry Mulisch kunnen aanschaffen, maar ook met oma een midweek naar Terschelling kunnen gaan.

Je kon van hem zeggen wat je wilde, maar hij was wel een echte familieman.

 





Auteur: Hans Stavleu

#WeToo


De camera verschuift van de glimmende knopen van haar jasje naar de interviewer.

“Kunt u, als volgeling van het eerste uur, iets zeggen over het pastafarisme?” begint de journalist.

Ze antwoordt zonder haperen. “Wij zijn, in een dronken bui, geschapen door het Vliegend Spaghettimonster. Onze ‘noedelige meester’ heeft ons opgedragen een vergiet als religieus hoofddeksel te dragen en een piratenpak als heilig kostuum. Hoewel we soms aanstootgevend zijn, bestrijden we armoede en ziekte en leven we in vrede.”

De verslaggever interrumpeert haar en komt direct tot de kern: “Er gaan wat geruchten over seksueel misbruik binnen uw geloofsgemeenschap.”

Ze neemt haar hoofddeksel af en houdt het omgekeerd in haar handen. “Weet u,” zegt ze en kijkt gedisciplineerd in de camera waarvan het lampje brandt, “bij godsdiensten zoals die van mormonen, Jehova’s, boeddhisten en katholieken kon dit tientallen jaren onder de pet worden gehouden. Dat gaat niet met een vergiet!”

 





Auteur: César Noordewier

Don Corleone


‘Huize Weltevree’ was al honderd jaar een oase van rust, reinheid en regelmaat.

Maar toen er een nieuwe bewoner was gekomen, veranderde de sfeer. De wildste geruchten deden de ronde.

Feit was dat hij een keer ruzie met Henk had gekregen over wie het eerst de krant mocht lezen. Niemand heeft Henk meer teruggezien. Zijn familie maakt zich grote zorgen.

Kort daarna kreeg ‘Don Corleone,’ zoals hij al gauw werd genoemd, het aan de stok met Gerard, over wie waar mocht zitten. Ook van Gerard is niets meer vernomen. De familie is radeloos, vooral vanwege de erfenis.

Groot was de opluchting van de bewoners toen onlangs ‘Don Corleone’ met twee koffers door een taxi werd opgehaald. Hij had heimwee gekregen naar Sicilië.

‘U bent altijd welkom voor een kopje koffie, hoor!’ riepen de bewoners, toen hij instapte. Ja, beleefdheid stond hoog in het vaandel bij ‘Huize Weltevree.’





Auteur: Hans Stavleu

Bestemming


Geconcentreerd wandelen ze over het drassige bospad dat langs de rand van het bos kronkelt.

De propperige jongen die hijgend een paar meter achter de groep loopt, stopt en richt zijn blik schuin omlaag. “Jongens,” zegt hij buiten adem, “deze plek is geschikt voor ons plan.”

Ze gaan in een halve cirkel om hem heen staan. “De grond is droog en hier zo’n 50 meter vandaan staat het doel, vlakbij de bramenstruik,” verklaart hij enigszins tot rust gekomen.

Zonder een woord te zeggen begraven ze een zwart kubusvorming blik die daarna automatisch zijn werk doet. Binnen een minuut kruipen de eerste miniscule drones uit de grond.

Gespannen zien ze hoe deze kunstmatige boshommels op elkaar wachten, een zwerm vormen en zoemend op zoek gaan naar hun geprogrammeerde bestuivingsdoel: de bosframbozen.

Hij is even stil, geschrokken van zijn eigen succes, en vraagt zich af, “Wanneer is de mensheid aan de beurt?”





Auteur: Hans Stavleu

Applaus


De afgelopen jaren zijn ze veel kwijtgeraakt. Het zit gewoon niet meer in hun geheugen.

Toch treden ze weer op. Net als vroeger op zaterdagmiddag op de Dam in Amsterdam. Hij in zijn gele broek gehesen, een rode muts op zijn hoofd en met houten klompen aan zijn voeten. Zij in een rood schort en een theedoek om haar hoofd geknoopt.

Als ze op het nagemaakte plein, zoals vroeger, ruzie maken weten ze de reden niet meer. Ze camoufleren het met liedjes uit hun kindertijd. Soms vergeten ze een woordje en zingen gewoon door. Het publiek maakt dat niets uit, zij kunnen zich ook niet alles meer herinneren. Maar de versjes kennen ze, ze schalmen ze luid mee.

Niet meer zo soepel van lijf en leden buigen Jan Klaassen en Katrijn na elk kinderliedje. Het publiek in het bejaardencentrum juicht en applaudisseert vol overgave.

Mooi, zo’n poppenkast.





Auteur: Hans Stavleu

Spanning


“Nummer acht wordt het, mijn geluksgetal!” mompelt software engineer Xin Tian. Haar ogen draaien omhoog, “De weersomstandigheden moeten wel meezitten“ redeneert ze, overtuigd van haar eigen inzicht. Ze opent haar hand en voelt een regendruppel. Met een grijns op haar gezicht wandelt ze naar het wedkantoor op Somerset Road.

Slippend gaat het eerste tweetal raceauto’s van start op het Singaporese stratencircuit. Uren later, in de laatste en beslissende ronde strijden nummer vier en acht tegen elkaar. “Dood tegen Vernieuwing,” filosofeert Xin Tian met de Chinese numerologie in haar achterhoofd.

Acht kruist winnend de finishlijn van de allereerste Formule-AC wedstrijd ter wereld. De bandenspanning van elke band wist zich elke fractie van een seconde aan te passen aan de hoeveelheid regenwater op het wegdek. Krachtig baldt ze haar rechtervuist, bijt op haar onderlip en knijpt haar ogen samen, “Ik wist het! In een wedstrijd voor Autonomous Cars wint het slimste algoritme!”





Auteur: Hans Stavleu

Landing


Ze vliegt al minstens een uur in het donker. Snel moet ze een landingsplaats vinden. Het is van levensbelang, niet alleen voor haarzelf.

Met een grote bocht scheert ze over het uitgebreide terrein dat ze gedetailleerd in kaart brengt. “Het moet mogelijk zijn om zonder veel gevaar op dat duinvormige, langgerekte gedeelte te dalen. Ergens tussen die talrijke langzaam bewegende stengels,” oordeelt ze. Een lichte turbulentie maakt het niet direct mogelijk op het lastig waarneembare landschap neer te dalen. Geconcentreerd doet ze toch een poging. Het mislukt. Ze vliegt een stukje verder en onderneemt een tweede krachtsinspanning. Eindelijk voet aan de grond.

Geroutineerd steekt ze een buis schuin in de grond en zuigt haastig een lading vloeibare grondstof omhoog. De vlakte onder haar beweegt. Razendsnel stijgt ze op en schreeuwt opgewonden naar bakboord: “Yes! Dit mensenbloed is geschikt voor je eitjes, mijn lieve, zwangere muggenzus.”





Auteur: Ellen Hopman

Code oranje


Zaterdagavond 7 uur de kinderen in bed en eindelijk even tijd voor mezelf. Snel alles gepakt. Zorgvuldig lees ik de beschrijving en ga aan de slag. Ik breng de verf aan op mijn haar zodat die vervelende uitgroei straks verdwenen is. “Bah wat stinkt en bijt dat spul toch ” mopper ik terwijl ik verder verf en kam. De kookwekker staat, 30 minuten tops en dan uitspoelen.

15 minuten later “MAM” en ik snel me naar de slaapkamer van mijn zoon. “Aww, nee hè!” Ik zie hoe hij alles heeft ondergespuugd en snel zet ik hem onder de douche en begin aan een grote schoonmaak en mopper op de hoogslaper, bah “. Eindelijk alles schoon en dan? “Oh nee, mijn haar.” Snel begin ik te spoelen en te spoelen.

Nu zit ik hier in de trein als Bassie de clown met mijn peenoranje haar, want op zondagochtend is nergens een winkel open.





Auteur: César Noordewier

Sultan in de polder


Na een goede nachtrust kreeg hij een vorstelijk ontbijt op bed van zijn concubine Laila. Vervolgens werd hij gemasseerd, gewassen en bepoederd door zijn bloedmooie nieuwe concubines Scheherazade en Aliya. Zahra was zoals altijd degene die zijn kleding voor die dag had klaargelegd. Ditmaal een prachtig hemelsblauw gewaad van de beste kwaliteit zijde uit Kashmir.

Hij nam de belangrijkste zaken voor die dag door met zijn secretaris Iznogoedh, terwijl twee rondborstige Eritrese slavinnen ze met palmbladeren koelte toewuifden.

Zijn trouwe eunuch Akwokwo bracht hem een kussen met daarop zijn gouden dolk, die hij om zijn middel bond voordat hij met Iznoghoedh vertrok. Ze zouden de bouw van de nieuwe moskee gaan inspecteren.

Vol bewondering betraden ze de zuilengalerij van verblindend wit marmer, toen… ‘Hè? Wat is dat? De wekker, shit! Opschieten, ik moet om acht uur op kantoor zijn om de jaarrekening door te nemen…’





Auteur: Ellen Hopman

Gesloten


Jaren geleden had hij een droom. Hij had net zijn hele koksopleiding afgerond, inclusief stages in Frankrijk en Amerika waar hij met de grootste ter aarde had samengewerkt. Na jaren van zwoegen en reizen werd het tijd om te settelen. Samen met zijn grote liefde bouwde hij een mooi restaurant op midden in de Zeeuwse duinen, het had de toepasselijke naam “meliefste”.

Al snel werd het een goedlopend restaurant met geweldige recensies. In de loop der jaren werd het moeilijker om personeel te krijgen. De werkuren waren lang, de motivatie onder het personeel minder. Het werd een waar gevecht om open te blijven.

Uiteindelijk moest hij de deuren sluiten, gewoonweg omdat hij geen personeel meer kon krijgen. Nu jaren later, zat hij hier, oud en grijs, op een bankje starend naar wat ooit zijn droom was en waar nu nog altijd het bordje hing “we’re closed but still awesome”.





Auteur: Hans Stavleu

Feest!   ( ♥ )


Sofie stuurt mama naar zolder en papa het huis uit. Ze maakt snel twee staartjes in haar haar en doet verschillende gekleurde sokken aan. “Wakker worden!” schreeuwt ze tegen haar neefje en nichtje. “Jahaa,” zeggen ze gapend en wrijven de slaap uit hun ogen. Sofie gooit een handvol gouden chocolade muntstukken omhoog, “Vangen!”

Onbeweeglijk staan de drie naast het grote bed. “Pippilotta Victualia Rolgordijna Kruizemunta Efraïmsdochter!” schettert Sofie drie keer zo hard ze kan.

Eenmaal beneden joelt Sofie “We gaan ontbijten met frikandellen” en schaatst op haar sokken over het parket naar de keuken. “Het is mijn dag. Mijn moeder is boven, in de hemel, en mijn vader is weg, hij is koning van Taka-Tukaland. We doen vandaag waar we zin in hebben.”

‘s Avonds laat kijken Sofie’s ouders hoofdschuddend naar de achtergelaten rommel. Lachend zegt Sofie’s moeder “Wie heeft het Sinterklaasfeest eigenlijk vervangen door een Nationale Pippi Langkous Dag?”





Auteur: Ellen Hopman

Het orkest   ( ♥ )


Al 60 jaar zijn ze getrouwd. Het was wel duidelijk dat hij de broek aan had in dit huwelijk, eigenlijk al vanaf het begin. Zij was toch meer het gemoedelijke type dat niet van ruzie hield en liever toch maar de lieve vrede bewaarde. Zo was het ook al 60 jaar dat hij uitmaakte hoe en waar de vakantie gevierd werd. Ook had hij zo zijn eigen ideeën over de opvoeding.

Ooit in die 60 jaar was er slechts maar één keer een conflict geweest over een nieuwe auto die ze wilde kopen maar daar zijn ze ook uitgekomen. Hun huwelijk zag hij als een groot symfonisch orkest, waarin hij toch de grootste rol speelde. De grote trom, de bazige contrabas, de luidruchtige trompet, de af en toe overheersende violen, heel soms een meer bescheiden fluit en vaker een dwarsfluit.

Maar hij wist dondersgoed, zij was altijd de dirigent!





Auteur: Hans Stavleu

Spannende verrassing


Grijnzend klapte ze het boek ‘Verschillende smaken overbrugd” dicht en pakte trillend haar telefoon. “Na het mooie zwanenmeer wil ik je uitnodigen om te komen eten.”

Duizenden gedachten flitsten door z’n hoofd. “Had ik het goed begrepen dat ze het over een spannend nagerecht had? En die blinddoek, was dat mijn eigen gedachte of had ze dat werkelijk genoemd?”

“Niet bewegen.” Voorzichtig wikkelde ze een zwartzijden lint om zijn hoofd en dekte zijn ogen ermee af. “Wat moet ik zeggen? Wat moet ik doen? Mijn hemel!” Hij wist zich geen raad maar beheerste zich uiteindelijk. “Mond open!” zei een ietwat strenge stem naast hem. “Nee! Ja! Wat gebeurt hier allemaal?” spookte het in zijn hoofd.

Zijn lippen voelde koud op het moment dat ze iets in zijn mond stopte.

“Koffieijs met chocoladesaus. En gebakken knoflook die de twee smaken overbrugt” kon hij nog net verstaan. “Smaken verschillen,” fluisterde hij.

 





Auteur: Edith E.

Antiek en curiosa   ( ♥ )


“O, look, Art Deco mail boxes. We used those for sorting mail in the eighties. Aren’t they pretty?’’

Ze port me met haar druk beblouste elleboog. Ik ken de vrouw niet, maar voel meteen een zekere verwantschap. Toegegeven, ze zijn decoratief. Rijen koperkleurige boxjes, rijk versierd rond de sloten en dan die gouden sierletters tegen de zwarte achtergrond, alles afgewerkt met een decoratieve rand. Wie van mooi en apart houdt kan hier het hart aan ophalen.

“Very pretty, indeed” beaam ik.

“I had a job in Hollywood, you see. Not as an actress!” Ze gooit al haar witte tanden bloot in een schaterende lach die boven het geroezemoes van stemmen uit schalt. Ik kijk verbijsterd naar de verzameling goud die daar blinkt. Dat moet wat hebben gekost.

“I am going to make a bid. Please, don’t go away yet.”

Hoe kom ik met goed fatsoen weer van haar af?





Auteur: Ellen Hopman

Het Zwanenmeer


Zorgvuldig deed ze haar make-up, ze moest er tip-top uitzien. Nu moest ze alleen nog kiezen tussen haar twee mooiste jurken. Gisteravond belde haar kersverse nieuwe vriendje haar op of ze mee wilde naar het zwanenmeer. Ze was in de wolken want ballet was haar leven. Helaas op haar vijftiende brak ze haar enkel na een verkeerde lift en was haar eigen balletcarrière voorbij. Ze keek op de klok en liep naar beneden, hij zou haar om vijf uur ophalen. “Wat was het toch een lieverd dat die aan zoiets dacht”.

In de auto kijkt ze verliefd opzij. Ze waren nu dan echt onderweg. Haar lichaam kriebelde van plezier. Ze reden de stad uit door een bos en plots stopte de auto. Na een korte wandeling viel haar mond open. “Kijk,” hoorde ze hem zeggen, “mooi hè… al die zwanen hier in het meer.” “Ja, het zwanenmeer,” fluisterde ze.





Auteur: Hans Stavleu

Uit de tijd   ( ♥ )


Het onweerde. Haar ogen bliksemde in het rond en haar stem donderde door het lokaal, “Dit gaan we niet doen. Het mag niet gebeuren. Hier doe ík niet aan mee!” Tijdens de vergadering kon ze eindelijk de ideeën van de hoogleraar van haar onderzoeksgroep aanvechten.

Er verscheen een brede glimlach op zijn gezicht terwijl hij de vergadering voorbereidde. Hij verzamelde in hoog tempo een tiental balletfoto’s en schreef bij elk een onderschrift. ‘Lichamelijk letsel’ schreef hij bij een afbeelding met balletschoenen, ‘Onregelmatige werktijden’ bij een kerstavondvoorstelling en ‘Ondeugdelijke werkkleding’ bij een foto met dansers in 18e eeuwse kledij. De foto’s plakte hij hardop lachend in een digitale presentatie en gaf het de titel ‘Onderzoeksproject – Help ballet de wereld uit!’

Nadat ze was uitgeraasd en iedereen beduusd naar hem keek, dacht hij “Ik heb je weer te pakken, dame!” en vervolgde op rustige toon “Het is vandaag 1 april.”





Auteur: Hans Stavleu

Rendez-vous


Trishelle en Mari hebben een bijzondere klik en ontmoeten elkaar regelmatig. Laat in de avond na hun werk bezoeken ze jazz- of blues-café’s om naar muziek te luisteren of daar met elkaar te dansen en te kletsen. Op andere plaatsen treffen de twee vrouwen elkaar voor erotiek.

De twee lesbiennes kennen elkaar niet. Hun bijzondere samenzijn speelt zich geheel af in een kleurige, creatieve, virtuele driedimensionale wereld. Elk met een sexy avatar spelen ze hun mentale en digitale bestaan.

Na de laatste tonen van het Vioolconcert van Pjotr Ilitsj Tsjaikovski weten de twee violisten dat het er bijna op zit voor vanavond. Alleen nog het Eerste Vioolconcert van Max Bruch.
Na afloop schudden de twee mannen elkaar de hand, bedanken ze elkaar voor het prachtige concert en gaan hunsweegs.

Eenmaal thuis is het tijd voor een virtuele avond. De één met Trishelle, de ander met Mari.





Auteur: Hans Stavleu

Hulpbehoevend


Haar ogen verplaatsen zich van de twee rode geraniums in de vensterbank naar de grijze stoppelbaard en lichtblauwe, olijke ogen van meneer De Jonge, directeur van het woonzorgcentrum. “Ik wil graag dat mijn 93-jarige vader hier zou kunnen wonen. Maar, zou het mogelijk zijn…” Ze hapert een fractie van een seconde om haar punt te maken en vervolgt snel met zachte stem: “… de naam Herfstzon te veranderen?”

Ze droomt weg met het verhaal van haar vader hoe hij als teenager, zoals hij dat altijd noemt, tijdens een bevrijdingsfeest stoer en roekeloos over het plein fietste en hoe zijn toekomstige vrouw onverhoeds op zijn voorwiel belandde.

Voorzichtig pakt ze de rechterhand van haar hulpbehoevende vader vast. Ze lopen schuifelend naar voren. Hij zal dit leuk vinden, daar is ze van overtuigd. Samen trekken ze het doek van de aluminium plaat weg en onthullen de nieuwe naam: “TIENERS VAN TOEN”.





Auteur: Ellen Hopman

Mijn kind   ( ♥ )


Kind mijn kind, voor altijd mijn kind. Ook later als mijn gezicht rimpels vertoont. De ouderdom heeft plaatsgemaakt voor al het jeugdige dat ik zo krampachtig vast heb willen houden. Kind mijn kind voor altijd mijn kind. Al vanaf jouw eerste dag tegen mijn borst, je geur, je eerste geluid. Samen zijn we gegroeid hebben we geleerd. Jouw hand in de mijne en later als ik oud ben hoop ik die van mij in die van jou.

Kind mijn kind ik heb je zien groeien van meisje tot jonge vrouw en nu zie ik je als moeder en fluister je “kind mijn kind ” zie ik jouw liefde, zie ik het in alles wat je doet. En stiekem hoop ik dat jij je kan herinneren hoe ik hetzelfde deed.

Kind mijn kind, ik ben nu oma van jouw kinderen. Een nieuw soort houden van.
Lief kind van mij, ontzettend mooie vrouw.





Auteur: Ellen Hopman

Eindpunt


Verslagen staat ze daar, de bijl waar het bloed nog aanzit in haar handen. Vol ongeloof kijkt Jackie naar haar vader terwijl tranen over haar wangen biggelen. Ze ziet hoe haar vader onverstoorbaar alles bij elkaar zoekt. Het eerste been verdwijnt in een blauwe krat vervolgens daarop het tweede been. Dan ziet ze hoe het hoofd vlug word weggewerkt, ook in een blauwe krat en afgedekt met een zeil.

Het leven tijdens deze crisis in Ierland is zwaar en men deed zoveel mogelijk zelf. Jackie is ontroostbaar maar haar vader werkt gestaag door. Nooit had ze gedacht dat hij tot zoiets in staat was!

Natuurlijk wist Jackie dat ze ziek was en het eens ophield, maar dit? Ze kijkt toe hoe haar vader de kar mee trekt, met zijn hoofd gebogen sjokt hij door de schuur.

Jackie draait zich om, nooit meer zal ze haar zien, haar lieve paard Francy.





Auteur: César Noordewier

Made in China   ( ♥ )


Chinezen waren altijd al gek op molens, klompen en tulpen. Op een dag besloten ze heel Giethoorn na te bouwen in China. Dat beviel zo goed, dat al gauw Volendam, Delft en Middelburg volgden.

Ruimte zat daar in China, dus binnen vijf jaar hadden ze heel Nederland nagebouwd, van Maastricht tot aan Groningen. Alles even waarheidsgetrouw.

Het werd een enorm succes en er kwamen miljoenen toeristen op af, vooral veel Nederlanders. Zo ook vader, moeder en zoon Janszen, die van dit tweede Nederland genoten.

Toen ze bij het Chinese Kinderdijk waren, vroeg zoon Marnix: ‘Papa, hoe weten we nu of we in Nederland of in China zijn?’ ‘Kom,’ zei zijn vader en ze liepen naar de stelling van een molen, waar je dicht bij de wieken stond. ‘Kijk,’ zei hij, en hij wees naar de onderkant van een wiek. In kleine maar duidelijke blokletters stond er ‘MADE IN CHINA.’





Auteur: Edith E.

Barre tocht door een prachtig stukje Nederland


Aan weerszijden van het eindeloos lange verharde pad klotst het grijzige water tegen de oevers. Twee zwanen deinen op en neer. In hoog tempo draaien de wieken van de molens wild met de sterke stroming van de wind mee. Wasgoed wappert aan een waslijn.

Handschoenen waren geen overbodige luxe geweest. Het is hier om te sterven. Zo te zien zijn we dan ook de enige wandelaars op deze gure, grauwe dag. Hoewel we dicht naast elkaar lopen, zwijgen we alle drie. Af en toe schreeuwen we elkaar toe hoe koud het is. Praten heeft geen zin hier: onze stemmen verwaaien meteen tot onverstaanbare klanken.

Ondanks het barre weer bereiken we uiteindelijk het punt waar we het uitzicht hebben op bijna alle wereldberoemde windmolens van Kinderdijk in één blik. Dit is al ons gezwoeg tegen de straffe wind in wel waard geweest.

Nu weer dat hele eind terug.

 





Auteur: Ellen Hopman

Pech onderweg


“Maar waarom dan niet? Ik kan er echt wel mee overweg hoor! ” Gijs zijn vrouw wilde gewoon voor één keer de nieuwe BMW cabrio mee, gewoon om mee te pronken. Gijs zuchtte en gaf toe. De afgelopen drie weken wist die het nog tegen te houden, vrouwen en auto’s waren gewoon geen goede combi in zijn ogen. Hij kon zich al de discussies over de auto nog feilloos herrinneren, haar smeekbedes, argumenten, zelfs zijn lievelingsmaaltijd die ze had bereid twee dagen ervoor.

Dat was gisteren. Nu zat hij hier in de trein, de regen tegen de ruiten, zijn hoofd tegen de leuning van de stoel voor hem. “Hoe kon dat nu gebeuren, hoe dan?” Zijn stem klonk vol onbegrip en ongeloof. De hele cabrio waar hij jaren voor had gespaard, total loss, naar de sloop.

Even snel parkeren op de dijk, even snel, maar…

Hij was de handrem vergeten.





Auteur: Hans Stavleu

Eenheidsworst


De laatste tijd maakte hij zich zorgen. De worsteling om zijn nieuwe bestaan een doel te geven piepte en kraakte diep van binnen. Het was een irritante, knagende prikkel.

Na terugkomst van zijn bezoek aan de Valloire in Savoie weet hij het zeker. Hij gaat de Franse diot verbeteren, tot in de uiterste perfectie. Elk exemplaar krijgt dezelfde optimale smaak, geur en textuur. Er zullen geen seizoensafhankelijke varianten meer zijn. Wortels, rapen, bieten, meel, kruiden en varkensvlees altijd in dezelfde verhouding, tot op de milligram nauwkeurig en met steevast dezelfde kleur.
Zíjn ambachtelijke handwerk. Ja, zo gaat hij
 de mensheid dienen. Hij kan dit omdat hij nu eenmaal is wie hij is.

Morgen opent hij zijn eigen zaak, een worstenwinkel. Zijn werkkleding ligt al klaar. Hij maakt een minimaal vreugdedansje als dank aan de Verenigde Naties die vorige week de Universele Verklaring van de Rechten van de Robot uitvaardigde.





Auteur: César Noordewier

Pechvogel


Flinke buit: een grote reistas vol bankbiljetten. Hij liet hem neerploffen op de parketvloer.

Wat was het trouwens heet in het appartement! Om niet weer de zware tas op te hoeven tillen, boog hij zich eroverheen om het raam te openen. Door alle stress en vermoeidheid na zo’n overval verloor hij ineens zijn evenwicht en kwam uiterst ongelukkig met zijn hoofd op de marmeren vensterbank terecht.

De goden waren hem gunstig gezind, want na twintig jaar in coma te hebben gelegen, werd hij tot ieders verbazing ineens weer wakker. Zijn spullen had de familie al die tijd in een loods bewaard.

Groot was zijn opluchting toen hij daar zijn tas barstensvol bankbiljetten vond. ‘Toch nog gerechtigheid!’

Wat hij echter niet kon weten was dat twintig jaar politiek en economisch wanbeleid voor een ongekende hyperinflatie hadden gezorgd. Een ijsje met hooguit twee bollen zou hij er nog voor kunnen kopen…





Auteur: Hans Stavleu

Oordeel


Tijdens de eerste bijeenkomst ging juf elke cursist enthousiast langs met de vraag wat hij of zij wilde schilderen. Het laatst was ik aan de beurt. Met een bijna gemene grijns op mijn gezicht zei ik dat ik een vis wilde naschilderen. Juf begreep mijn bedoeling niet meteen.

Op de markt kocht ik de grootste vis die er te krijgen was, een harder.

Week in, week uit nam ik het ingevroren dier mee, ontdeed het in het lokaal van krantenpapier, richtte er twee lampen op en penseelde geconcentreerd kop, schubben, staart en twee citroenen die ik er voor de compositie bij had gelegd.

Enkele jaren later werd de cursus herhaald. “Jullie mogen alles schilderen, maar niet zoals me eens is overkomen een echte vis.” Een schampere glimlachende reactie van een van de cursisten verfde een roze laag op haar wangen: “Die was van mijn partner.”





Auteur: Redactie

Kirovski (5)


Met ingehouden gegrinnik lossen de twee naar benzine ruikende mannen hun lading gestolen kluisjes uit de kleine vrachtwagen. “Die snappen nooit dat wij dat gedaan hebben, die tent is nu mooi zwart!” Sovietnik neemt een slok vodka en antwoordt met slechts een luide boer.

Met een geroest breekijzer openen ze stuk voor stuk de kluisjes en leggen met een grijns de buit op tafel. Stapels geld, juwelen en oude eigendomspapieren komen uit de kluizen tevoorschijn. Het een na laatste kluisje springt na wat aandringen ook open maar laat alleen een envelop zien. Sovietnik scheurt hem open.

Een vergeelde foto van een blonde vrouw met op de achtergrond een grote getekende overzichtskaart met rare codes valt op de grond. Op de achterkant staat in hanenpoten ‘restaurant 5-94’ geschreven. Obshchak kijkt geschrokken naar zijn maat. Hij vloekt binnensmonds “Godverdomme, dit is goed fout. We moeten Begrev opzoeken! Pak het geld, wegwezen hier!”





Auteur: Ellen Hopman

Kinderlogica


Ieder kind houd van dieren en onze dochter is daar geen uitzondering op. Al van heel kleins af aan is ze verzot op onze honden, twee golden retrievers die voornamelijk als vloerkleed dienst doen en zeker niet waaks zijn ingesteld, want daar word je moe van.

Toen ze zes jaar was kregen we kittens, twee stuks. De ene was gitzwart genaamd Falco de andere een rode genaamd Olivier. Twee broertjes uit hetzelfde nest. Ze kon haar geluk niet op.

Meer nog dan van honden houd ze van de katten. Kittens zijn leuk, zeker katertjes, maar ze moesten wel gecastreerd worden, aangezien ik geen vliegende krolse katers wil die ieder plekje als te pas en te onpas nat sproeien.

Zo gezegd zo gedaan, de katten werden gecastreerd. Mijn dochter keek ‘s avonds bedenkelijk en had toen de ultieme vraag. “Nu zijn de katten gecatstereerd, zijn de honden nu gehondstereerd?”





Auteur: Twidioom

Kirovski (4)


Met een langzame tred en met zijn ogen halfgesloten loopt Pjotr de trap op naar zijn appartement, zijn hoofd bonkt van de ontmoeting met de vreemdeling. Hij steekt zijn sleutel in het slot van zijn voordeur en duwt met zijn hand om de rand de deur naar binnen open. Nog voor hij zijn voet over de drempel kan zetten zitten zijn vingers klem tussen deur en sponning.

Pjotr stoot een rauwe kreet uit en trekt met volle kracht zijn hand terug. De deur vliegt open waardoor hij achterovervalt en zijn elleboog hard tegen de leuning beukt. Een hand trekt hem naar voren de gang van zijn appartement in en een sissende stem gebiedt hem stil te zijn.

‘Geen tijd, snel! Waar kwam die sleutel vandaan!’ ‘Zeg! Nu!’ Pjotr’s ogen strijken stilzwijgend over het tafeltje achter de zwartharige man die zijn blik volgt en hem meetrekt de woonkamer in.





Auteur: Hans Stavleu

Afwas


Al jaren werkte Ruud als vrijwilliger bij de Voedselbank. Tijdens het uitdelen van de pakketten kwam hij steeds meer tot de ontdekking dat het anders moest.

Tussen de woonwijk en het industrieterrein ligt een brede groenstrook. Een geasfalteerd wandel- en fietspad kronkelt er dwars doorheen. Aan beide zijden grazen enkele Galloway-koeien.

Eindelijk kan hij daar enkele volkstuinen realiseren. Eten moet je voelen, eten moet je zelf bereiden is zijn motto. Aardappelen, bieten, sla en boontjes, dat wil hij zijn klanten laten verbouwen. Niet koken met een blikopener!

Geconcentreerd schrijft Ruud zijn eerste recept. Kook de bieten een half uur, laat ze afkoelen, snijdt ze in schijven, reepjes of blokjes. Doe er wat kookvocht, azijn en kruiden bij en vul de glazen potjes tot net onder de rand. Zet ze afgesloten op zijn kop in de vaatwasser.

Hij lacht en zingt in zichzelf “ik wou dat de afwas af was…”





Auteur: Redactie

Kirovski (3)


Zelfs de politie durft amper een stap te zetten in de verloederde wijk in het westen van Sint Petersburg, niet ver van de boterfabriek. Menig crimineel houdt zich hier verborgen. Achter een van de vele garagedeuren zitten twee mannen hun nieuwe inkomen te beramen.

Een benauwende lucht van rook, alcohol en dode muizen vult de ruimte. In het weinige licht van een oude Philips-metaaldraadlamp lijken de twee met hun vettige grijze haar en vieze spijkerbroek wel een tweeling.

De fles vodka gaat van de een naar de ander. “In het Kirovski-hotel verblijven nogal wat rijke stinkerds. We gaan kluisjes jatten,” stelt de een terwijl hij een flinke slok neemt.

De volgende dag staat het luxueuze hotel in brand. Twee mannen hakken snel, voordat de politie arriveert, enkele kluisjes uit het hotel en laden ze in een gammel vrachtwagentje van de boterfabriek. “We zijn rijk!”, juichen de twee en rijden weg.





Auteur: Twidioom

Kirovski (2)


‘Vijf-negen-vier’ ontbreekt, hij kijkt nogmaals en ziet ook het kluisje niet op een andere plek in de rij.

Pjotr draait zich om en kijkt om zich heen op zoek naar andere rijen met kluisjes, maar ziet ze niet staan. Net als hij het aan een stationsmedewerker wil vragen botst een man met tanige huid, grijs vettig haar en een vieze spijkerbroek met gaten erin, hard tegen zijn schouder. Het sleuteltje valt op de grond en tegelijkertijd bukken de mannen om het op te rapen waarbij hun hoofden hard met elkaar kennismaken en Pjotr een scherpe alcohollucht ruikt.

De grijze man schudt zijn hoofd en loopt snel door de mensenmassa het station in, Pjotr versuft achterlatend. Hij kijkt naar de grond, maar ziet het sleuteltje niet liggen, hij kijkt op naar de menigte, maar de man is verdwenen.





Auteur: Ellen Hopman

Thee


Daar zit hij, aan de grote tafel, zoals iedere woensdagmiddag, boontjes te doppen. Een markante man, zijn gezicht expressief, rimpels en slechts links en rechts nog wat haar op zijn hoofd. Zijn ogen verraden een kinderlijke humor die nog zichtbaarder wordt als die lacht.

Regelmatig kijkt ie even neer om daarna weer glimlachend maar toch in gedachten verzonken verder te gaan met de boontjes.

Zijn dochter komt binnen met wat thee en plaats een kopje bij hem naast de pan, om daarna weer richting keuken te verdwijnen. Behoedzaam legt hij het mesje aan de kant en schuift het kopje iets dichterbij.

Hij kijkt naar beneden zijn ogen glimmen, er straalt zoveel liefde uit, zoveel zorgzaamheid. Zijn grote handen tillen een meisje van vier op schoot. “Thee?” Zijn warme stem vult de kamer. Haar ogen stralen en ze geeft hem een kus en nestelt zich op schoot, haar lievelingsplek, “Lekker, opa.”





Auteur: Ellen Hopman

Verdwaald


Ze loopt door de drukke straten van de stad. Mensen schieten langs haar heen, links, rechts maar ze ziet ze niet. Slechts de zucht wind die ze achterlaten voelt ze op haar bleke huid. In het overdekte winkelcentrum is het niet anders, behalve dat de lucht warm voelt en geuren haar neus prikkelen. Een man botst tegen haar arm en als verstijfd staat ze stil, kijkt naar beneden en loopt langzaam verder als in een roes.

Zo ijzig als ze loopt zo snel gaat haar brein, het vliegt alle kanten op, prikkels blijven zitten en vermengen. De verwarring, de angst en het niet stop kunnen zetten van al die gedachtes maakt dat ze niets meer om haar heen ziet.

Geluiden worden echo’s, haar blik mistig, in de verte blaft een hond, even schrikt ze om daarna weer door te lopen. Ze is verdwaald, verdwaald in haar eigen hoofd.





Auteur: Hans Stavleu

Verliefd


Zoals elke woensdagochtend komt Jesper als eerste op de project-werkplaats. Binnen enkele minuten stapt Melina eveneens het atelier binnen. Sinds de start van het project, zo’n drie maanden geleden, kunnen ze het uitstekend met elkaar vinden. Melina trekt haar hoofddoekje recht, glimlacht en zegt “Goedemorgen Jespertje”. Jesper moet daar steeds om lachen, hij vindt het wel lief van haar dat ze een verkleinwoord gebruikt. “Goedemorgen Melinaatje,” zegt hij glimlachend.

Het is een forse uitdaging om met een groep mensen groenten en kruiden in de kelder van de supermarkt te laten groeien op basis van licht en voedingsrijke damp: aeroponics. Maar zoals Melina vaak zegt “Het besef voor voedsel in de toekomst geeft ons energie om dit te doen.”

Jesper veegt zijn hand voorzichtig door de eerste plantjes tijm, oregano en basilicum. Hij brengt zijn hand naar haar gezicht. “De geur van onze toekomst, Melinaatje,” zegt hij op verliefde toon.

 





Auteur: Ellen Hopman

Mijn licht


Soms word ik overvallen door die leegte, niet één stem die het dan opvult. Een moment waar jou stem normaal had geklonken. Je schaterlach dat zo mooi stond op je lieve mooie gezicht. Je eerlijkheid, jij mooi mens. Soms word ik overvallen door een pijn die ik niet kan omschrijven, de pijn van leegte en gemis.

Op zo’n moment hou ik je vast, je foto tegen me aan en fluister ik je naam terwijl er een traan langzaam over mijn wang naar beneden glijd. Nooit had ik kunnen bedenken dat het zo zou zijn, zo leeg, zo pijnlijk, ook al weet ik dat het beter is.

Er zijn dan momenten dat ik me afvraag waar je nu bent, of je me kan horen of zien. Stiekem hoop ik dan dat je bent in het licht en oplicht als een engel, want dat zal je altijd voor mij blijven, mijn vriendin.





Auteur: Ellen Hopman

Het grijze goud   ( ♥ )


Mijn vingers omklemd om de harde schaal, starend naar dat grijsachtige ding. Ik kijk om me heen en zie hoe al die dappere mensen mij voorgaan. Eén voor één glibberen ze weg.

Langzaam breng ik het naar mijn mond en trek bij voorbaat een vies gezicht. Ik weet immers wat er volgt: de geur, dan de smaak. Mijn hand zakt weer en ik haal nog een keer diep adem en zie de verwachtingsvolle blikken die op me gericht zijn.

Waarom wil ik dit? Waarom doe ik dit ook alweer? Kom op, stel je niet zo aan, waarom zou het vies zijn? Iedereen hier doet het. Opnieuw staat het water me letterlijk aan de lippen. Dan hoor ik vanachter me een “Slikken, kreng!” Leuk zo’n vriend en ik schiet in de lach.

Plotseling glipt het weg. Een ziltige smaak vermengd met wat citroen, het slijm glijdt door mijn keel. Bah, oesters.





Auteur: Hans Stavleu

Flash mob


Johanna had allemaal zo goed bedacht. Het was misschien een beetje uit de tijd, maar een leuke, interessante, goed bedoelde flash mob is van alle tijden.

Na een paar weken had ze het voor elkaar. Ze had bijna 30 mensen bereid gevonden om mee te doen. Het onderwerp en tijdstip waren snel met elkaar geregeld.

Vijf voor zes. De laatste twee mensen verstoppen zich zorgvuldig.

Achter de supermarkt had Johanna, in overleg met de filiaalhouder, een boodschappenkarretje op het midden van het lege terrein geplaatst. Als een klant het wagentje zou terugzetten, zou iedereen uit hun schuilplaats komen en volop applaudiseren voor het goede gedrag.

Tien over zes en geen klant te zien.

Een man loopt het terrein op. Hij smijt een paar bomvolle vuilniszakken en een plastic tasje met blikjes bier in het lege winkelwagentje. Zwalkend duwt de zwerver het volgeladen karretje het terrein af.





Auteur: Hans Stavleu

Luisteren!


De Directeur-Generaal Energie, Telecom en Mededinging was dit niet gewend van zijn minister. De minister had zijn wenkbrauwen diep gefronst en ogen half gesloten. Hij keek de Directeur-Generaal venijnig aan, alsof het allemaal zijn schuld was. “Verdomme! Wat is hier in vredesnaam aan de hand?! Hoe weten ze precies welke plannen we hebben om onze economische veiligheid te waarborgen? Spionage!”

“Meneer de minister, Schoonenberg…” De minister onderbrak de Directeur-Generaal boosaardig voordat hij zijn eerste zin kon afmaken, “Wie is Schonegang, wie is die man?”

De Directeur-Generaal keek de minister met een scheve mondhoek aan. “Nu moet u, minister, even goed naar me luisteren. Bellingcat, het burgerjournalistiek netwerk, heeft zojuist bekend gemaakt dat alle gehoorapparaten van Schoonenberg, Beter Horen, Hans Anders, Specsavers en Hoorcomfort al drie jaar lang worden gehackt.”

“Eruit jij!” Hij rukte zijn gehoorapparaat uit zijn oor, en trapte het met grof geweld in gruzelementen.





Auteur: Ellen Hopman

Rijles


Ik kon niet wachten. De maand december was er eentje van aftellen, nog even en dan was het zover. Nog voor de wekker ging was ik al uit bed, eindelijk 3 januari, eindelijk achttien, maar wat nog veel belangrijker was, was mijn cadeau, mijn allereerste rijles. Slapeloze nachten had ik er al van gehad, talloze botsingen met lantarenpalen en andere obstakels die links en rechts op een stoep konden staan.

Met moeite kreeg ik mijn ontbijt naar binnen, benen wiebelend onder de tafel, mijn hart voelbaar in mijn keel. Steeds dwaalden mijn ogen naar de klok, bijna… nog even en dan mocht ik.

De bel, daar was die, de instructeur met een Mitsubishi Galant. Best groot als je maar 1.59 bent. Hij gaf me een kussentje zodat ik iets hoger zat, “beschamend”. Daar ging ik. Slechts sturend en heel zachtjes, maar 10 km per uur, geen keus.

Sneeuw en ijzel , natuurlijk!





Auteur: Hans Stavleu

Kirovski (1)


Tree voor tree beklimt Pjotr de tien meter hoge wenteltrap van het metrostation. In zijn linkerhand houdt hij een sleuteltje stevig vastgeklemd.

Voor een prikje had Pjotr een fraai, oud tafeltje met roodmarmeren bovenblad op de kop getikt. In de linkerla zat een sleuteltje met een labeltje waarop Aʙᴛᴏʙᴏ stond geschreven.

Aʙᴛᴏʙᴏ is het metrostation in Sint Petersburg dat in 1955 werd geopend. Het geldgebrek tijdens de bouw werd deels opgevangen door tafels, stoelen, een groot deel van de kluisjes, een wenteltrap en enkele pilaren van het in as gelegde Kirovski-hotel te hergebruiken.

Hij opent zijn hand en kijkt nogmaals naar het sleuteltje. Nummer ‘594’ moet hij hebben. ‘Vijf-negen-vier’ zegt hij in zichzelf. Pjotr neemt de kluisjes waar en fantaseert weer wat er in zou kunnen zitten. Een stapel bankbiljetten, liefdesbrieven, juwelen, een testament of een opgerold schilderij?

Zijn ogen glijden langs de vijfde rij van boven. 564… 574… 584… 604!





Auteur: César Noordewier

Heimwee


Het was een baan zonder enig toekomstperspectief: graffitiverwijderaar. Maar hij zat nooit zonder werk, en als dierenliefhebber moest hij toch iedere week flink wat voer, zaagsel en grit kopen voor zijn twee honden, drie katten, vier gekko’s en vijf hangbuikzwijntjes.

Op een goede dag stonden de Aarde, Venus en Saturnus in een uitermate gunstige positie ten opzichte van elkaar en werd hij opgemerkt door een vlogger, die oog had voor zijn vakmanschap. Een filmpje op YouTube deed de rest. Al gauw verscheen hij op televisie in allerlei praatprogramma’s, quizzen en commercials voor anti-rimpelcrèmes.

Als kers op de taart werd hij ook nog eens benoemd tot bijzonder hoogleraar Reinigingswetenschappen aan een gerenommeerde universiteit in Moldavië.

Drie jaar later zat hij zwaar aan de antidepressiva en verlangde naar die goede oude tijd, toen hij ’s avonds lekker met al zijn huisdieren op de bank naar Animal Planet keek.





Auteur: Ellen Hopman

Nachtgeluiden


Grote bruine beren maken een grommend geluid, een soort brom dat de aarde laat schudden en je bijna verstijfd doet staan, met als antwoord het oorverdovende geluid dat klinkt als de vijfde van Beethoven getrompetterd door een kudde olifanten die in paniek voorbij komen razen.

Stilte. De lucht om me heen siddert nog enigszins na. Ik houd mijn adem in, het zweet breekt me uit en knipper met mijn ogen . Snel kijk ik om me heen om er zeker van te zijn dat het gevaar is geweken. Uit het niets is daar weer het gegrom, de 5e van Beethoven eindigend met een hoge fluit, een vreemde vogel? Nee, mijn man snurkt.

Ik draai me om, mijn slaapstoornis neemt het nu over na al dit kabaal en plotselinge stilte, het houdt me langer wakker. Naast me ligt die vredig ademhalend.

Twee uur later het geluid van de wekker, wat een nacht weer.





Auteur: Ellen Hopman

Simpel


Met een verslagen blik staart ze naar de zojuist gekregen toets. Kruisjes, cijfertjes, alles waarvan ze tijdens de les al niets van snapte en wat nu nog ingewikkelder lijkt. Vluchtig dwalen haar ogen langs de vraagstukken, haar wenkbrauwen schieten omhoog en dalen weer.

Een diepe zucht “oké, we gaan dit maar gewoon doen” prevelt ze. Vraag 1 vraagt iets over een product? Haar chaotische massa bovenin draait overuren, dit weet ze wel. De inkt vliegt over het witte papier “een product is iets dat ik in de winkel koop.” Tevreden kijkt ze naar haar antwoord met een glimlach op haar gezicht.

Ook de tweede vraag lijkt toch vrij simpel, daar word een voorbeeld van worteltrekken gevraagd. Sneller dan bij vraag 1 belandt het antwoord op papier. Iets dat de tandarts doet.

Verder volgen er nog wat formules die als uitkomst een paarse krokodil krijgen.
Wiskunde? Ach een eitje eigenlijk !





Auteur: Hans Stavleu

Het moment


Ze zat al uren geconcentreerd te wachten. Als ze bewoog kraakte de houten keukenstoel onder haar billen.

Gespannen stuurde Lotte een berichtje naar haar vriend die helaas niet bij haar kon zijn, “Het gaat nu snel gebeuren, Charles. Kus!” Lotte slikte en borg behoedzaam haar telefoon op.

De afgelopen maanden had ze het niet gemakkelijk gehad. Haar nieuwe baan eiste veel. Elke dag zat ze een extra uur achter haar bureau in dat oude, warme gebouw zonder airconditioning. De zon brandde ‘s middags onaangenaam door het kleine raam haar kantoor binnen. De ruimte werd met het uur warmer en leek daardoor steeds kleiner te worden.

Vandaag was ze thuis gebleven. Ze wist dat het nu zou gebeuren.

Een plotse, harde knal liet haar schrikken. Lotte schreeuwde het uit en rende dansend de straat op. De onweersbui plensde recht in haar gezicht. Eindelijk!





Auteur: Ellen Hopman

Geschud


De eerste keer dat ik die benen zo naar buiten zag hangen dacht ik serieus dat ze uit de patrijspoort van een schip bungelde, hoezo?

Onlangs heb ik met mijn man en dochter een prachtige cruise gemaakt. Slapen op een cruiseschip is goed te doen mits de zee zich kalm houdt. Wij hadden een vrij kleine binnenhut en we hadden denk ik de pech dat we boven de machinekamer lagen. Dit geeft toch een vreemde ervaring als je gaat liggen.

Het geschommel,  gestoot, geronk en getril zorgde helaas bij onze dochter ervoor dat ze één dag zeeziek werd.

En oh wat had je dan graag zo’n patrijspoort willen hebben dat open kon om de overtollige inhoud naar buiten te laten verdwijnen. Helaas moesten wij het doen met een champagnekoeler op de kamer die ineens prima fungeerde als, ja, kotsbak.

Dus slaap nooit boven de machinekamer of kruip in een wasmachine.





Auteur: César Noordewier

Balen


Zes weken lang had ze als levende vogelverschrikker gewerkt op een koolzaadveld in het graafschap Essex. Iedere zuurverdiende cent had ze opzij gelegd voor die tattoo op haar onderarm.

Opgewekt stapte ze bij Tattoo Jimmy naar binnen. Een vriendin die in Spanje had gewoond, had de tekst zorgvuldig voor haar opgeschreven: ‘El año de Laura,’ oftewel ‘Het jaar van Laura.’

Dit jaar zou ze achttien worden, haar rijbewijs behalen, en een jaar lang in Latijns-Amerika gaan werken.

Maar het noodlot sloeg toe: Tattoo Jimmy had nog nooit van de Spaanse ‘tilde’ gehoord, het golfje op de letter ‘n’ en nu stond er ‘El ano de Laura,’ oftewel ‘De anus van Laura.’ De tattoostudio was inmiddels gesloten, het was weekend en ze zou tot maandag moeten wachten om dat diakritisch teken te laten aanbrengen.

Haar Latinovrienden zou ze in een blouse met lange mouwen moeten bezoeken, en dat bij 30˚Celsius…





Auteur: César Noordewier

Inventieve dictator   ( ♥ )


Het bleek een gat in de markt te zijn: slapen in een wastrommel. De dictator had overal in het land hotels laten bouwen, met in alle kamers grote wasmachines.

‘Waarom wasmachines?’ vroegen de mensen zich af.

Nou, het gerucht ging dat de dictator, die altijd win-win situaties bedacht, ‘s nachts speciale teams had ingezet die iedereen die in merkloze kleding over straat zwierf met grote netten aan lange stokken lieten oppakken en in busjes bij de wastrommelhotels lieten afleveren.

Daar werden ze, terwijl de toeristen in de eetzaal aan hun ontbijt zaten, in de grote wastrommels gestopt en gewassen. Als pasgeboren baby’s kwamen ze vrij van luizen, vlooien en schurftmijten weer uit de trommels gekropen. De daklozen, de vagebonden, de landlopers, de zwervers en de clochards.

En ziedaar, binnen twee jaar kreeg het land in alle gerenommeerde reisgidsen het predicaat ‘Goedkoopste vakantieland, met de schoonste mensen ter wereld.’





Auteur: César Noordewier

Reïncarnatie   ( ♥ )


De les maatschappijleer ging over reïncarnatie.

De docent vroeg als welk dier wij zouden willen reïncarneren. De meesten antwoordden ‘Als vogel!’

‘Daar verlangen veel mensen naar,’ zei de docent, ‘die vrijheid, en dat zweven door de lucht.’

‘Als olifant,’ zei Maureen, ‘die hebben een heel goed geheugen, dan haal ik alleen nog maar tienen.’

‘Als varken,’ zei dwarsligger Mario. ‘Daar hoef jij niet voor te reïncarneren!’ riep een jongen door de klas. Een luid lachsalvo van leerlingen en docent was het gevolg.

‘En Sophie, als welk dier wil jij reïncarneren?’ vroeg de docent ineens aan mij. ‘Als vlinder,’ antwoordde ik. ‘Vlinders hebben geen puistjes, en geen moeder die de hele dag sherry drinkt, en geen vader die alleen maar voetbal zit te kijken.’

Doodse stilte.

De tijd leek een ogenblik stil te staan, maar even later ging de bel, en we vlogen, dartelden en huppelden het schoolplein op.





Auteur: Thea Lansbergen

Bril


Mijn moeder overleed toen ze bijna 90 was en al jaren behoorlijk dement. Ook haar zussen leden aan deze nare ziekte. Niet zo gek dus dat mijn zus en ik alle twee een beetje benauwd zijn als we denken aan wat ook ons boven het hoofd kan hangen. Want het lijkt er sterk op (vrezen wij) dat dementie in de genen zit.

Het eerste wat ik dan ook tegen mijn man zei toen mijn bril spoorloos was: ‘Ik hoop dat we hem niet in de koelkast vinden’, denkend aan mijn moeder die op het laatst haar kam (keurig in een plastic zakje, dat wel) daar verstopte.

De bril bleek – twee dagen en ettelijke zoektochten later – gelukkig gewoon onder het bed gegleden te zijn.

Nu mijn e-reader nog. Die ligt daar in elk geval niet.





Auteur: Twidioom

Blikveld   ( ♥ )


Het was koud, nat en winderig, een perfecte dag om naar de dierentuin te gaan volgens mijn partner. Onze zoon werd op zijn gemak voortgeduwd in een buggy. Zijn benen in een knaloranje voetenzak, ieder dier functioneel negerend. Olifanten zag hij niet staan en keek zelfs niet reikhalzend uit naar de giraffen.

Kou en regen stuurden ons naar een gebouwtje tussen de bomen. De deur, gedreven door een enorme windvlaag, klapperde uitnodigend open. Het was er droog en nadat mijn ogen gewend raakten aan de ontbrekende wind, zag ik gorilla’s, die mijn zoon ook vakkundig negeerde alsof het de voorheen bezochte olifanten waren.

Ineens veerde hij op en wees naar een donker hoekje. Hij werd met de seconde enthousiaster en zwaaide met zijn armen en trappelde met zijn benen. Mijn partner was blij dat de dure entreekaartjes toch nut hadden, mijn zoon had een mus gezien. De dag was gered.





Auteur: Thea Lansbergen

Beauty


Dertien is ze, mijn kleindochter, en niet op haar mondje en achterhoofd gevallen.

Dat bleek laatst weer toen we het over vroeger hadden en ik (niet meer zo jong en slank als pakweg vijftig jaar geleden) vertelde dat ik wel eens fotomodel was geweest. “Ben jij dan knap geweest vroeger?”, kwam het verbaasd uit haar mond. Ik was er even stil van, mijn dochter nam het nog voor me op: “Je hebt het wel tegen mijn moeder hoor…”

Twee dagen later lag er een enveloppe in de bus, gericht aan de allerliefste oma. Er zat een fraai gekalligrafeerde tekst in: ‘Beauty comes in all ages’.





Auteur: Marja Kristel

Gegiechel


Gijs kon zo mooi giechelen. Ook wat eraan vooraf ging was de moeite waard. Achter zijn snor vormde zich een kleine glimlach, zijn ogen gingen een beetje dicht. Met één hand pakte hij zijn bril die hij iets voorover kantelde zodat de pootjes ergens halverwege zijn oren en kruin wat  piekerige haren van zijn schedel de vrije ruimte in stuurden. En dan die giechel.

Als zoon van een vader die werkte in ploegendienst in de Amstel-brouwerij had hij zich opgewerkt tot accountant en lid van de maatschap. In die hoedanigheid ontmoette hij allerlei hotemetoten: van bestuurders van multinationals tot voetballers van Ajax. Voetballen interesseerde hem niet (‘voetjebal’, zei hij) en hij was niet onder de indruk van het grote geld.

Zijn directheid en Amsterdamse humor waren eigenschappen die niet altijd goed vielen bij zijn mede-firmanten maar wel vaak anekdotes opleverden die met smaak verteld werden. Met die mooie giechel.





Auteur: Hans Stavleu

Genen


Avond aan avond zat mijn vader aan de klok te sleutelen. Na het acht-uur journaal werd de oude, halfronde Westminster-klok van de schoorsteenmantel gehaald en midden op de eettafel gezet.

Het deurtje aan de achterkant ging voorzichtig open. Met ingehouden adem en opengesperde ogen keek ik met hem mee naar het hart van de klok: een uurwerk met een indrukwekkende hoeveelheid koperen radertjes, wieltjes en slingertjes.

Zonder af te wijken van zijn verheven doel bracht hij geconcentreerd een pincet en een pietepeuterige schroevendraaier het tabelnakel van de tijd binnen. Een ingebouwd percussie-instrument moest bescheiden hamertjes op massieve staafjes laten tikken om de viertonige Big Ben melodie ten gehore te brengen. Elk kwartier.

Nu kijk ik op mijn horloge. Het kleine ronde scherm weerspiegelt de tijd in woorden, “twintig minuten over acht”, en daaronder het meest recente journaalbericht. Avond aan avond had ik daar aan zitten programmeren.





Auteur: Hans Stavleu

December 2028


Als Jaap Winter (56) zijn holovisie naar een willekeurige stream dirigeert vallen zijn ogen op een reeks voorspellingen voor het jaar 2029. Hoewel hij het allemaal flauwekul vindt, laat hij de voorspellingen toch voorlezen.

Er verschijnt een hologram van een vrouw voor hem. Hij heeft haar niet eerder gezien. Ze ziet er prachtig uit in haar kleurrijke kleding. ‘2029,’ zo vertelt ze hem, ‘wordt een jaar waarin uiterlijkheden de boventoon voeren. De mode…’

Met een zwaaiend handgebaar spoelt Jaap de vrouw een stukje door, waarna ze haar verhaal vervolgt. “De weelderigheid manifesteert zich eveneens in macho- en spierballengedrag. Er komt halverwege het jaar een nieuwe regering die met groot machtsvertoon aanzienlijke onzekerheid en spanning de samenleving in spuwt.”

Abrupt stopt hij de holovisie. ‘Wat een onzin,’ denkt hij,  ‘of zit er misschien toch iets in die astrologie voor het Chinese Jaar van de Haan?’





Auteur: Twidioom

Mijn dochter


Tijdens mijn zwangerschap heb ik mezelf altijd voorgehouden dat ik het geslacht van de baby niet wilde weten. Ik wilde verrast worden, helaas wilde mijn dochter dit niet. De echo was heel duidelijk, het werd een meisje.

Weten en die informatie voor je houden, dat is niet een van mijn talenten, dus heel snel wist iedereen dat we een meisje zouden krijgen met alle daarbij behorende cadeautjes. Poppen, knuffels, roze, liefelijk en zacht.

Het eerste speeltje dat ze naar zich toetrok was een rode beetle van haar broertje, het tweede was het gereedschapskoffertje dat ernaast lag en waar ze al rollend net bij kon.

Mijn dochter racet nu met auto’s en heeft mijn belofte aan mezelf gehouden. Ze heeft iedereen verrast door niet over de gebaande paden te lopen.





Auteur: Hans Stavleu

De brug


Bayezid rekte zich uit. Hij was boos. Behoorlijk kwaad zelfs. Dat hem dit werd geflikt!

Per ongeluk kwam een week geleden zijn haakje in de broek terecht van zijn buurman en concurrent Eser. Hij moest er toen om lachen.

Precies op het moment dat hij gisteren zijn hengel over de reling van de brug uitwierp, passeerde een groepje opgeschoten jongens. Lachend en joelend schoven ze zijn volledige dagvangst het water in. De vissers naast hem deden niets: ‘op de brug maak je geen vrienden.’

Vandaag, nog steeds geagiteerd, beschreef hij een groot vel vergeeld papier en plakte het op het raam van zijn Galatabrug-restaurant. ‘Neem uw eigen verse vis mee, we maken er de lekkerste Istanbul-Homeros van.’





Auteur: Hans Stavleu

Maandagmiddag


Voorzichtig liep ze de drie houten treden op om niet teveel geluid te maken. Hij zou misschien schrikken en dat wilde ze niet. Op het moment dat ze de kamer binnenstapte had hij haar al gehoord. ‘Hallo, lieverd,’ hoorde ze hem heel zachtjes zeggen, ‘fijn dat je er weer bent.’

Al meer dan een jaar stelde ze hem elke maandagmiddag dezelfde vraag “Zal ik een kopje thee voor je zetten?” Dit keer antwoordde hij niet direct. Ze keek hem aan, eveneens zonder woorden. Hij zag er broos uit. Moeizaam knikte hij.

Langzaam liep Avalon naar huis, het beeld van haar oude, zieke overgrootvader op haar netvlies gebrand, alsof haar brein zojuist een herinneringsfoto van hem had gemaakt.

Ze ging op het stoeprandje zitten en hoorde zichzelf zeggen ‘Hij is niet meer zo scherp als vorige week, het is hem niet eens opgevallen dat ik nieuwe schoenen draag.’