De camera verschuift van de glimmende knopen van haar jasje naar de interviewer.

“Kunt u, als volgeling van het eerste uur, iets zeggen over het pastafarisme?” begint de journalist.

Ze antwoordt zonder haperen. “Wij zijn, in een dronken bui, geschapen door het Vliegend Spaghettimonster. Onze ‘noedelige meester’ heeft ons opgedragen een vergiet als religieus hoofddeksel te dragen en een piratenpak als heilig kostuum. Hoewel we soms aanstootgevend zijn, bestrijden we armoede en ziekte en leven we in vrede.”

De verslaggever interrumpeert haar en komt direct tot de kern: “Er gaan wat geruchten over seksueel misbruik binnen uw geloofsgemeenschap.”

Ze neemt haar hoofddeksel af en houdt het omgekeerd in haar handen. “Weet u,” zegt ze en kijkt gedisciplineerd in de camera waarvan het lampje brandt, “bij godsdiensten zoals die van mormonen, Jehova’s, boeddhisten en katholieken kon dit tientallen jaren onder de pet worden gehouden. Dat gaat niet met een vergiet!”